'De Tweede Kamer heeft eindelijk geen dieronvriendelijke meerderheid meer'

Staatssecretaris Sharon Dijksma van Economische Zaken brengt een werkbezoek aan de Dairy Campus in Leeuwarden. Beeld anp

Open brief aan alle leden van de Tweede Kamer: Draai uw oproep tot een verbod op het gewasbestrijdingsmiddel neonicotinoïde terug. Het schaadt de belangen van boeren en tuinders. Agrariërs zijn van vitaal belang voor de Nederlandse economie. Wij vinden het besluit van de Kamer zeer teleurstellend. Was getekend: Syngenta.

Dit chemiebedrijf tastte begin deze maand diep in de buidel en verspreidde bovenstaande boodschap op paginagrote advertenties in de landelijke dagbladen. De tekst ademt verontwaardiging. Syngenta is fabrikant van bestrijdingsmiddelen voor de landbouw. Het bedrijf herinnert de politici eraan dat de agrarische sector voor 10 procent van het bruto nationaal product zorgt en voor bijna een vijfde van de totale nationale export. Hoe is het dan mogelijk dat de Kamer plotseling aandringt op het stoppen van het gebruik van neonicotinoïde, terwijl boeren en tuinders zoveel profijt hebben van dit 'gewasbeschermingsmiddel'?

Het antwoord voert terug naar 12 september vorig jaar. Op die verkiezingsdag zijn de krachtsverhoudingen in de Tweede Kamer flink veranderd. Het CDA duikelde naar dertien zetels in de Tweede Kamer en belandde op een historisch dieptepunt, tot verdriet van de agrariërs. De vanzelfsprekendheid waarmee hun belangen met succes werden verdedigd op het Binnenhof, is niet meer.

Lachende gezichten bij de twee Kamerleden van de Partij voor de Dieren (PvdD). Marianne Thieme en Esther Ouwehand streden jarenlang vergeefs tegen neonicotinoïde vanwege de schade die het gif aanricht bij bijen. Drie weken geleden diende de partij opnieuw een motie in die het kabinet oproept zich hard te maken voor een Europees verbod op het middel. En dit keer met succes. Een minderheid van VVD, CDA, PVV en SGP stemde tegen, een combinatie die juist altijd garant stond voor een ruime meerderheid.

"Een doorbraak", noemt Thieme de onverwachts aangenomen motie. Ze constateert dat er sinds de verkiezingen "geen dieronvriendelijke Kamermeerderheid meer is". "Alle lichten staan op groen voor een dier- en natuurvriendelijker Nederland."

Wat dat betekent, werd eind vorige maand voorzichtig duidelijk. De Kamer sprak zich in meerderheid, en op aandringen van de Partij voor de Dieren, uit voor een maximumduur van slachtdiertransporten, voor een verlaging van de Europese visserijsubsidies en voor minder gedode proefdieren in fokkerijen en laboratoria. Dat VVD en CDA consequent tegen al deze voorstellen stemden, had geen invloed meer.

Het past volgens Thieme in een patroon; de aandacht voor dierenwelzijn groeit al jaren op het Binnenhof. De Tweede Kamer was vorig jaar nog nauwelijks geïnstalleerd, of aan de overkant van het Binnenhof stemde de Eerste Kamer in met een verbod op het fokken van nertsen. Er ging jarenlang politiek gesteggel aan vooraf. Uiteindelijk stemden VVD, CDA, SGP en een enkele PvdA-senator tegen, te weinig om het wetsvoorstel te kunnen blokkeren. SP-Tweede Kamerlid Henk van Gerven, een van de initiatiefnemers, zei dat "het houden van dieren om hun bont moreel niet acceptabel is". "Het past niet meer in deze tijd. Er is geen draagvlak in de maatschappij voor dit vermijdbare dierenleed."

Het dierenwelzijn heeft van de opstellers van het regeerakkoord Mark Rutte en Diederik Samsom een aparte alinea gekregen. "Dat gebeurde vroeger echt niet", zegt Marianne Thieme. De PvdD-fractievoorzitter vindt het ook kenmerkend dat de ervaren en spraakmakende landbouwspecialisten de Tweede Kamer hebben verlaten. PvdA'er Harm Evert Waalkens bijvoorbeeld, eigenaar van een biologisch melkveehouderijbedrijf, is in 2010 uit Den Haag vertrokken. En Ger Koopmans, voormalig veehouder, stond bij de laatste verkiezingen te laag op de CDA-kandidatenlijst om terug te keren in de Kamer. Het ironische is, zegt Thieme, "dat ik nu een van langst zittende leden van de landbouwcommissie ben".

Op het Binnenhof wordt de Partij voor de Dieren al lang niet meer gezet als een clubje eendagsvliegen, die ten strijde trekt tegen het leed van een vis in een kom. De partij is sinds het debuut in 2006 volwassener geworden. Het fanatisme waarmee Thieme en Ouwehand de Kamer bestormden, gaat inmiddels gepaard met meer realiteitszin en humor.

Niet voor niets ontkende Marianne Thieme onlangs tijdens een Kamerdebat nadrukkelijk dat "de Partij voor de Dieren iedereen verplicht vegetariër zou willen maken, dat we dieren vermenselijken en het liefst voor elke duif een truitje zouden willen breien". Alsof de fractievoorzitter wilde zeggen: wij zijn een serieuze politieke partij.

Die lachende gezichten bij de Kamerleden van de PvdD zijn er niet alleen vanwege het naderende verbod op het gebruik van neonicotinoïde. De twee vrouwen zien voor de komende jaren op dierengebied 'interessante mogelijkheden'. Thieme merkte onlangs op dat de landbouw- en natuurparagraaf in het regeerakkoord van VVD en PvdA nauwelijks 'in ijzer en beton gegoten afspraken' bevat. Veel concreter dan een aangekondigd verbod op wilde circusdieren wordt het niet.

De coalitiepartijen hebben op het gebied van landbouw en dierenwelzijn hun handen nagenoeg vrij. PvdA-Tweede Kamerlid Sjoera Dikkers zegt dat het met Thieme en Ouwehand prima zaken doen is. "Je ziet het aan de diverse moties van de PvdD die wij de laatste tijd gesteund hebben. De aandacht voor dierenwelzijn in Nederland wordt sterker, ook hier in Den Haag. En dat komt toch vooral door de Partij voor de Dieren die allerlei misstanden aanzwengelt."

Dikkers ziet dat Thieme en Ouwehand pragmatischer te werk gaan dan enkele jaren geleden. In de Kamer is meer sympathie voor hun standpunten dan voorheen. Maar, zegt Sjoera Dikkers, er zijn genoeg voorstellen die voor de PvdA te ver gaan.

"Ik denk dat de diepste overtuiging van de partij is dat je helemaal geen dieren moet eten. En daar bouwen ze op. Dat resulteert in het pleiten voor allerlei verboden. Zoals in de discussie rond megastallen. Daar is mijn partij niet voor. Je draait een hele sector de nek om." De problemen rond dierenwelzijn zie je volgens Dikkers juist meer in kleine stallen. "Op dit belangrijke punt vinden de PvdA en PvdD elkaar niet."

Voor de andere coalitiepartij, de VVD, kan de nieuwe diervriendelijke meerderheid, zoals Thieme dat omschrijft, vervelend uitpakken. Economische belangen staan bij de liberalen voorop.

VVD-Tweede Kamerlid en landbouwwoordvoerder Helma Lodders zegt desgevraagd niet bang te zijn dat de aandacht voor dierenwelzijn ten koste zal gaan van het boerenbelang. Ze wijst op een passage in het regeerakkoord, waarin staat dat 'de agrarische sector een belangrijke economische motor is': En verderop: 'Boeren en tuinders verdienen dus de ruimte om te ondernemen'. "De PvdA onderschrijft dat ook", zegt Lodders. "En vorige week zei staatssecretaris Sharon Dijksma in een Kamerdebat dat de landbouwsector al heel erg duurzaam is. En dat ze vond dat dit 'ook weleens gezegd mag worden'." Voor Lodders waren dat geruststellende woorden.

De komende maanden moet blijken in hoeverre de coalitiepartijen daadwerkelijk op één lijn zitten. De Partij voor de Dieren zal naar verwachting diverse 'dieronvriendelijke praktijken' ter discussie stellen. Van het slachten van plofkippen en het kappen van de snavels van hennen tot het levend versnipperen van eendagshaantjes en het zonder verdoving bijsnijden van varkensstaartjes. Volgens Marianne Thieme en Esther Ouwehand is de kans op 'groene meerderheden' in het parlement groter dan ooit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden