De verticale volksverhuizing

In Shanghai wordt dit voorjaar de bouw hervat van een wolkenkrabber die 's werelds hoogste moet worden. Concurrerende aannemers zullen hun tekeningen direct aanpassen: nóg een paar verdiepingen erop. Wanneer houdt het op? Bij de Japanse kunstberg van vier kilometer hoog?

Het is heel simpel, zegt Jan Klerks, hoogbouwfilosoof te Rotterdam. Zet een stel kerels bij elkaar in de douche van de sportclub en geheid dat ze schielijk gluren naar de omvang van elkaars geslachtsdeel. En of een erectie nu van vlees en bloed is of van beton, dat maakt eigenlijk niet zoveel uit. Het achterliggende verlangen is gelijk: het liefst heb je de grootste.

En terwijl de mens het moet doen met datgene waarmee de natuur hem heeft toebedeeld, kan de potentie van een stad of zelfs van een heel land letterlijk worden opgekrikt door de kunstmatige aanplant van een woud van fallus-symbolen: wolkenkrabbers. Dáárom bouwen we die dingen, aldus Klerks, en niet omdat er zo'n schreeuwende behoefte aan is. Bij de oplevering van het Empire state building in New York in de jaren dertig was er door de economische crisis nauwelijks een huurder te vinden. 'Empty state building' luidde al ras de bijnaam.

Een recent voorbeeld is Shanghai: alom gezien als een vruchtbare bodem voor hoogbouw, maar tijdens de climax van de Aziatische crisis, in 1997, liep de leegstand in het financiële district op tot zeventig procent. De bouw van wat 's werelds hoogste wolkenkrabber (toen begroot op 521 meter) zou moeten worden, het Shanghai financial center, werd stilgelegd.

Inmiddels kan bruin het weer trekken: dit voorjaar wordt een nieuw begin gemaakt met de kolos. Hoe hoog de herziene editie wordt? Dat wil de aannemer niet zeggen - misschien wel omdat hij het zelf nog niet precies weet. Het zal niet de eerste keer zijn dat aannemers van concurrerende wolkenkrabbers elkaar met een extra bovenetage of antennemast op het laatste moment proberen af te troeven. In elk geval zullen de bestaande recordhouders, de beide Petronas-torens in Kuala Lumpur (elk 509 meter), door de toren in Shanghai worden overtroffen.

Er zijn echter kapers op de kust. Serieuze strijders in de eredivisie van de hoogbouw zijn de Kowloon MTR toren in Hong Kong (480 meter), het '7 South Dearborn'-gebouw in Chicago (472 meter), de Sao Paulo toren in Sao Paulo (494 meter) en de Grollo toren in Melbourne (560 meter). Buitenbeentje is het 'World centre for vedic learning' bij Jabalpur in India, een maar liefst 763 meter hoge piramide waarin honderdduizend volgelingen van de Maharishi Mahesh Yogi zouden moeten gaan wonen. Eind 1998 werd de eerste steen gelegd, over de voortgang is weinig bekend.

De ervaring heeft geleerd dat het moeilijk valt te zeggen welk gebouw er uiteindelijk zal komen en welk niet. Hetzelfde geldt voor het tijdstip van oplevering, en daarmee blijft de race om de hoogterecords spannend. De belangen kunnen aanzienlijk zijn. Klerks: ,,Een stad kan zijn identiteit deels ontlenen aan hoogbouw. Kijk maar naar Rotterdam. Hoog bouwen en hard werken, dat hoort bij elkaar. Uit onderzoeken blijkt dat de hoogbouw in Rotterdam de bewoners met meer trots vervult dan de haven of zelfs Feijenoord. Fantastisch toch, als je over de Brienenoordbrug komt aanrijden en dan ineens de hele stad ziet liggen. Mensen die hebben meegemaakt hoe Rotterdam na de oorlog is opgebouwd, beschouwen dat als een soort bekroning. De stad is als een feniks opgestaan.''

Klerks is lid van de 'International council on tall buildings and urban habitat' (de internatonale raad voor hoogbouw in de stedelijke omgeving), een organisatie die onder meer ontwerpers en bouwers van hoogbouw verenigt. De Rotterdammer is voorzitter van een filosofisch georiënteerde werkgroep ,,die zich afvraagt waarom een gebouw daar nou zo hoog staat te wezen''. Zelf is Klerks econoom en socioloog, maar dat terzijde. Hardop nadenken over hoge gebouwen mag iedereen.

Parallellen trekken met het dierenrijk mag ook. Recentelijk is Klerks gefascineerd geraakt door de behuizing van termieten. ,,In verhouding tot de bewoners is een termietenheuvel zo hoog als een wolkenkrabber van 3,5 kilometer. Die hoogte heeft ondermeer een functie bij de klimaatregeling: binnen zo'n heuvel moet het altijd 22 graden zijn. Het is mega-hoogbouw, waar ook door architecten wel aan wordt gedacht.''

Sterker nog: er zijn ontwerpers die niet alleen in gedachten maar ook op papier de moderne wolkenkrabber van ruwweg een halve kilometer hoog al ver achter zich hebben gelaten. Met een paar honderd meter gestapelde stenen val je in New York, Hong Kong of Shanghai nu al nauwelijks meer op. Vooral Japanse architecten houden zich inmiddels bezig met de overtreffende trap. Waarom zij? Omdat ze volgens Klerks op technologisch gebied nog een soort minderwaardigheidscomplex voelen ten opzichte van het Westen. Daarnaast -en die rechtvaardiging voeren ze zelf aan- menen ze dat de bevolkingsgroei in hun eigen omgeving dusdanige vormen gaat aannemen dat er op den duur niets anders opzit dan een verticale volksverhuizing.

Neem het plan dat de firma Takenaka al in 1989 lanceerde voor de bouw van een stapelstad van een kilometer hoog. 'Sky city 1000' bestaat uit veertien schaalvormige etages die in het midden groen en gezamenlijke voorzieningen bevatten, en aan de randen woonappartementen voor 35.000 mensen. Drie maal zoveel mensen zouden in de kolos hun werkplek kunnen vinden. ,,De verwachtingen omtrent de realisatie nemen toe'', meldt Takenaka op zijn website.

Het kan nog grootser, getuige het ontwerp van de firma Hazama voor een 'Aeropolis': een toren van 2001 meter hoog -zes maal de Eiffeltoren- waarin driehonderdduizend mensen werken en honderdveertigduizend mensen wonen. De liften, in feite verticale metrostellen, stoppen elke 160 meter eventjes om de passagiers aan het drukverschil te laten wennen. Het duurt een kwartier voordat de top is bereikt. Snel naar beneden gaan om een vergeten boodschapje uit de auto te halen is er dus niet bij.

Dan is er de categorie monstrueuze megalomanie. Voorbeeld: het plan van architect Yahuhiro Hashimoto van de firma Taisei. Zijn 'X-Seed 4000'-toren is gemodelleerd naar de 3776 meter hoge Mount Fuji in Japan, en steekt daar zelfs nog enkele honderden meters bovenuit. Een gebouw van vier kilometer hoog dus, bijna de helft van de Mount Everest, te plaatsen op caissons in de Baai van Tokyo. Er moeten vijf- tot zevenhonderdduizend mensen in het gevaarte gaan wonen. Wat Taisei betreft kan de eerste steen van het gevaarte al binnen dertig jaar worden gelegd.

De overtreffende trap qua inwonertal wordt geboden door de concurrerende aannemer Shimizu. Die liet een 2004 meter hoge piramide op de tekentafels verschijnen -aan de basis 350 meter in lengte- waarbinnen maar liefst een miljoen mensen kunnen wonen en werken, verdeeld over honderd verdiepingen. Over het interne transportsysteem is al nagedacht: de horizontale en verticale liften en metrostellen kunnen per minuut 380.000 mensen verplaatsen. De 'TRY 2004' zou in zeven jaar tijd gebouwd kunnen worden, beweert Shimizu.

Wat te denken van dergelijke hemelbestormende plannen? Laten we om te beginnen niet denken dat de TRY 2004 er inderdaad over zeven jaar staat, zegt Jan Klerks. Al in 1956 ontwierp Frank Lloyd Wright een wolkenkrabber die ruim 1800 meter hoog zou moeten worden (voorzien van zes door atoomkracht aangedreven liften, een parkeergarage voor vijftienduizend auto's en honderd helicopterplatforms) en ook dat ding is nooit gebouwd.

Volgens Klerks is het te gemakkelijk om dit soort ontwerpen in de categorie science fiction onder te brengen en er verder geen woord meer aan vuil te maken. Het gaat volgens de hoogbouwfilosoof niet om deze specifieke ideeën, het gaat erom wat mensen beweegt zo'n gevaarte te willen bouwen en om met een paar honderdduizend anderen onder een dak te willen zitten. Want heus, zegt Klerks, ooit zal het ervan komen - en misschien maken wij het nog mee ook. ,,In de komende decennia zal ergens zo'n mega-woontoren worden neergezet. En er zullen mensen in gaan wonen. Maar dat is voor deze Japanse architecten niet van belang. Zij willen grensverleggend bezig zijn, zij willen aantonen dat in Azië zoiets mogelijk is. Die drijfveer is voor hen al voldoende. Het geeft een gevoel van vrijheid als je weet dat je in technisch opzicht tot zoiets in staat bent.''

En in technisch opzicht kan steeds meer, zo heeft de geschiedenis van het hoogbouwen geleerd. Oude beperkingen zijn opgeheven. Een wolkenkrabber hoeft aan de basis niet meer breder te zijn dan de top om het totale gewicht te kunnen dragen. Water wordt tot grotere hoogten gepompt. Constructies worden steeds lichter en beter bestand tegen orkanen en aardbevingen. Liften reizen sneller en hoger, maar bezorgen wolkenkrabberbedenkers wel grijze haren. Elk van de beide torens van het World trade center in New York heeft 99 liften, en om de wachttijd enigszins acceptabel te houden zullen hogere gebouwen er nog meer krijgen. Wolkenkrabbers van de toekomst -zeker de kolossen die de Japanners op stapel hebben staan- zullen daarom een transportsysteem hebben dat vergelijkbaar is met dat van een stad.

Het is maar de vraag of er daadwerkelijk mensen gaan wonen in het topje van een wolkenkrabber van een kilometer hoog. Waarschijnlijker is dat de bovenste etages worden gereserveerd voor kantoren en vrijetijdsvoorzieningen. Volgens Jan Klerks zullen het vooral jonge stellen en ouderen zijn die zich in de wolken gaan vestigen. De starters houden het na een poos weer voor gezien, als ze kinderen krijgen of als ze toch kiezen voor een huisje op het platteland. ,,Hoogbouw blijft altijd een extreme woonvorm die zeker in onze contreien nooit algemeen geaccepteerd zal worden'', zegt Klerks. ,,Daarom is het zo fascinerend. Omdat zo'n gebouw zo groot is, dwingt het mensen er een mening over te hebben. Je hoort een wolkenkrabber haast roepen: hier sta ik dan, wat vind je van me?''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden