De teloorgang van Openbaar Kunstbezit

AMSTERDAM - Openbaar Kunstbezit (OKB) bestaat deze week 35 jaar, gevierd met een 'feestnummer' van het blad Kunstschrift. Maar het jubileum is wrang. Per 1 januari stopt OKB met vrijwel al zijn activiteiten. Behalve de uitgifte van Kunstschrift en een aantal boeken in de toekomst is de naam het enige dat van Openbaar Kunstbezit rest.

De laatste reizen en cursussen van Openbaar Kunstbezit (OKB) lopen af. Voor leden een emotioneel gebeuren, want Openbaar Kunstbezit is een begrip in Nederland. In menige trein hangen de (intussen verbleekte) OKB-reprodukties en de donkerblauwe OKB-ringbanden met platen en tekst staan bij veel gezinnen nog altijd op de plank.

Afgelopen maand ontvingen de meeste (maar nog steeds niet alle) deelnemers en leden een brief met de mededeling dat OKB per 1 januari alle activiteiten staakt, behalve de uitgave van het tweemaandelijkse tijdschrift Kunstschrift en "een aantal speciale publicaties op het gebied van de beeldende kunst" , aldus de brief. Dat wordt een serie boeken over kunst die ruim in de Nederlandse musea vertegenwoordigd is, met onderwerpen als Jan Toorop en de symbolisten en de Haagse School en Anton Mauve.

Dat is dan wat overblijft van de in 1957 door de beeldhouwer Johan Wertheim opgerichte stichting met het ideaal om kunst uit Nederlands bezit bij het volk in de huiskamer te brengen. Na de reproducties, waar je je op kon abonneren en 'het praatje met een plaatje' op de radio dat daarbij hoorde, bracht de stichting na 1983 een groot aantal tijdschriften uit, zoals Skrien, Items, Entr'Act, Culturen en het Tentoonstellingsboekje. Na overname door de SdU in 1988 werden een aantal van deze bladen opgeheven of bij andere uitgevers ondergebracht, zoals Skrien en Metropolis M.

De tak activiteiten - cursussen, lezingen en reizen - moet er nu ook aan geloven. Uitgever SdU zag er niet langer heil in. "Er moest heel veel geld bij" , zegt uitgever Roland van Tulder. "Met name bij de reizen. Het aantal deelnemers nam af door de grote concurrentie en door de intensieve begeleiding waren onze prijzen niet concurrerend genoeg."

Spoeling

De OKB-reizen en cursussen trokken steeds voldoende deelnemers om doorgang te kunnen vinden, maar de spoeling werd steeds dunner en de winstmarges zijn klein. Behalve dat steeds meer grote touroperators als De Jong en OAD kunstreizen in hun aanbieding verwerken, bestaat door het hele land een wildgroei aan regionaal opererende stichtingen en instellinkjes die allemaal kunstreizen, excursies en cursussen organiseren. De enige concurrent van OKB die eveneens landelijk opereert, is het Kunsthistorisch Centrum (KHC) in Amsterdam.

In tegenstelling tot OKB, dat begon met publikaties, verzorgde het KHC vanaf zijn oprichting in 1978 al cursussen en lezingen door het hele land. Toen OKB in 1983 zijn activiteiten met een vergelijkbaar aanbod wilde uitbreiden, werden onderhandelingen gevoerd over een mogelijke samenwerking, die echter op niets uitliepen.

Beide instellingen deelden het ideaal om de kunst onder het volk te brengen, maar het verschil was dat OKB daar structurele subsidie voor kreeg en het KHC nooit, zodat het KHC in het begin vooral op de goodwill en veel onbetaalde overuren van enthousiaste medewerkers en docenten draaide. Met een goedkoop, klein kantoor en lage salarissen wist het centrum het hoofd altijd boven water te houden.

Beide instellingen bleven naast elkaar bestaan. OKB werkte voornamelijk op locatie in musea en met docenten die hun sporen hadden verdiend. Het KHC werkte veel met pas afgestudeerde docenten in twee eigen zaaltjes in Amsterdam en in musea, creativiteitscentra en andere instellingen door het hele land. Voor het KHC waren de prijzen van het OKB een graadmeter, waar het altijd onder bleef. Bij OKB gold de ongeschreven wet dat een docent die hierbij werkte, niet bij het KHC mocht lesgeven.

Afgelopen november hadden het KHC en OKB opnieuw een gesprek. De SdU wilde over overname onderhandelen. Omdat de brieven aan de leden over het stoppen van de OKB-activiteiten de deur al uit waren, was het enige waarover gepraat kon worden de overname van de naam Openbaar Kunstbezit en het adressenbestand. Daar moest dan wel 60 000 gulden voor betaald worden en de naam zou slechts voor een beperkte periode met een minimum van drie jaar geleased worden. "Dat zou betekenen, dat wij een tijdlang voor hen invulling aan die naam zouden geven, met een grote kans dat zij hem weer terug zouden nemen" , zegt Anita van Mil van het Kunsthistorisch Centrum. "Een heel gecompliceerd voorstel met een grote kans dat je je daarmee in een wespennest steekt." Het antwoord van het KHC was 'nee', evenals dat van de stichting Kunst en Onderwijs, die een vergelijkbaar voorstel kreeg.

Van Tulder zegt nog steeds onderhandelingen te voeren over een naamsovername. Met reisorganisatie Sindbad, waaraan OKB de afgelopen jaren zijn reizen uitbesteedde, wordt over de overname van de reizen gepraat. Tenslotte blijft Openbaar Kunstbezit een naam met faam. Naar de leden kan altijd een tweede brief uitgaan met de mededeling dat de activiteiten door een ander toch worden voortgezet, vindt Van Tulder. Niet dat de SdU daar commercieel belang bij heeft, maar "je hebt een stukje goodwill gekweekt, en dat wil je toch zo netjes mogelijk afhandelen" , aldus Van Tulder.

Voor alle instellingen die kunst en educatie combineren, is het verdwijnen van Openbaar Kunstbezit van de reis- en cursusmarkt goed nieuws. En zeker voor het Kunsthistorisch Centrum, dat nu de enige landelijk opererende instelling op dit gebied is. De winstmarges blijven klein, maar met enig schrapen lukt het. Het KHC groeit zelfs een paar procent per jaar. Anita van Mil: "Onze overheadkosten blijven laag, omdat we geen mooi tapijt of een dure secretaresse hebben. Wij hebben het al die jaren uitgezongen met onze eenvoudige fax en met helemaal niks supersonisch. En uiteindelijk zijn wij de lachende derde. Hier kon er nooit veel vanaf, maar we blijven we wel over."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden