De terreur van de actualiteit

Men zou het de grootste ziekte van onze tijd kunnen noemen: de waan dat elke vernieuwing een verbetering is en niet een verslechtering. Een van de ergerlijkste symptomen van deze ziekte is de eis tot actualiteit.

Vooral producenten van boeken voldoen er braaf aan. Hoe vaak lees je niet op flapteksten of in voorwoorden bij heruitgaven van oude werken dat het betreffende boek 'nog steeds actueel is' of dat het 'antwoord geeft op vragen die ook nu nog gesteld worden', of dat het 'nog niets aan actualiteit heeft ingeboet', of -minder direct- dat 'de problematiek ook de huidige lezer nog aanspreekt.'

Niets schijnt zo funest te zijn voor de verkoopcijfers van een werk als de verdenking bij de consument dat hij zich iets laat aansmeren dat 'uit de tijd' is. De toekomstige lezer mocht eens denken dat hij zijn kostbare tijd zou verdoen aan het lezen van 'verouderde boeken'.

Een ander woord voor actualiteit is 'de waan van de dag'. Iedere krantenlezer, iedere televisiekijker wordt er elke dag opnieuw mee overspoeld. Het lijkt wel of deze waan met de dag meer greep op ons krijgt. En dat komt doordat we in het publieke domein steeds meer als consument worden aangesproken, namelijk als iemand die moet worden verleid om geld uit te geven. Niet alleen de reclame, maar ook de soaps en de lifestyle- en feel-good-programma's hebben maar één doel: de consument zodanig te hersenspoelen dat hij zodra hij het woorden 'nieuw' en 'vernieuwd' hoort, meteen naar zijn portemonnee grijpt. 'Vernieuwd' en 'beter' worden voorgesteld als synoniem.

De reclame heeft haar werk goed gedaan. De consument vraagt steeds vaker uit zichzelf om nieuwe dingen of om nieuwe prikkels om de verveling te verdrijven. De hang naar het nieuwe is tegelijk de oorzaak en het gevolg van de verveling. Verveling en vernieuwing zijn twee constanten die elkaar steeds sneller afwisselen.

Ook in de politiek heeft de verveling toegeslagen. De hang naar het nieuwe is medebepalend geweest voor de uitslag van de recente verkiezingen. Het blijkt dat een politicus steeds korter meegaat; en dat komt niet doordat we zijn verhaal al kennen maar doordat we op zijn gezicht zijn uitgekeken. Het succes van Fortuyn, Balkenende en Bos is niet in de eerste plaats gebaseerd op hun (al dan niet nieuwe) ideeën (of op hun 'gedachtegoed' zoals dat zo deftig heet) maar op hun frisse uiterlijk en hun capriolen. De politicus moet op een olifant gaan zitten, in een skelter rondjes rijden of in allerlei onbenullige programma's figureren. Het publiek (het stemvee) wil vermaakt worden.

De culturele sector is evenmin bestand gebleken tegen de waan van de dag. Ook hier zijn de verveling, de hang naar het nieuwe en de daaruit voortvloeiende sensatiezucht geïnfiltreerd. Op het toneel en in de expositieruimtes wordt de cultuurconsument met steeds buitenissiger kunstproducties geconfronteerd -'vervreemding' wordt dat met een nette term genoemd.

De literatuur, het boek, is inmiddels een product geworden als alle anderen. Het moet aan de lezer-consument verkocht worden, of -minder fraai gesproken- het moet hem door de strot worden geduwd. De lezer dient het nieuwste te lezen, niet het beste (De tijdloze filosoof Schopenhauer had dit al anderhalve eeuw geleden opgemerkt en er de spot mee gedreven: ,,Men denkt dat het met boeken hetzelfde is als met eieren, namelijk dat ze vers geconsumeerd moeten worden.'') Hij moet het idee krijgen dat hij ook bij de winnaars hoort. Vandaar de enorme boekpiramides in de boekhandels. Vandaar ook de met de regelmaat van de klok terugkerende hypes (Voskuil, Donna Tart, Geert Mak, Lulu Wang en noem ze maar allemaal op). Je moet sterk in je schoenen staan om je er niet door te laten meesleuren.

Het is de filosofie die zich van nature verzet zich tegen de eis van actualiteit, tegen de waan van de dag: ze geeft geen antwoorden -of beter gezegd: ze stelt geen vragen- die de actualiteit haar ingeeft, nee, ze stelt juist vragen die boven de tijd zweven, met andere woorden vragen die in het verleden gesteld werden, in het heden gesteld worden en in de toekomst gesteld zullen worden.

Deze tijdloosheid, deze reserve tegen de tijdgeest, maakt juist de kracht van de filosofie uit. Omdat de filosofie tijdloos is, is ze van alle tijden. Maar het tijdloze is alleen tijdloos als het nooit actueel is geweest en het nooit zal worden. Een actuele filosofie bestaat niet. Zodra de filosofie actueel wordt is ze al verouderd. Zodra ze zich inlaat met de waan van de dag is ze vals.

Het is meer dan ooit tijd om de oude meesters van filosofie en literatuur in stelling te brengen tegen de waan van de dag, tegen de uitwassen van het moderne leven, tegen de vluchtigheid van het consumentengedrag, ook in de cultuur! Laat dit voortaan het devies zijn: ,,Alleen wat de eeuwen getrotseerd heeft is van waarde; al het nieuwe is verdacht!''

Hans Driessen, filosoof en vertaler te Nijmegen, verzorgde de afgelopen maanden wekelijks deze rubriek over 'Oude meesters' en hun commentaar op al dan niet actuele gebeurtenissen. Dit is de laatste aflevering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden