De tent van God

De kunstredactie van Trouw vraagt een aantal musea om een bijzonder kunstwerk uit het depot te halen dat nog nooit of lange tijd niet te zien was voor het publiek. In deze aflevering de keuze van conservator Hermine Pool van het Bijbels Museum.

SANDRA KOOKE

De Israëlieten trokken onder leiding van Mozes veertig jaar door de woestijn, op weg naar het beloofde land. Al die tijd sleepten zij de tabernakel met zich mee, het tentachtige heiligdom dat als woonplaats voor God diende. In het binnenste - de heiligste ruimte - werd de Ark van het Verbond bewaard met daarin de Stenen Tafelen met de Tien Geboden.

Hoe zal die tent van God er uit hebben gezien? In de achttiende en negentiende eeuw hield die vraag de protestantse gemeenschap in Nederland flink bezig, vertelt Hermine Pool, de conservator van het Bijbels Museum. "De protestanten bestudeerden de Bijbel heel secuur. Zij hadden de behoefte om precies te weten hoe bijvoorbeeld de tempel van Salomo of die van Herodes er uit had gezien. Datzelfde gold voor de tabernakel." De Bijbel geeft heel wat aanwijzingen voor dit heiligdom: acaciahout voor de ark, getwijnd linnen garen en blauwpurperen en karmozijnrode wol voor het tentdoek, met goud overtrokken palen op zilveren of bronzen voetstukken om de tent op zijn plaats te houden.

Toch waagden maar weinig schilders zich aan de afbeelding van dit huis van God. Maar in het Paleis op de Dam, in de vroedschapskamer, hangt een wandvullend schilderij van de schilder Jacob de Wit (1695-1754) met daarop de tabernakel. Mozes staat ervoor en kiest de 70 wijzen die hem moeten helpen bij het leiden van het volk van Israël. De 70 wijzen waren bedoeld als voorbeeld voor de 36 vroede (wijze) lieden die de burgemeesters adviseerden bij het besturen van de stad Amsterdam.

Wat heeft een schilderij uit het Paleis op de Dam te maken met het depot van het Bijbels museum? Daar staat de olieverfschets die de schilder maakte om zijn bedoelingen duidelijk te maken aan de opdrachtgevers. Toen ze met het kleine formaat akkoord gingen, kon hij aan de hele wand beginnen.

Al is het nog maar een voorstudie van het grote schilderij, de olieverfschets is een sleutelstuk in de collectie van het Bijbels Museum, vindt conservator Hermine Pool. Een van de belangrijkste stukken van het museum is namelijk het model van de tabernakel dat dominee Leendert Schouten in de negentiende eeuw liet maken. Dominee Schouten bestudeerde de Bijbel zeer nauwkeurig en liet alle onderdelen van het heiligdom precies namaken, zoals ze in de Bijbel beschreven stonden.

Maar nu is het model van de tabernakel lange tijd uitgeleend geweest voor een tentoonstelling over Jodendom in de Nieuwe Kerk. Jacob de Wits geschilderde schets verdween daarom naar het depot. Hij had allang terug moeten hangen, vindt Hermine Pool, maar daar kwam een zeventiende-eeuws portretje van Jezus tussen en een andere tentoonstelling. Het portretje is er één uit een serie van acht Jezusportretjes. Amerikaanse kunsthistorici hebben onderzocht of ze van de hand van Rembrandt of van een van zijn leerlingen uit het atelier zijn. Pool: "Waarschijnlijk komt het portretje dat bij ons in het Bijbels Museum hangt wel uit Rembrandts atelier. Wie weet heeft de meester zelf er ook nog aan gewerkt." En ja, dan wil een museum zo'n schat uitgebreid laten zien aan het publiek.

De vraag van Trouw is echter een goede gelegenheid om Jacob de Wits olieverfschets weer tevoorschijn te halen. In het depot gaat de beschermende doek eraf en dan is de tabernakel in volle glorie te zien. Hij staat in een weids landschap. Links wat bergen, rechts wat palmbomen, maar verder de leegte van de woestijn. De tabernakel is op deze voorstudie veel beter te zien dan op het grote schilderij in het Paleis op de Dam. Daar verdwijnt het heiligdom in de verte achter de menigte. In de schets is hij het middelpunt van de voorstelling. Het goddelijke licht is ook veel minder heftig over de menigte uitgespreid dan in het Paleis. De Wit heeft dus nog aardig wat veranderd in het definitieve werk.

Op de olieverfschets zie je heel goed hoe het tentdoek er uit ziet. Je kunt zelfs de bloemmotiefjes zien die erin geborduurd zijn. De palen worden vreemd genoeg bekroond door corintische kapitelen. Het tafereel bestaat - precies zoals het in Exodus is beschreven - uit een buitenste omheining van stof, dan een binnenterrein en in het midden daarvan de tabernakel met daarin de Ark van het Verbond. Erboven hangt de wolk waarin God zich tijdens de reis door de woestijn manifesteert. Een stralend licht valt uit de wolk op de 70 mannen die biddend en dankend de goddelijke wijsheid ontvangen. Mozes staat er theatraal voor, met de twee lichtstralen boven zijn hoofd die vaak als gekke gouden horentjes worden afgebeeld. Pool: "Van deze scène met de 70 oudsten had De Wit geen enkele afbeelding als voorbeeld. Hij heeft daarom heel letterlijk het Bijbelverhaal uitgebeeld. Je ziet de tabernakel, maar ook het tentenkamp van de Israëlieten. De mannen staan afgebeeld in oosters aandoende kledij. De Wit dacht kennelijk dat ze er in Mozes' tijd zo bij liepen."

Dat het nou net Jacob de Wit is, die dit schilderde, is bijzonder aardig voor het Bijbels Museum. Want in de twee grachtenpanden waarin het Bijbels Museum sinds 1975 gehuisvest is, heeft Jacob de Wit zijn eerste grote plafondschildering gemaakt. Hij was pas 21, net terug van een opleiding in Antwerpen, toen de welgestelde Jacob Cromhout - de toenmalige bewoner - hem vroeg voor een plafondschildering. Met de Olympische goden en tekens van de dierenriem waarmee hij het plafond in de Grote Salon in 1718 versierde, maakte hij naam in heel Amsterdam. En zo volgde in 1735 die prestigieuze opdracht voor het Paleis op de Dam. Door het mecenaat van de familie Cromhout werd Jacob de Wit een schatrijke en veelgevraagde schilder. Want iedere patriciër wilde wel zo'n plafond voor zijn grachtenpand of buitenhuis.

Tegenwoordig is hij vrijwel vergeten. Maar door dat ene schilderij op de Dam en zijn aanwezigheid in het Bijbels Museum blijft de herinnering aan een van de beroemdste Nederlandse schilders van de achttiende eeuw in leven.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden