De tijdbom tikt altijd in  broos Beiroet

De zelfmoordaanslag in Beiroet afgelopen week, herinnert de Libanezen eraan hoezeer hun land vatbaar is voor geweld en verdeeldheid tussen bevolkingsgroepen. Die verdeeldheid krijgen ze van jongs af aan mee.

Een burgeroorlog begint doorgaans niet op een specifiek moment: niemand verklaart de andere partij officieel de oorlog. Maar vraag een Libanees wanneer de Libanese burgeroorlog begon, en hij zal 13 april 1975 noemen. Op die dag vielen christelijke militieleden een bus aan die Palestijnen vervoerde van West-Beiroet naar het vluchtelingenkamp waar ze woonden. Er vielen 27 doden en daarna kwam het niet meer goed. Libanon zonk weg in een bloedig intern conflict dat pas in 1990 voorbij was.

Het kostte Lokman Slim en zijn (Duitse) vrouw Monika Borgmann een hoop moeite om de bus op te sporen. Die bleek een geheel eigen geschiedenis van ellende te hebben: na de eerste aanslag in 1975 knapte de eigenaar het voertuig nog op, maar toen er een paar jaar later een granaat in sloeg, dwong zijn vrouw hem de boel op te doeken en te verkopen. De bus roestte weg in een veld in Zuid-Libanon - tot 2011, toen Slim het verfomfaaide exemplaar vond en een ereplekje gaf in de expositieruimte van zijn organisatie Umam.

Vier trucks vol materiaal
Met zijn organisatie Umam probeert Slim, een 51-jarige publicist en documentairemaker, praktisch op eigen houtje iets te doen wat de Libanese overheid nalaat: het vastleggen van de recente geschiedenis van Libanon. Umam, opgericht in 2004, archiveert, herdenkt, en probeert te leren van het bloedvergieten dat Libanon al decennia kenmerkt - ook na afloop van de burgeroorlog. De organisatie brengt, in de woorden van de oprichter, het Libanese 'paradigma' in beeld van een vicieuze cirkel van geweld.

Slim houdt kantoor in zijn villa in Zuid-Beiroet, waarvan de onderste verdieping dienst doet als werkruimte voor Umam. De kamers staan volgestouwd met stapels archiefmateriaal - kranten, tijdschriften, foto's en andere parafernalia. Materiaal komt overal vandaan. Zo reed Slim eens langs het Carlton-hotel in Beiroet, een plek waar tijdens de oorlog veel politieke bijeenkomsten plaatsvonden. Hij zag dat er een container bij het afval werd gezet: het archief. Het leverde vier trucks materiaal op.

Zelfopgelegd geheugenverlies
Maar Umam beperkt zich niet tot de burgeroorlog, zegt Slim. De organisatie wil juist laten zien hoe geweld steeds gereproduceerd wordt, hoe de herinnering aan geweld weer nieuw geweld voortbrengt. Altijd blijft het zoeken naar relevant materiaal. "Tijdens de oorlog van 2006 (met Israël, red.) strooiden Israëlische vliegtuigen boven Zuid-Libanon flyers met waarschuwingen aan de bevolking. Die hebben we ook in onze verzameling."

De oorlog van 2006 was een van de zeldzame momenten in de geschiedenis van Libanon dat de bevolking zich enigszins verenigd voelde. Maar dat duurde niet lang: het land is ook nu weer, mede onder invloed van de sektarische oorlog in het buurland Syrië, verdeeld in groepen - in sjiieten, soennieten, druzen en allerlei soorten christenen. Elke groep, zo niet elk individu, heeft zijn eigen herinnering aan de oorlog. "Een gemeenschappelijke herinnering bestaat niet", zegt Kelly Stedem, een Amerikaanse onderzoekster die voor Umam werkt. Geschiedenisboeken houden op bij 1943, het jaar dat Libanon onafhankelijk werd. "Er is in dat opzicht een soort zelfopgelegd geheugenverlies."

Daarom bestaat er in Libanon ook geen na- tionaal archief - niemand durft zijn handen aan het onderwerp van geschiedenis en oorlog te branden. Financiering is een groot probleem. Stedem: "De regering heeft niet eens geld over voor de restauratie van de historische havenstad Byblos, laat staan voor zoiets. Wij moeten het vooral hebben van fondsen uit Europa."

Geheime verklaringen
Niet dat ze bij Umam ongelukkig zijn dat zij het zijn die opdraaien voor het archiveren. De organisatie beschikt over gevoelig materiaal: geheime verklaringen van mensen die in de burgeroorlog dingen hebben meegemaakt, maar dat bij leven niet in het openbaar durven te zeggen - omdat ze bang zijn voor vervolging, voor wraak, of voor leiders van toen die nu nog altijd aan de macht zijn. Dit soort zaken zijn bij de overheid niet in veilige handen, denken ze bij Umam. Voor de zekerheid liggen er in het Nationaal Archief van Finland zelfs kopieën van de verklaringen.

Hoe moeilijk het is om iets gemeenschappelijks te creëren voor de Libanezen, ondervond Umam trouwens ook met de bus. Nadat die een tijd in de expositiehal had gestaan, bedacht de oorspronkelijke eigenaar dat dit stukje nationale geschiedenis hem persoonlijk misschien geld zou kunnen opleveren.

Hij eiste de bus terug. Die staat nu ergens op een parkeerplaats in Beiroet.

Ismat Annah (14)
Middelbaar scholier

Sjiitisch moslim

Welke herinnering aan de burgeroorlog heb je meegekregen?

"We hebben het thuis weinig over de burgeroorlog. Mijn vader was klein toen de burgeroorlog begon, hij woonde vlakbij waar gevochten werd in Zuid-Beiroet. Mijn opa was journalist en mijn vader wilde dat ook worden - hij nam de geluiden van de bommen op."

Voel je je Libanees, Arabier of soenniet - en in welke volgorde?

"Ik voel me eerst Libanees, dan Arabisch. Sjiitisch, soennitisch, wat maakt het uit: als we het niet over dat soort dingen zouden hebben, zouden we een groot land zijn. Elke keer als we onderscheid maken, doen we een stapje achteruit.

Spelen sektarische gevoelens een rol in je leven of je vriendenkring?

"Je wordt hier al jong doordrongen van religieuze tegenstellingen. Mijn jongere broertje van negen begrijpt dat al - dat is het probleem van Libanon. Je kan hier niet leven en dat niet weten. Op school merk ik het ook. Bij geschiedenisles bijvoorbeeld, of als het over de islam gaat. Leerlingen zijn terughoudend om vragen te stellen, omdat ze niet willen verraden wat hun religie is.

Libanon is een raar land. Zelfs de universiteitspolitiek is hier verdeeld langs de politieke partijen. Toen mijn broer voor Hezbollah in de universiteitsraad wilde, werd ik bang. Bij de laatste verkiezingen moest de politie zelfs ingrijpen op de universiteit! Mijn broer is gestopt, vanwege het risico."

Maak je wel eens grappen over religieuze groepen?

"Wij maken geen grappen, we zijn er te jong voor. Mijn oudere broer wel met zijn vrienden, maar dat loopt wel eens uit de hand."

Rima Sleem (25)
Student politieke wetenschappen

Druzisch moslim

Welke herinnering aan de burgeroorlog heb je meegekregen?

"Wat ik weet van de burgeroorlog komt via mijn familie. In 1977 is mijn oom vermoord, toen hij gewoon over de weg reed. We weten welke groepering het heeft gedaan, het waren leden van een christelijke militie. Mijn opa heeft daarna alles verkocht, zijn spullen gepakt en is naar druzisch gebied verhuisd. We moeten in de regio waar hij vandaan komt nog wel stemmen, en dat doen we op dezelfde partij die verantwoordelijk is voor de dood van mijn oom. Zij hebben het beste voor met het land."

Voel je je Libanees, Arabier of soenniet - en in welke volgorde?

"Ik voel me én Libanees én Arabisch én druzisch. Het zijn verschillende onderdelen van mijn identiteit. Sommige christenen zullen zich eerst Libanees noemen, omdat ze eigenlijk vinden dat Libanon een christelijk land is."

Spelen sektarische gevoelens een rol in je leven of in je vriendenkring?

"Ik heb soennitische en sjiitische vrienden, maar we vragen elkaar niet naar politieke voorkeur, ook al studeren we politieke wetenschappen. We spreken ook niet over de details van onze religie. We zijn allemaal moslim, maar dan krijgen we ruzie."

Maak je wel eens grappen over religieuze groepen?

"Nee! We maken geen grappen over elkaar, dat zou ik nooit doen. Mijn vader zegt altijd dat je iedereen moet respecteren."

Yara Binni (21)
Verpleegster

Soennitisch moslim

Welke herinnering aan de burgeroorlog heb je meegekregen?

"Mijn ouders vertellen veel over de burgeroorlog, vooral over één gebeurtenis. Zij waren op een dag weg van huis, en hadden mijn drie zusjes achtergelaten bij mijn tante. Die dag braken er gevechten uit in de buurt, er waren sluipschutters. Toen mijn ouders terugkwamen hoorden ze een ambulance, die omriep wie er die dag gedood waren. Ze hoorden de namen van mijn zusjes. Pas een paar uur later bleek dat ze nog leefden."

Voel je je Libanees, Arabier of soenniet - en in welke volgorde?

"Ik ben eerst Libanees, dan Arabisch en moslim. Wat voor je identiteit belangrijk is, is waar je vandaan komt. Religie kan veranderen, volgend jaar kan ik christen zijn, bij wijze van spreken."

Spelen sektarische gevoelens een rol in je leven of in je vriendenkring?

"Na 2005, de moord op (ex-premier) Hariri, begon het. Mensen begonnen dingen persoonlijk op te vatten - als ik iets kritisch zei over salafisten bijvoorbeeld, dan zeiden ze 'Jij bent geen echte soenniet'. Het is heel bizar, maar mijn ouders wonen in dezelfde straat als Ahmad Al-Asir (een radicale soennitische prediker, red.). Vroeger gingen we in zijn moskee bidden, hij was een heel aardige kerel. In zijn moskee ging het nooit over politiek. Tot twee jaar geleden, toen begon hij te veranderen onder invloed van Syrië. Mijn familie is uit zijn moskee weggegaan."

Maak je wel eens grappen over religieuze groepen?

"Onder vrienden kan je zeker grappen maken, dan kan ik zeggen 'Ah, jij bent een sjiiet, kop dicht'. Maar je moet dat niet bij iedereen doen."

Maroen Aonad (18)
Student Wiskunde

Christen

Welke herinnering aan de burgeroorlog heb je meegekregen?

"Mijn ouders hebben het heel vaak over de burgeroorlog. Meestal gaat het over de ontvoeringen - dat was heel gevaarlijk: veel vrienden van de familie is het overkomen. Ze gingen 's ochtends weg uit huis en kwamen niet meer terug. De wijken waren voor de burgeroorlog veel gemengder. Mijn moeder woonde in een wijk hier dichtbij. Dat is nu een moslimwijk, ze moest vertrekken."

Voel je je Libanees, Arabier of soenniet - en in welke volgorde?

"Ik ben eerst Libanees, dan Arabier, dan christen. Mijn doel is een seculier land. Ik denk dat het slecht is jezelf langs religieuze lijnen te definiëren - want dan denk je eerst aan je geloof en pas dan aan je land. Dat hebben we al gehad, en het heeft niet gewerkt. De christenen zijn na de burgeroorlog minder sektarisch geworden: eerst dachten ze dat het land van hun was, maar nu hebben ze zich gerealiseerd dat ze het moeten delen."

Spelen sektarische gevoelens een rol in je leven of in je vriendenkring?

"Het conflict gaat nu tussen sjiieten en soennieten. Ik begrijp dat niet, ik ben geen moslim. De situatie is nu het best voor christenen: er is geen oorlog, en soennieten en sjiieten vechten met elkaar."

Maak je wel eens grappen over religieuze groepen?

"Ik ken niet zo veel grappen over groepen. Er is wel Aboe Labed, dat is de hoofdpersoon van veel moppen (een onhandige goedzak, red.). Dat is een moslim, althans: als we die moppen vertellen gebruiken we altijd dat accent."

Bassem Fleifel (25)
Bibliotheekmedewerker

Soennitisch moslim

Welke herinnering aan de burgeroorlog heb je meegekregen?

"Ik was heel klein in de laatste jaren van de burgeroorlog, maar ik kan me nog wel dingen herinneren. Bijvoorbeeld dat we moesten schuilen in de kelder van onze flat, een nare plek. Er waren heel veel kinderen."

Voel je je Libanees, Arabier of soenniet - en in welke volgorde?

"Ik voel me in de eerste plaats moslim, daarna Arabier, en pas daarna Libanees. Mijn land geeft me niks, woningen, onderwijs, het ziekenhuis: alles is duur."

Spelen sektarische gevoelens een rol in je leven of in je vriendenkring?

"Ik heb het idee dat de kloof tussen sjiieten en soennieten nu veel gevaarlijker is dan de kloof tussen christenen en moslims tijdens de burgeroorlog. Destijds schoten christenen niet op moskeeën, maar dat zie je nu wel gebeuren in Syrië: sjiieten schieten op soennitische moskeeën. Ahmad Al-Asir (een radicale soennitische prediker in Libanon die zich militant uitliet over sjiieten totdat hij onderdook, red.) weerspiegelt hoe soennieten zich voelen. De symbolen die sjiieten gebruiken beledigen me, en als je een reactie geeft, word je in elkaar gemept en doet de politie niets. Wij hebben ook gevoel!"

Maak je wel eens grappen over religieuze groepen?

"Ja er zijn veel moppen, bijvoorbeeld deze: 'Op de dag des oordeels blijken alle sjiieten in de hel te belanden, en de soennieten in de hemel. Uiteindelijk komt er een soenniet in de hel aan, de sjiieten juichen. Maar dan zegt de soenniet: Ik kom alleen een kooltje halen voor mijn waterpijp.' Die is me verteld door een sjiitische vriend."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden