De verbeelding onderscheidt ons

Nabokovs 'Lolita' een boek over verkrachting? Onzin! Zijn taal zet je op het spoor van het wonder van het bewustzijn. Aldus Lila Azam Zanganeh, die van lezers scheppers wil maken.

'I Vladimir Nabokov, salute you, life!'. Het boek 'De tovenaar, Nabokov en het geluk' van de Iraans-Franse schrijfster Lila Azam Zanganeh, toont verrassend vrolijke plaatjes van de Russische schrijver Vladimir Nabokov (1899-1977) die in korte broek met vlindernetje onder de arm bovenop een berg staat, of met zijn netje quasi-vervaarlijk op de camera duikt.

Ziehier, Vladimir Nabokov, het leven lacht hem toe! De frivoliteit van titel en foto's maken nieuwsgierig naar dit boek over de Russische schrijver, wiens beroemdste roman 'Lolita' (1955) nog steeds als een spook door onze letteren waart, van Arnon Grunberg ('Tirza') tot P.F. Thomése ('De weldoener'). Nabokov is geen schrijver waarbij je direct aan geluk denkt. Lyriek en euforie van de middelbare verteller Humbert Humbert die zich in 'Lolita' verliest in zijn twaalfjarige nimf ('mijn levenslicht, mijn lendevuur') mogen een extatische hoogte bereiken, de onderliggende seksuele malaise voel je aan je benen trekken.

Een rehabilitatie vindt Azam Zanganeh niet het juiste woord, maar wel vond ze het tijd dat Nabokov in een ander licht werd geplaatst. 'Ik raakte ervan overtuigd dat Nabokov de schrijver is die het beste over geluk schrijft', schrijft ze in haar inleiding. En dan gaat het niet om een verdwaasd gevoel van welbevinden (alleen koeien zijn op die manier gelukkig, aldus de schrijfster) maar om een manier van zien, om de verwondering, om 'het vangen van de lichtdeeltjes die om ons heen twinkelen'. "Zelfs in het duister of de dood, zo houdt Nabokov ons voor, trillen dingen van een zacht stralende schoonheid, en is overal licht te vinden."

'De Tovenaar' (deels fictie, deels biografie, deels literatuurstudie) is geen praktisch zelfhulpboek zoals Alain de Botton eerder schreef over Marcel Proust ('Hoe Proust je leven kan veranderen'). In Zanganehs boek gaan een lyrische lofzang op het lezen en meisjesachtige dweepzucht samen. Het is een zeer aanstekelijke ode aan Nabokovs stijl, taal en verbeelding 'als een vorm van nieuwsgierigheid en extase'. Een hartstochtelijk pleidooi voor de romankunst bovendien.

De schrijfster last onder meer een fictief interview in met de schrijver (die in 1977 overleed toen Lila tien maanden oud was). Ze voegt een woordenlijst toe van Nabokoviaanse begrippen, woorden als 'nymphetland', 'hymenoptoroid'. En ze gaat op vlinderjacht, het voorbeeld van Nabokov volgend ('een grap', meldt ze achteraf).

Azam Zanganeh was vorige week in Amsterdam om de Nederlandse vertaling van haar oorspronkelijk Engelse boek te presenteren. Ze werd in een openbaar interview aan de tand gevoeld door schrijver Arnon Grunberg, die ze kent uit New York, waar beiden wonen. Grunberg meende dat ze niet zomaar voorbij kon gaan aan de morele implicaties van 'Lolita'. Is 'Lolita' niet ook een gevaarlijk boek? De volgende ochtend betoont de schrijfster zich aan het ontbijt in haar hotel nog steeds verbaasd.

Azam Zanganeh: "Er zijn al veel te veel boeken geschreven over de morele implicaties van 'Lolita'. Het is alsof mensen zich schuldig voelen dat ze het boek waarderen, of dat ze gesteld zijn op Humbert Humbert, en dan verwoed gaan bewijzen dat Nabokov morele intenties had. Nabokov haatte schrijvers als Balzac of Gorki, die als documentaire-filmmakers hun eigen tijd vastlegden. Wat er goed of fout is aan 'Anna Karenina' is maar een klein facet van wat dat boek interessant maakt. De beste romans scheppen een uniek eigen universum, ze geven een uniek inzicht in de menselijke natuur. Ik lees niet om oordelen te vellen, en ook niet om iets te leren over mijzelf."

Waarom leest u dan wel?
"De taal, het vocabulaire. Ik ben een langzame lezer. Ik deed zes maanden over het lezen van Nabokovs 'Ada'. Ik lees iedere zin wel vijf tot zes keer. Literatuur op haar best geeft een kick, de 'rush of being alive'. Nabokov beheerst de taal (het Engels, zijn tweede taal) volkomen. In zijn vocabulaire put hij uit de biologie, de entomologie, de taal van het lichaam. Hij gebruikt talloze woorden die ik niet kende. Zijn taal brengt je in contact met het mysterie van het leven. Het gaat erom begrip te verwerven via de taal, zowel in duisternis als in schoonheid. Om het wonder van het bewustzijn."

Ergens in uw boek citeert u Nabokov die een geluksgevoel verbindt aan een gevoel van eenheid met zon en steen. Zo'n spirituele ervaring is voor de lezer toch niet weggelegd?
"Zeker wel! De momenten van betovering door de taal vind je overal. In de concentratiekampen vonden mensen troost in poëzie. Nabokov heeft het over de creatieve lezer, iemand die zo geconcentreerd leest, zo precies, zo accuraat, dat hij zelf schrijver wordt. Iemand die een woordenboek gebruikt en door te lezen nieuwe woorden ontdekt. De lezer schept unieke verbanden en ervaringen die niet meer tot het boek behoren, maar ook niet meer tot je eigen leven. Iets nieuws, een soort tussenwereld, die voor elke lezer uniek is. Bovendien worden de boeken die je leest deel van je bewustzijn. Je neemt ze mee in volgende ervaringen. Boeken kunnen je veranderen. Zelf ben ik na het lezen van 'Ada' en 'Lolita' door Amerika getrokken. Naar plekken als Death Valley, Arizona Desert. En het was alsof ik het landschap herkende, en dat ging verder dan een fysieke herkenning. Het was een diep gevoel alsof ik er al eens eerder geweest was. Iemand had het me al eens eerder laten zien, en zó mooi, zó levend."

U wordt geprezen door Azar Nafisi die in 'Reading Lolita in Teheran' ook over Nabokov schreef. Uw beider lezingen van 'Lolita' zijn echter heel verschillend. Zij heeft het over verkrachting, u noemt het een liefdesgeschiedenis.
"'Lolita' is geen realistische roman. Mensen die de roman zo interpreteren slaan de plank helemaal mis. Het is geen boek dat ons vertelt dat vrouwen een stem moeten krijgen, zoals Nafisi suggereert. 'Lolita' bevat honderden echo's, verwijzingen naar 'Alice in Wonderland', naar andere werken. Het bevat een aanval op Freud, verwijst naar Edgar Allen Poe. Het is 'n spel. Als je 't over verkrachters en meisjes van twaalf wil hebben, ben je in twee pagina's klaar."

Is uw lofzang op de literatuur en de verbeelding in deze tijd van memoires en bekentenisromans moeilijk te verkopen?
"Iedere uitgever die ik benaderde wilde memoires over mijn Iraanse achtergrond. Ik moest uitweiden over de verwantschap tussen mij en Nabokov (beiden zijn kinderen van ballingen, JR). Dat druist in tegen alles waar ik in geloof! Iedere uitgever wilde dat ik mijzelf zou presenteren als Iraanse schrijfster. Maar dat is helemaal niet interessant. Wie kan het wat schelen waar ik opgroeide en wat ik deed. Veel interessanter is het als ik van mezelf een verzonnen figuur kan maken. Het is erg ontmoedigend soms. De realistische school is veel te machtig geworden in Amerika. Amerika is een heel puriteins land, er is geen ruimte voor ambiguïteit. Verhalen moeten helder zijn, geruststellend, nuttig. Ambivalentie jaagt angst aan. In Amerika is alles voorbedacht. Als je een keertje koffie met iemand gaat drinken heb je een 'date', en een date is potentieel romantisch. Duidelijkheid heerst. Het feit dat ik geluk in verband bracht met de schrijver van 'Lolita' vonden ze heel ingewikkeld. Maar er is ambivalentie in iedere relatie, en met het wegfilteren van ambivalentie verlies je de sensualiteit.

Voelt u zich een roepende in de woestijn?
"In Frankrijk heb je al tien jaar een hausse aan wat ze 'autofiction' noemen. Verschrikkelijk! Schrijfsters die direct uit hun eigen leven putten, ze veranderen alleen de namen. Als lezer ben je als het kind dat door het sleutelgat naar zijn ouders gluurt. De lol schuilt puur in hoe ver ze zullen gaan, welke intieme details ze nog meer aan het papier zullen toe vertrouwen. De gesprekken in Parijs gaan alleen nog maar over wie wie is in die boeken. Het is 'fast food', het product van een verveelde samenleving. Als je verveeld bent, wil je weten of het leven van je buurman niet interessanter is dan het jouwe."

"Voor mij moet een roman een verzonnen universum scheppen en je laten geloven in dat universum. Maar schrijvers van nu brengen dat niet meer op. Er is geen verlangen meer om in iets te geloven. Terwijl dat wat ons onderscheidt onze verbeelding is. 'Ik weet meer dan ik in woorden kan uitdrukken', zei Nabokov. Dat onzegbare schuilt onder het magnifieke patroon dat hij tekent. Als we de verbeelding verliezen, verliezen we ook die spirituele dimensie. Het geloof in wat we niet kunnen zien, maar waar we een vermoeden van hebben."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden