Klein verslag

De tevreden rentmeester van landgoed Twickel

"Ik zie een tevreden man, in balans met zichzelf en geslaagd in zijn missie."Beeld Wim Boevin000

De rentmeester van landgoed Twickel stelt een wandeling voor door de parktuin van de buitenplaats. Het is tijd om de honden uit te laten, de twee heidewachtels, vader en dochter. 

De vader ligt tegen de voordeur, de dochter zit in een bench naast zijn bureau. Hij knoopt zijn jasje dicht, slaat een das om. Geen jas? zeg ik. De wind is fris. Nee, nee, zegt hij, als je in beweging bent, krijg je het vanzelf warm.

Albert Schimmelpenninck, nazaat van de laat achttiende-eeuwse raadspensionaris Rutger-Jan, is 33 jaar rentmeester geweest van het landgoed Twickel, met 6500 hectare het grootste particuliere landgoed van Nederland. Vierduizend hectare bevinden zich in Twente, rond de buitenplaats, het kasteel met zijn park en tuinen.

De rentmeester, die eind deze maand met pensioen gaat, weet iets van landgoederen; hij bezit er zelf één, bij Diepenheim. In een landgoed als dat van Twickel komt veel samen: cultuurhistorie, natuur, bosbouw, landbouw, recreatie. Pacht uit zowel landbouw als erfpacht is de belangrijkste inkomstenbron, grootste kostenposten in de exploitatie zijn onderhoud (er werken bijna vijftig mensen voor het landgoed) en landschapsbeheer.

Toen hij aantrad in 1984 trof hij een gemoedelijk, maar ingeslapen landgoed aan met veel achterstallig onderhoud; zijn voorganger was nog een man van de oude stempel; zijn vrouw bracht voor hem en zijn secretariaat elke ochtend om half elf de koffie, ingeschonken in kopjes. "Als je te laat was, was je koffie koud." 

We wandelen door de tuin, hij heeft me, niet zonder trots, de moderne, ondergrondse verwarmingsinstallatie laten zien, die het kasteel en de bijgebouwen verwarmt, en die gestookt wordt met houtsnippers uit het bos. Van buitenaf kun je alleen de slanke zwarte pijp ervan zien, die oprijst tussen de rododendrons, en die is uitgerust met een rookfilter, zodat hij praktisch alleen stoom uitstoot.

Tekst loopt door onder afbeelding. 

Beeld Wim Boevin000

Rentmeester

De heidewachtels buitelen door het gras en de struiken, de dochter rent bijna twee meter tegen een stam omhoog, vermoedelijk achter een eekhoorn aan.

Ik vraag hem of hij het landgoed een rationelere bedrijfsvoering heeft gegeven. Hij verplaatste en moderniseerde de rentmeesterij naar de werkboerderij tegenover het kasteel. "En ik vroeg twee telefoonlijnen aan, voor het geval er één bezet was . Waarom zou je dat willen, zei mijn voorganger. Een rentmeester belt niet, een rentmeester wórdt gebeld."

We wandelen langs de bluebells en de spiegelvijver achter het kasteel, hij wijst op een zichtlijn die heel in de verte een wit bruggetje prijsgeeft - aanpassingen van landschapsarchitect Michael van Gessel, die hij binnenhaalde om park en landerijen vorm te geven, zoals eind negentiende eeuw de laatste baron van Twickel dat had gedaan toen hij de grote Duitse parkarchitect Eduard Petzold zijn park liet ontwerpen.

Het landgoed staat er goed bij, het kan in zijn eigen exploitatie voorzien, ook nu de boerenstand is gekrompen van honderd pachters toen naar vijftig nu, maar het areaal bleef nagenoeg gelijk. Dat is misschien de grootste zorg: die boeren te behouden. Niet alleen als inkomstenbron, maar ook voor het landschap, in die machtige afwisseling van open cultuur en gesloten natuur.

Hij roept zijn honden uit de vijver.

Ik zie een tevreden man, in balans met zichzelf en geslaagd in zijn missie.

Lees ook de vorige column over het bezoek van Wim Boevink aan Twickel: Op landgoed Twickel is geen moment gewoon

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden