De twaalf veldslagen aan de Isonzo

Aan de zuidoostelijke rand van de Alpen bergen ruige rotsen de gebeenten van vele militairen, gevallen in de twaalf slagen aan de rivier Isonzo. Jarenlang vochten Italianen er tegen de Habsburgse legers. De opbrengst? Een wereldberoemde roman.

Grazige weiden, klaterende beken, woeste rotspartijen, watervallen. Een idyllischer landschap is nauwelijks voorstelbaar. Geen wonder dat het Sloweense plaatsje Kobarid aan de voet van de meer dan 2000 meter hoge berg Krn in folders en op internet toeristen lokt die willen joggen, moutainbiken, paragliden, wildwaterkanoën of gewoon wandelen.

Kobarid bereik je vanuit Gorica, het stadje op de grens van Slovenië en Italië dat aan de Italiaanse kant Gorizia heet. Van daaruit volg je de schilderachtige rivier de So¿a, die vóór de grens nog Isonzo heet. Prachtig slingert de rivier zich door steeds hogere bergen, totdat hij Kobarid bereikt, dat de Italianen Caporetto noemen en de Duitsers Karfreit.

Voor een eerste kennismaking met Kobarid en omgeving loont zich een wandeling over 'het Pad der Vrijheid', beveelt de plaatselijke VVV de toeristen aan. Het blijkt een macabere route, die voert langs vervallen vestingmuren, soldatenkerkhoven, massagraven, gedenkstenen en rouwkapelletjes. Allemaal herinneringen aan de Grote Oorlog.

De rivier en de bergen vormden het decor van een enigszins vergeten maar daarom niet minder belangrijke veldslag in de Eerste Wereldoorlog. En het was niet één veldslag, het waren er twaalf, die zich afspeelden vanaf de zomer van 1915 tot de herfst van 1917. De slagen staan bekend als 'de twaalf slagen aan de Isonzo'.

Men moet zich dat proberen voor te stellen. Geen weidse vlakten zoals aan het west- en aan het oostfront, maar rotsen, spelonken en ravijnen, nauwelijks begaanbare wegen en razendsnel wisselende weersomstandigheden. De vijand kon elk moment en van overal opduiken. Van voren, van achteren, van opzij. Vluchtwegen waren er nauwelijks.

Wie wil daar nou in hemelsnaam vechten? Het Habsburgse Rijk had elders de handen vol. Dat had er maar een paar divisies gestationeerd, waarvan de soldaten de tijd doorbrachten met kaartspelen en achter de meisjes aan zitten. Van de Italianen meenden ze niets te vrezen te hebben. Een 35 jaar oud verdrag verzekerde de vrede tussen Italië, Oostenrijk en Duitsland.

Daar dachten de Italianen, onder druk van de Entente, anders over. In mei 1915 verklaarde Italië de oorlog aan het Habsburgse Rijk. Keizer Frans-Jozef was diep verontwaardigd: "Een verraad zoals de geschiedenis niet eerder kende." Onmiddellijk begonnen de Oostenrijkers troepen van het Servische front naar de Isonzo te verplaatsen.

Grottenstelsels

In juni 1915 zetten de Italianen de eerste aanval in. Het uiteindelijke doel was om via de hoogvlakte achter de Isonzo naar Triëst door te stoten. Maar wat de Italianen ook probeerden en hoe groot hun overmacht ook was, slag na slag was de terreinwinst minimaal. De enige verovering was de kale berg Krn, door de Italianen plastisch 'Monte Nero' gedoopt.

Aan de Isonzo stonden twee legers tegenover elkaar zonder ervaring met het vechten in het hooggebergte. De Oostenrijks-Hongaarse troepen waren tot dan toe alleen de steppen aan het oostfront gewend. En voor de Italiaanse troepen was het sowieso voor het eerst dat ze zich in oorlogshandelingen begaven.

Wandelt men het Pad der Vrijheid af, dan krijgt men een goede indruk van de extreme omstandigheden waaronder de soldaten hun gevechten leverden. Van loopgraven kon in de bergen geen sprake zijn. Met springstof werden ruimten gecreëerd waarin de soldaten zich konden verschansen. De bevoorrading geschiedde via smalle bergpaden en grottenstelsels.

En dan was er nog die verschrikkelijke sneeuw. In de eerste winter van 1915-1916 viel er meteen al vijf meter. De sneeuw was vaak de reden dat de gevechten werden onderbroken en de troepen zich ingroeven. Zo kwam het tot de twaalf veldslagen, die geen van beide partijen een beslissend voordeel brachten. Op de twaalfde na.

Het was inmiddels herfst 1917. De Habsburgse keizer Karel I, die in 1916 de overleden Frans-Jozef was opgevolgd, vreesde dat het Oostenrijks-Hongaarse leger een nieuwe Italiaanse aanval aan de Isonzo niet zou doorstaan. In een wanhopige brief riep hij collega-keizer Wilhelm II te hulp. "Een offensief is volgens mijn brave officieren de enige redding."

Tot ieders verrassing slaagden de Habsburgse legers met Duitse steun in een doorbraak. De Italiaanse legers werden uit de bergen verjaagd en teruggedrongen tot aan de rivier de Piave. De Italiaanse soldaten vielen aan totale verwarring ten prooi en lieten zich massaal gevangen nemen, als ze al niet waren gedeserteerd.

Hoe dat in zijn werk ging, beschrijft de toen 25-jarige Erwin Rommel, de latere supergeneraal van Hitler, in zijn memoires: 'We daalden door de struiken de berg af en keken plotseling onder ons op een vijandelijke stelling. We legden aan en riepen de Italiaanse soldaten toe dat ze zich moesten overgeven. Van schrik lieten ze de wapens uit hun handen vallen.'

Die twaalfde slag aan de Isonzo is de geschiedenis ingegaan als 'het wonder van Karfreit', respectievelijk 'de vernedering van Caporetto'. Het was de Oostenrijkers zelfs bijna gelukt om aansluiting bij het front in de Trentino te krijgen, hetgeen tot de complete vernietiging van het Italiaanse leger zou hebben geleid.

Dat het daartoe niet kwam, was te danken aan de steun die de Italiaanse troepen, eenmaal achter de Piave teruggetrokken, van hun bondgenoten kregen. Op het laatste moment kwamen er Britse, Franse en Amerikaanse hulptroepen opdraven. De Entente wilde koste wat het kost verhinderen dat Italië het bondgenootschap zou ontvallen.

Tot driemaal toe probeerden de Oostenrijk-Hongaarse troepen de Italianen bij de Piave de nekslag toe te brengen. Maar de derde veldslag, ook wel 'de slag om Vittorio Veneto' genaamd, eindigde in de herfst van 1918 in een Italiaanse overwinning. Toen was echter het Habsburgse Rijk al aan het uiteenvallen en streden zijn soldaten alleen nog voor de eer.

Verliefd op de verpleegster

Onder de buitenlandse vrijwilligers die de Italianen bijstonden, bevond zich ook een jonge Amerikaan, die bij het transport van gewonden hielp. Een avonturier die wel eens de geur van de oorlog wilde ruiken. Hoewel hij alleen het front aan de Piave leerde kennen, tekende hij ook de verhalen op die gewonde Italianen over de slagen aan de Isonzo vertelden.

Op basis van die verhalen en op basis van zijn eigen belevenissen schreef hij tien jaar later een beroemde roman, 'A Farewell to Arms', waarin de Amerikaanse hoofdpersoon gewondraakt tijdens een veldslag in het hooggebergte en verliefd wordt op zijn Britse verpleegster. Die romance was autobiografisch, de verliefde schrijver heette Ernest Hemingway.

In zijn roman beschrijft Hemingway hoe in de twaalfde slag aan de Isonzo onder de Italianen de paniek uitbrak. "'Het zijn Duitsers die ons aanvallen!', zei een van de hospikken. Het woord 'Duitser' boezemde angst in. We wilden niet met de Duitsers te maken krijgen. 'Het zijn vijftien divisies Duitsers, ze zijn doorgebroken, we zijn verloren!'"

Hemingway beschrijft hoe Italiaanse patrouilles in het achterland de vluchtende en deserterende Italianen opvingen, gevangen namen, verhoorden en in veel gevallen executeerden. Historici bevestigen dat de Italiaanse legerleiding de praktijk van het 'decimeren' invoerde: iedere tiende gevluchte militair werd ter dood gebracht.

Ook in Kobarid bevond zich een militaire rechtbank, maar daar waren de Italianen al snel na het begin van de twaalfde slag door de Oostenrijkers en Duitsers uit verdreven. In het voormalige gerechtsgebouw is sinds 1990 een museum gevestigd dat vrijwel geheel gewijd is aan de twaalf slagen rond de Isonzo. Een initiatief van de bewoners van het Sloveense stadje.

Het is een mooi museum, dat niet voor niets verschillende Europese prijzen heeft gewonnen. 'Het is geen oorlogsmuseum, maar een museum over mensen en hun nood', schrijft de directeur op de website. 'In het middelpunt staat de mens die hardop of in gedachten, voor zichzelf of voor zijn kameraden, in alle talen van de wereld, almaar 'verdomde oorlog!' zegt.'

Conserven en tabak

Meer dan 300.000 mensen hebben in de slagen aan de Isonzo het leven gelaten. En dat is slechts een ruwe schatting. Nog altijd vindt men in het onherbergzame gebied de gebeenten van gevallen soldaten. Bovendien wordt de telling bemoeilijkt door het grote aantal verdwenen (gevluchte? gedeserteerde?) soldaten, met name aan Italiaanse zijde.

In het museum wekken vooral de beelden, objecten en documenten die aan de Italiaanse soldaten herinneren de empathie van de bezoeker. Onervaren jongens, zo van het platteland geplukt, voor het eerst van hun leven in de bergen. En ze maakten niet alleen ellende mee. Dit schrijft een jongen aan zijn moeder over een rustpauze in het achterland:

'Vóór de oorlog bewerkten we de aarde en waren we gewend aan spaarzaamheid en gebrek. Hier tref ik voor het eerst dingen aan die ons onbekend zijn: sigaretten, koffie, conserven en tabak. Die vond je bij ons zelden, daar had je geld voor nodig, en geld was nu niet bepaald in overvloed voorhanden.'

Daartegenover staan de arrogante berichten van de Oostenrijkse en Duitse officieren. Een en al discipline en zelfbewustzijn. 'Toen we de top van de berg hadden veroverd, lag het slagveld als een landkaart aan onze voeten. Vanaf dat moment liep alles als een trein', noteerde de bevelhebbende Oostenrijkse generaal in zijn dagboek.

Maar 'het wonder van Karfreit' bleef een van de weinige roemrijke overwinningen van het Duits-Oostenrijke bondgenootschap. De vreugde was van korte duur. Het verval van de beide keizerrijken was niet meer te stoppen. Zelfs de zwakke Italianen gingen er na de ineenstorting van de beide supernaties vandoor met flinke stukken rijksgebied van de Habsburgers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden