De Tea Party komt naar Den Haag

HANS GOSLINGA

Alleen als we de burger de kans geven verantwoordelijkheid te dragen, zal hij niet revolteren, schreef Joop den Uyl in 1957, toen hij nog directeur was van de Wiardi Beckmanstichting (WBS), het wetenschappelijk bureau van de PvdA. Materieel mocht het ideaal van de verheffing grotendeels vervuld zijn, ook in termen van invloed en zeggenschap moest de burger een grotere speelruimte krijgen.

Ruim een halve eeuw later is duidelijk dat het niet is gelukt de dreigende vervreemding tussen de burgers en de instituties van de staat (en de markt) te voorkomen. Een bedachtzaam college als de Raad voor maatschappelijke ontwikkeling (RMO) constateerde deze week dat burgers en overheid elkaar verstikken en dat de samenleving dreigt te stranden. Verrassend is dit geluid niet.

De frustraties over de vervreemding hebben al eerder een politieke expressie gekregen, in ons land in de Fortuyn-revolte van 2002, in de VS in de opkomst van de Tea Party. De Conservatieve Senator Rand Paul schreef twee jaar geleden in zijn boek 'The Tea Party goes to Washington': 'Het is tijd voor een tweede Amerikaanse revolutie.' De RMO zegt in wezen hetzelfde: de verhouding burger-overheid moet veranderen.

Monika Sie, de verre opvolgster van Den Uyl bij de WBS, constateerde begin dit jaar in haar manifest 'Van waarde' dat er sprake is van een dubbele vervreemding. De burger is vervreemd van de politiek, de politiek van de burger. De honderden moties waarover de Tweede Kamer donderdag bij handopsteken stemde, kunnen als een symptoom van die vervreemding worden beschouwd. Zal die stortvloed aan uitspraken bijdragen aan het vertrouwen van burgers in de politiek en daarmee in het regelend en oplossend vermogen van de overheid?

Terzijde: in het oude Rome ging zittend stemmen, zoals gebruik is in onze Tweede Kamer, voor decadent door. Volgens Cicero was de heersende opvatting dat je werkelijk voor iets moest staan, zichtbaar voor iedereen, de sociale consequenties aanvaardend. Deze betekenis van het stemmen is gaandeweg verloren gegaan en zou bij de eindeloze reeks stemmingen ook geen waarde meer hebben. VVD-fractieleider Zijlstra heeft gelijk dat het parlement zijn wapens door ongeremde inzet tot klappertjespistolen maakt, maar zijn waarschuwing raakt niet aan de hoofdzaak.

De hoofdzaak is de verstoring van wat de meest wezenlijke verbinding in een democratie is, het vertrouwen dat de vertegenwoordigers van de burgers door middel van het budgetrecht greep hebben op de dingen. 'Geen belasting zonder vertegenwoordiging', luidde het motto van de eerste Amerikaanse revolutie, niet voor niets veelvuldig aangehaald door de Tea Party-beweging. Deze essentiële voorwaarde voor publiek vertrouwen is de laatste jaren onder grote druk komen te staan, vooral door de malafide praktijken die tot de kredietcrisis hebben geleid.

De vertrouwenscrisis is dus niet alleen aan de politiek te wijten, hoewel politici door de inzet van parlementaire wapens de schijn blijven ophouden dat alles via Den Haag kan worden opgelost. De RMO zal zich daarom aan het Binnenhof niet populair maken, omdat zijn advies aan de overheid is 'niks te doen', de neiging tot bemoeizucht in te tomen en zeggenschap en bevoegdheden af te staan aan de burgers. Dat is tegen de aard van het politieke beestje, zoals de oudere Den Uyl in de jaren zeventig heeft laten zien met de uitbreiding van de verzorgingsstaat, vooral de welzijnssector.

Ook zal het de politici niet meevallen hun kijk op de burgers te veranderen. In de Haagse retoriek is de burger de afgelopen decennia in vele gedaanten verschenen, maar zelden positief: misbruik makend van sociale uitkeringen in de jaren zeventig, calculerend in de jaren tachtig, claimend en hufterig in de jaren negentig, een 'verwende diva' aan het begin van de nieuwe eeuw. De individualisering is vanuit de hoofdstroom van de politiek vooral met argwaan bezien en aan de andere kant heeft burgerschap hier nimmer de vitale inhoud gekregen die het in Amerika heeft.

Het is dus in dubbel opzicht tijd voor de revolutionaire verandering die de RMO bepleit.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden