De tefalpan van de achttiende eeuw

Afdeling:

Wat zien we hier? Een koperen ketel, twee vijzels, een stuk kaas, drie eieren en een paar uien op een tafelblad.

De maker van dit schilderij heeft overduidelijk goed gekeken naar de Hollanders die zich in de zeventiende eeuw bekwaamden in het stilleven, zoals Pieter Claesz en Willem Heda. Toch maakt dit schilderij een heel andere indruk.

"In de zeventiende eeuw ging het er vooral om de natuur zo goed mogelijk na te bootsen", zegt Quentin Buvelot, hoofdconservator van het Mauritshuis. "Dit schilderij is uit de achttiende eeuw; hier gaat het om de sfeer."

De schilder is Jean-Baptiste Siméon Chardin, die in de achttiende eeuw leefde en zich specialiseerde in genrestukken, schilderijen waarin het dagelijkse leven van gewone mensen werd afgebeeld. Ook dit stilleven weerspiegelt het allereenvoudigste.

Buvelot: "Nu vinden we zo'n koperen ketel schilderachtig, maar in de achttiende eeuw was het een onderdeel van ieder huishouden. Het is de tefalpan van de achttiende eeuw. Het getuigt wel van lef, vind ik, om zo'n eenvoudige ketel tot onderwerp te nemen.

"Maar het bijzondere van het schilderij is niet wat het afbeeldt, maar hoe hij dat doet. Dat hij van zoiets alledaags zoiets moois kan maken. De weerspiegeling op de ketel is subliem gedaan. De schilder maakt de ketel bijna heroïsch. Hij tilt hem uit de alledaagse werkelijkheid."

Chardin is een van de vele kunstenaars die zich lieten inspireren door de Hollandse zeventiende eeuw. Buvelot: "Je ziet het veel in Frankrijk: de kleding en de meubelen zijn duidelijk achttiende-eeuws, maar de sfeer, het gevoel dat er vanuit gaat, is dat van de Nederlandse zeventiende-eeuwse schilderkunst.

"Al in die tijd werden veel Nederlandse schilderijen naar het buitenland verkocht. Daar beïnvloedden ze andere schilders. Zo was Jacob van Ruisdael de held van de Engelse landschapsschilder Thomas Gainsborough, en dat zie je in zijn werk. Hoe langer ik in dit vak zit, hoe vaker ik kan concluderen: dat deden de Hollanders als eerste."

Chardin (1699-1779) behoort tegenwoordig tot de canon van de Franse schilderkunst. Een tentoonstelling in 1979 in het Grand Palais in Parijs maakte hem in brede kring bekend en geliefd. Maar dat is niet altijd zo geweest. De kunstcritici van zijn tijd vonden zijn interesse voor het leven van alledag niet boeiend genoeg. Als schilder stelde je pas wat voor als je een religieus of mythologisch verhaal kon verbeelden, waarin landschap, het menselijk lichaam en kleine stillevens tezamen komen. Dan kon je pas laten zien wat je als schilder in huis had. Een ketel en een paar uien waren niet uitdagend genoeg om de geest aan te slijpen.

Maar in de negentiende eeuw werd Chardin ontdekt, net als die andere meester van de verstilde sfeer, Johannes Vermeer. De gebroeders Goncourt werden verliefd op zijn stillevens. Het eenvoudige was opeens helemaal geweldig. Buvelot: "En nu, in de 21ste eeuw, kunnen we het op zichzelf beoordelen en zeggen: dit is gewoon een heel mooi schilderij. Het komt wel wat in de buurt van Adriaen Coorte, die eind zeventiende eeuw werkte. Coorte probeerde niet meer zo precies mogelijk het vruchtvlees weer te geven, maar zijn doel was toch de weergave van een lekker aardbeitje. Chardin schilderde nog weer vrijer. Hij geeft bovenal een stemming weer, een gevoel voor de dingen. Het is opvallend genoeg ook vrijer dan de hedendaagse stillevens, zoals die van Henk Helmantel."

In het Mauritshuis hangen veel stillevens. Waarom hangt dit werk er niet standaard bij als het zo mooi is?

Buvelot: "Onze collectie concentreert zich op Nederlandse en Vlaamse schilders uit de zeventiende eeuw, niet de achttiende. We hebben wel in onze Galerij Prins Willem V een enkel Frans schilderij hangen, maar dit werk past er - ondanks de overeenkomsten met de zeventiende-eeuwse stillevens - niet helemaal bij. Het heeft na de Tweede Wereldoorlog wel regelmatig op zaal gehangen, maar altijd heel kort. We halen het nu voor Trouw langer uit het depot.

"Eigenlijk hoort het in Museum Boijmans Van Beuningen thuis. Dat is Nederlands enige museum met een verzameling internationale schilderkunst. Het Rijksmuseum en het Mauritshuis zijn meer op Nederlandse kunst georiënteerd. Maar het schilderij van Chardin mag het Mauritshuis niet uit. Het is onderdeel van het legaat van onze oud-directeur Abraham Bredius. Hij liet een collectie aan het Mauritshuis na met onder meer enkele Rembrandts. In het testament staat dat de werken alleen door het Mauritshuis mogen worden tentoongesteld. Daarom hangt dit werk nu ook niet in de Galerij Prins Willem V, waar we 150 van onze schilderijen hebben ondergebracht. Wij respecteren zijn voorwaarden, maar dat betekent dat het niet altijd te zien kan zijn. Daarvoor past het onvoldoende in onze collectie."

Buvelot is het helemaal eens met Benno Tempel, directeur van het Gemeentemuseum, die aan het begin van deze serie zei dat schilderijen die als eenling in een collectie zitten naar een museum moeten verhuizen waar ze beter passen. Buvelot: "Van onze 800 schilderijen hangen er tientallen in andere musea, zoals The Metropolitan Museum of Art in New York en de Londense National Gallery. Onze werken van Goltzius hangen in het Frans Hals Museum in Haarlem. Met het Rijksmuseum hebben we geruild: zij onze Spanjaarden en Italianen en wij een aantal van hun Vlamingen en Duitsers. Want de meeste stukken hebben een context nodig. Het heeft geen zin om onze Murillo naast 'De stier' van Potter te hangen."

Chardin is de komende tijd te zien naast werk van de achttiende-eeuwse Cornelis Troost. Maar Buvelot mijmert nu al over een volgende gelegenheid: en dan naast Coorte.

"Want het aardige van dit schilderij is juist dat je bij het zien denkt: Hé, zag ik daarnet niet iets vergelijkbaars? Dan kijk je met andere ogen naar beide werken."

schilderkunst
Titel: Stilleven met koperen ketel, kaas en eieren

Kunstenaar:

Jean-Baptiste-Siméon Chardin

Datering:

circa 1730-1735

Verwervingsinformatie:

legaat Abraham Bredius, 1946

Depotnummer: 656

De kunstredactie van Trouw vraagt een aantal musea om een bijzonder kunstwerk uit het depot te halen, dat nog nooit of lange tijd niet te zien was voor het publiek. In deze aflevering de keuze van Quentin Buvelot, hoofdconservator van het Mauritshuis: een stilleven van Chardin.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden