de Vechthond: Terug in het straatbeeld en nog altijd gevaarlijk

Om op deze Dierendag maar meteen met een disclaimer in huis te vallen: ik hou niet van honden. Ik ben als bioloog van nature een dierenliefhebber. Maar ik ben geen fan van het gedomesticeerde roedeldier dat we ooit zelf gemaakt hebben, de hond. Sinds ik als scholier een bijbaantje als postbode had en altijd blij was als ik met ongeschonden kuiten en vingers weer was thuisgekomen, hoeven honden van mij niet meer. Honden (Canis familiaris) zijn gedomesticeerde wolven (Canis lupus), duizenden jaren geleden in samenspel met de mens ontstaan. Een hond moest destijds nut hebben. Als gevolg daarvan weerspiegelen de vele hondenrassen voormalige behoeften van de mens. Er zijn honden om dassen mee uit hun holen te jagen (inderdaad, dashonden), om een geschoten stuk jachtwild aan te wijzen (pointers), of om het op te halen en naar de jager te brengen (retrievers). Er zijn honden om schaapskudden bij elkaar te houden (herdershonden, hoe verzint men het), of om de kooiker in zijn eendenkooi te assisteren (het kooikershondje). En er zijn honden om te helpen met het hanteren van stieren. U merkte al dat de naamgeving van de hondenrassen weinig fantasie vertoont, dus zulke honden heten bulldog. Een oorspronkelijk Engels woord, dat bij ons met één l wordt geschreven, buldog dus. De bekendste buldogs zijn de norse politiecommissaris Bullebas en zijn criminele tegenhanger Bul Super uit het oeuvre van Marten Toonder. Bullebakken die je maar beter niet kunt tegenkomen, maar het zijn gelukkig stripfiguren.

Het laatste geldt helaas niet voor de vechthond zelf, de Staffordshire, pitbull, dogo of hoe ze verder ook mogen heten. Nu weet ik ook wel dat de hond gemaakt wordt door de baas, maar welk baasje wil nu per se een vechthond hebben, en waarom? Toch niet om zelf mee te vechten, neem ik aan. Maar wie moet er dan wel vechten met een vechthond? U? Ik? Of zijn ze slechts om mee te dreigen? Of om een statussymbool te hebben? Om iets te compenseren? Om gezag mee af te dwingen? Tussen 1993 en 2008 kende ons land na een aantal bijtincidenten de zogenoemde pitbulwet, officieel de Regeling Agressieve Dieren (RAD), die allerlei beperkingen oplegde aan het houden van een vechthond, zoals het verplicht dragen van een muilkorf en verplichte castratie. Het heeft niet geholpen; de risico's namen niet af en dus is de regeling maar weer afgeschaft - want zinloos. Vechthonden zijn dus terug in het straatbeeld en nog steeds gevaarlijk. Een plotselinge ontmoeting met het gemiddelde nichterige Pim-Fortuynhondje of Maltezer leeuwtje is minder riskant dan een botsing met een buldog.

De vechthond die een stamboom wil, moet onderworpen worden aan een MAG-test (Maatschappelijk Aanvaardbaar Gedrag), een soort Verklaring Omtrent Gedrag maar dan voor honden. Nu de asiels blijken vol te stromen met afgedankte ongesocialiseerde en geestelijk gestoorde buldogs die nooit voor een MAG-test zouden slagen, lijkt het mij tijd om de RAD weer eens op te poetsen en er een VAD van te maken, met de V van verbod.

Jelle Reumer is directeur van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden