De veenmol, verguisd en geliefd

'Zoek de veenmol', vroeg ik mijn lezers eind maart. Dat heb ik geweten: wekenlang ontving ik e-mails en brieven over dit merkwaardige insect. De briefschrijvers meldden niet alleen waar ze veenmollen hadden aangetroffen, maar vroegen ook wat ze tegen dit schadelijke dier konden doen.

door Henk van Halm

De aanwezigheid van veenmollen in de tuin merk je aan de een tot anderhalve centimeter wijde gangen, aan smalle mollenritten net onder het maaiveld en aan verwelkende plantjes, waarvan de wortels zijn doorgebeten.

De meest gebruikelijke manier om veenmollen te bestrijden is 'van één veenmol twee maken', met andere woorden ze met de spa in tweeën steken. Hard, maar veel mensen doen met wespen niet anders. Het is tenminste een vorm van bestrijding zonder landbouwgif. Parijs Groen werd tegen bijna alle schadelijke insecten en schimmels gebruikt. Slakkenkorrels worden nog steeds tegen veenmollen ingezet. Een Zeeuwse lezer schreef zelfs dat zijn vader zestig jaar geleden wat afgewerkte olie liet lopen in een verticaal lopend veenmollengangetje om de bewoner omhoog te jagen. Over bodemverontreiniging gesproken...

Petroleum heeft hetzelfde effect en is bijna even schadelijk. Uit Duitsland kwam een milieusparende manier: in de gang wordt water gegoten en daarna een scheut slaolie. Door het water verdreven moet de veenmol door de slaolie heen, waardoor de ademopeningen worden afgesloten en het dier stikt.

Voortbestaan bedreigd

De veenmol gaat zo wel dood, en dat mag niet de bedoeling zijn. Tenslotte staat de veenmol op de rode lijst, wat betekent dat zijn voortbestaan wordt bedreigd. Sommige lezers zijn aanmerkelijk veenmolvriendelijker. In de wetenschap dat veenmollen voornamelijk in de bovenste grondlaag graven, plaatste Roel Slomp om een bed kwetsbare jonge plantjes een opstaande plaat kunststof of hout twintig centimeter in de grond. Je kunt ook gesloten kragen knippen van kunststof plantencontainers en die minstens tien centimeter diep om de bedreigde planten ingraven.

Veenmollen laten zich vangen in een jampot, juist onder de ritten ingegraven met de rand ongeveer vijf centimeter onder het maaiveld. De veenmol stuit al gravende op de pot, draait eromheen en valt erin, als hij boven de rand geen weerstand meer ondervindt. Gesuggereerd wordt onder loopplanken tussen de kweekbedden, waaronder veenmollen hele gangenstelsels graven, zo'n jampot een paar centimeter dieper dan de onderkant van de plank te plaatsen.

IVN'ster Anja Knijff uit Kamerik verzamelt de veenmollen in haar volkstuin om ze ver weg weer uit te zetten in een weiland, waar ze geen schade doen. Tot grote hilariteit van haar tuinburen. ,,Die geelbuiken hoor je dood te trappen.'' Zij vindt veenmollen fascinerende beesten.

Mooi insect

Het trof me dat meer lezers met een zekere genegenheid over de veenmol schreven. Zo heeft Corry Douma het over 'dit mooie insect'. En Jaap Hortensius, die ze na een halve eeuw voor het eerst weer terugzag in Hoek van Holland, schreef: ,,Wel leuk, zo'n vernieuwde kennismaking''.

Riet van der Meys uit Voorhout: ,,In 1984 had een tuinder 52 veenmollen uit zijn tuin gehaald. Ik heb ze nog niet gezien. Ik denk dat ze afnemen. Van mij mag die een worteltje mee-eten.''

Janneke Hoving vindt het een bijzonder dier: ,,Het ziet er prachtig uit met die graafhandjes''.

Boomkwekersvrouw Ria Scholten uit Boskoop denkt daar anders over. Ze schrijft dat veenmollen een plaag zijn in de boomkwekerij. ,,Zij knagen aan de boom 'tussen water en wind'. Dat is het stukje stam net boven de grond.''

Onbekend dier

Vorige week gaf ik een overzicht van de door mijn lezers gemelde vindplaatsen. De veenmollen werden vooral aangetroffen in veengrond en zavel en in de geestgronden achter de Zuid-Hollandse duinen, maar toch ook in rivierklei en zelfs in de zware Zeeuwse klei.

Verondersteld wordt wel dat de meeste Zeeuwse veenmollen verdronken zijn tijdens de watersnoodramp van 1953. Dat is niet waar. ,,Na de ramp van 1953 had mijn vader een andere tuin en ook daar waren ze aanwezig'', schrijft J.G.Boot uit Middelburg. Op Walcheren, Beveland en Schouwen-Duiveland zijn ze nog steeds algemeen.

N.Verburg-Engel uit Aalsmeer merkt op dat weinig mensen de veenmol kennen. Magda Sinke uit Oude Wetering schrijft: ,,Voor veel mensen is het inderdaad een bezienswaardigheid. Niemand kent ze en bovendien is de naam veenmol verwarrend: meestal denkt men dat het een soort gewone mol is.''

Een overval

Annie van der Kooij-Hagen beschrijft een overval van veenmollen. Ze groeide op aan de Reeuwijkse plassen en sliep in de opkamer van de boerderij, een kamertje boven de kelder. ,,De buitenmuur was helemaal begroeid met klimop, die mijn moeder op zaterdag met een schaar te lijf ging om de ramen en het rieten dak vrij te houden. Onder die klimop zaten vele kieren in de muur. Op een ochtend werd ik wakker en wist niet wat ik zag, maar wat ik zag vond ik doodeng. Een stuk of vijf, zes in mijn herinnering monsterlijke beesten van een centimeter of tien kropen over het zeil van mijn kamertje. Ik in paniek naar mijn moeder. 'O, dat zijn veenmollen', zei ze laconiek, pakte stoffer en blik en bonjourde de monsters naar buiten. Ik was stomverbaasd dat deze veenmollen mijn kamertje hadden bestormd, terwijl het behang er nog ongeschonden uitzag. De avonden erna durfde ik bijna niet naar bed. Maar ik heb daarna nooit meer een veenmol gezien.''

Oproep

Ben Brugge van de entomologische afdeling van het Instituut voor Systematiek en Populatiebiologie verzamelt waarnemingen van veenmollen uit Noord-Holland boven het Noordzeekanaal, waar kortgeleden een paar vindplaatsen werden ontdekt. Hij wil erover publiceren in de vakpers. Zijn e-mailadres is: brugge@science.uva.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden