De Texelse jutter Cor Ellen vond ruim 400 aangespoelde flessen met brieven erin. Een deel is nu te zien.

Cor Ellen heeft een kort wit baardje, heldere blauwe ogen en twee volle grijswitte wenkbrauwen, waarvan er een omhoog steekt. De 77-jarige Texelse jutter zwerft al ruim 65 jaar langs de hoogwaterlijn van zijn eiland. Ellens hele huis is ingericht met spullen die door de golven naar Texel gebracht zijn, net als zijn lichtbruine geruite pet en het zwarte vest dat hij aan heeft. ,,Dit vest was een sleepzak achter een vliegtuig, waar militairen op schieten als oefening. Ik heb het gekregen van een visser en de naaister maakte er een hessie van.''

Als jutter begon hij op zijn twaalfde in 1938. In die moeilijke tijden ging hij altijd op zoek naar brandhout. Van het mooie hout, dat hij ook regelmatig vond, maakte hij bijvoorbeeld een haspel of een damhek om aan boeren te verkopen. ,,Maar daarnaast werd ik regelmatig verrast door zeer uiteenlopende dingen die ook op eiland aanspoelden. Zo vond ik dertig jaar geleden een klein blikkie met een lepeltje erin, met een monogram erop van een firma uit Kopenhagen. Op zo'n moment heb ik iets in mijn handen van een schip en dat maakt me dag. Tot de dag van vandaag gebruik ik dat lepeltje.''

Tussen al die verrassingen uit zee zaten decennialang ook honderden flessen met een briefjes erin. ,,Op de plek waar ik die vind sla ik de fles meestal meteen te barsten, omdat ik dan zo nieuwsgierig ben. Als de brief nat is, leg ik die op mijn hoofd in de pet. Thuis is die dan opgedroogd. Flessenpost maakt me blij, want dan kun je laten weten dat die is aangespoeld. Ik stel me namelijk voor dat iemand dat graag wil weten en daar verheug ik me dan op.'' Degene die de fles in het water gooide, krijgt van Ellen een ansichtkaart toegestuurd met groeten uit Texel. Hij hoeft geen bericht terug, maar hoopt daar wel altijd op. ,,Alleen neemt niet iedereen de tijd om een brief terug te schrijven. Als iemand verhuisd zou zijn, krijg ik de ansichtkaart namelijk terug. Zo had ik een keer flessenpost uit Manila, die overboord was gegooid op de oceaan. De kaart die ik toen stuurde is heel de Filippijnen doorgegaan, maar kwam weer terug met allemaal stempels erop dat de persoon onbekend was.''

Ellen verzamelde in totaal ruim vierhonderd brieven die hij zorgvuldig bewaarde. Vroeger deed hij dat in een speciaal doosje. ,,Ik kijk er graag naar, waardoor het altijd binnen handbereik moet zijn. Maar de laatste jaren besefte ik pas dat de brieven kwetsbaar zijn. Toen begon ik ze in plastic hoezen te stoppen in een map.'' Een selectie van deze brieven is nu tentoongesteld. De helft van de door hem gevonden flessenpost is geschreven in het Nederlands. Voor de rest zijn er veel in het Duits en Engels, maar ook wel in het Noors of Frans en soms andere talen. De verste brief kwam uit Venezuela.

De eerste fles vond hij in 1936. ,,Grote jongens op school haalden die uit de zee. Het was een soort ansichtkaart in het Engels, zodat ik die niet kon lezen. Het bleek van een Engelse lerares te zijn die op Terschelling op vakantie was en de fles naar huis wilde sturen. Ik vond het prachtig. Zo hoefde je ook geen postzegel te gebruiken.'' Zelf gooide hij daarna ook een fles in het water. Hij dacht dat die in Friesland uit zou komen en beloofde de vinder een zak Texelse koek. Maar die vinder was een Texelse visserman. Dat was een teleurstelling. De tweede fles vond Ellen pas in 1950. ,,De oorlog zat ertussen, want die begon hier niet in 1940, maar al in 1938. Er werden al stiekem mijnen neergelegd. Het was een hoop ellende en mensen hadden kennelijk geen behoefte om flessenpost te versturen.''

Ellen heeft zelf ook regelmatig flessen in zee gepost, met het verzoek of de vinder contact op wil nemen. Die gooit hij dan vanaf de veerboot die van Hoek van Holland naar Harwich vaart. Ellen gaat namelijk regelmatig naar Engeland om June Goodwin uit Leicester te bezoeken. Hij leerde haar kennen via een aangespoelde fles, die ze in 1956 op weg naar het Kanaaleiland Jersey in zee wierp. Maar liefst dertien jaar later vond Ellen deze maritieme post op Texel, waarna hij contact met haar opnam en zo de lokale Engelse krant haalde. Ellen heeft ook een keer een Rotterdamse kapitein opgezocht, die regelmatig een fles overboord gooide. ,,Opeens stond ik voor zijn deur in korte broek met blote poten. We konden zo goed met elkaar opschieten. Het is een prachtkerel. Na die ontmoeting stuurde hij elke keer als hij in een haven kwam een kaartje.''

Van de 400 keer dat Ellen contact opnam met de flessenpostwerper, kreeg hij ongeveer in de helft van de gevallen antwoord. Soms volgde een briefuitwisseling. Ellen vond ook een keer flessenpost met het verzoek of de vinder de brief naar Cor Ellen zelf wil brengen, omdat de brievenschrijvers daar een onvergetelijke ontmoeting mee hadden. Dat is twee keer voorgekomen, maar die laatste keer ging het bijna mis. ,,Duitse kinderen maakten de fles kapot en lazen de brief. Maar omdat zij die niet konden lezen, gooide ze het papiertje weg. Een Hollandse familie ving het briefje op in de wind en bracht dat naar mij toe.''

Zelf schrijft Ellen de flessenpost uit nieuwsgierigheid of die bij iemand aankomt. De brieven die hij vond, zijn geschreven in eenzaamheid, uit verveling, in dronkenschap en uit balorigheid. Maar vrijwel altijd verlangt de schrijver naar contact met de onbekende vinder. Soms zijn het vrachtbrieven of loonlijsten van de scheepsbemanning. Andere keren zijn ze van kinderen die een schatkaart getekend hebben, met routebeschrijving erbij, of van waarschijnlijk dronken mannen die seks willen met de vindster, als ze mooi is.

De brief die Ellen nog het meest bijstaat is van twee jonge verliefde Duitsers, die nadat ze een jaar met elkaar gingen weer terug waren op Texel, waar ze elkaar ontmoet hadden. ,,In de brief verbazen ze zich erover dat ze zo'n fijn jaar achter de rug hebben en aan beide kanten staan allemaal hartjes getekend. Er is geen adres, maar ze hopen dat ze volgend jaar weer een vervolg in de zee kunnen gooien. Ik heb nog niets gevonden. Het gevaar is nu dat de verhouding stuk is, of dat de fles de andere kant op is.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden