De Tijd regeert het Leven in Ootmarsum

Geen stad in Nederland is zo verbonden met Pasen als Ootmarsum. Op zaterdag om 12 uur kondigt de stadsomroeper met een rondgang door het centrum het paasfeest aan, om 13 uur gaan de paaswagens beladen met dennenhout op weg naar de Paasweide aan de Almeloseweg en wordt het paasvuur opgebouwd. Zondagmorgen maken de Paoskearls (de paascommissie) om 8.45 en 14.15 uur een rondgang om de kerk onder het zingen van paasliederen. Om 17 uur gaan zij voorop in het 'vlöggeln'. Om 20.30 uur wordt het paasvuur ontstoken. Op tweede paasdag vindt het vlöggeln in de namiddag opnieuw plaats. Bijgaande wandeling is gebaseerd op een stadswandeling van de VVV en op het boekje 'Uit & Thuis in Ootmarsum' die allebei verkrijgbaar zijn bij de VVV, Markt 1, tel. 0541-292183.

Als het al een grap is, dan is die niet op z'n plaats: Ootmarsum hoeft zich niet te generen voor z'n beelden. 'De Siepelstad', zoals ze in Twente zeggen, heeft er nogal wat. Ze maken de stad mooier en leuker en houden de historie levend. De siepel of ui was in de middeleeuwen een populaire groente in de streek, inwoners van Ootmarsum liepen er tot in de wijde omtrek markten mee af. Ootmarsum mag dan wel een stad zijn, z'n agrarische achtergrond heeft het nooit verloochend. Vandaar de bronzen vrouw met de uienmand op het Kerkplein en vandaar ook 'Sjalotje' in de Wemestraat, een meisje dat siepels uit de grond trekt.

De historie drukt een stevig stempel op Ootmarsum en toch is het geen openluchtmuseum. Het hééft er wel een - Los Hoes, even buiten het centrum - maar dat ter zijde. Het geheim van Ootmarsum, schrijft Adriaan Buter in een boek over het Twentse stadje, is haar jeugd, al gaat die verscholen achter een antiek uiterlijk. 'De stad lijkt met de dag meer op het Ootmarsum uit de tijd dat de oude huizen van nu nog gloednieuw waren. Ootmarsum wordt elke dag meer Ootmarsum, dankzij een sterk gevoel van eigenwaarde en gemeenschapszin.'

Beetje hoogdravend natuurlijk, maar ze maken er in het Land van de Dinkel wèl wat van. Ooit was Ootmarsum een vestingstad, gesticht door de bisschop van Utrecht tegen de expansiedrift van het nabijgelegen Münster en aan het einde van de dertiende eeuw met stadsrechten onthaald. Ootmarsum, een naam die volgens historici 'heem van Othmar of Odemarus' betekent naar een Frankische koning die zich er omstreeks 125 na Christus vestigde, kreeg wallen en grachten en was met stadspoorten af te sluiten. In de Tachtigjarige Oorlog zochten de Spaanse troepen er een veilig onderkomen, maar prins Maurits joeg ze tot twee keer toe met een paar kanonkogels (een daarvan is nog zichtbaar in de zuidmuur van de R.K. kerk) de stad uit. Om de bevolking te straffen voor hun trouweloosheid liet de prins de wallen slechten en de grachten dempen, maar het patroon van straatjes, steegjes en pleintjes bleef gespaard. De bestrating is nog steeds authentiek, net als de 'molgoten' naast de rijbaan waardoor vroeger regen- en sopwater wegstroomden en de gier uit de stallen werd afgevoerd. De meeste straatnamen vertellen nog hun verhaal van vroeger: toen er een klooster stond of een gasthuis, de rooms-katholieke kapel door de protestanten in de zeventiende eeuw werd gedoogd en daarna weer verboden, de straat als openbaar toilet werd gebruikt (Plüske), er een ganzenmarkt werd gehouden en toen het straatje doodliep op de wallen (Keerweer).

Maar er is nog veel meer bewaard gebleven in Ootmarsum. Het plein rond de imposante dertiende-eeuwse kerk van Simon en Judas is een mooie locatie. Het oude stadhuis op de Markt fungeert nu als VVV-kantoor. De hervormde kerk uit 1810 is een bijzonder exemplaar. Historische panden met fraaie gevels zijn gerestaureerd, zoals het Cremershuis (een oude koopmanswoning uit 1656), het Stiepelhoes met z'n mooie vakwerk (nu onderwijsmuseum) en Hotel de la Poste (tot 1878 een Latijnse school waar onder anderen de politici De Savornin Lohman en Goeman Borgesius hun opleiding genoten en daarna een gerenommeerde pleisterplaats voor postkoetsreizigers). De Nachtwacht - tot 1917 een bekende verschijning die de lantaarns opstak, de burgerij beschermde tegen brand en diefstal en inwoners op verzoek wakker maakte - staat in brons op het Pleintje voor het verzorgingshuis en loopt in de oudejaarsnacht in levenden lijve met zijn ratel aan het hoofd van een lange stoet om iedereen in Ootmarsum 'Völ heil en zèègn' toe te wensen. Voor de Midwinterhoornblazer geldt hetzelfde: hij is in beeld gebracht naast het onderwijsmuseum en strooit in de tijd rondom kerst zijn melancholieke klanken over het platteland - alleen niet meer ter waarschuwing dat hij de Drost heeft zien uitrijden om pastoors op te pakken of andere 'Paapsche stoutigheden' te bestraffen.

Ootmarsum koestert ook z'n twee overgebleven waterputten. Eeuwenlang werden ze in het voorjaar door vrouwen uit de buurt schoongemaakt, de randen zijn diep uitgesleten door inwoners die er hun messen en ander gereedschap op slepen. Ze worden niet meer gebruikt, maar tijdens het jaarlijkse putfeest vormen ze nog steeds het bruisend middelpunt. Net als de oude stadspomp op de Markt, die met carnaval bier tapt.

Op de zonnewijzer die in 1993 vlak bij het Stiepelhoes werd aangelegd, staat de spreuk 'Tempus Vitam Regit'. De Tijd regeert het Leven - en dat is precies wat Ootmarsum zo kenmerkt, het hele jaar door en zeker in de tijd rond Pasen. Geen plaats in Nederland is zo in de ban van deze christelijke feestdag als Ootmarsum. Op Palmzondag is de jeugd al massaal met een zware palmpaas de straat op geweest, een stok met takken van de buxus-heester en versierd met broodhaantjes, ulevellen en renetappels. En met Pasen richt alle aandacht zich op het vlöggeln. Het is een soort reidans waarin mannen hand in hand door de stad trekken, onder het aanhoudend gezang van paasliederen, slingerend om de stiepels (middenpalen) van de schuurdeuren heen of dwars door cafés heen en eindigend op het Kerkplein. Voorop gaan de Paoskearls - acht jonge, katholieke, ongehuwde Ootmarsumse mannen, gekleed in een korte regenjas en getooid met een donkere hoed. Zij zijn de ceremonici van het paasfeest en vormen tijdens de hele Vastentijd een vast element in het openbare leven - op straat, in de kerk en rond het gigantische paasvuur dat zondagavond wordt ontstoken. Al jaren en jaren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden