De stelling dat alles niets dan materie is

René van Woudenberg, hoogleraar filosofie (ken- en zijnsleer) leidt tweewekelijks een oefening in denken.

Toen ik op de middelbare school zat, hing er in het scheikundelokaal een grote kaart aan de muur waarop bovenaan de woorden 'Periodiek Systeem der Elementen' prijkten. Aanvankelijk zeiden die woorden me niets. Maar later heb ik geleerd wat iedereen weet.

Het Periodiek Systeem der Elementen is een schema of diagram waarop alle soorten van atomen die er zijn op een ordelijke manier staan gerangschikt. Links bovenaan staat de letter H, waarmee 'waterstof' wordt aangeduid. Het waterstofatoom is het eenvoudigste atoom. Het heeft een kern waaromheen slechts één enkel elektron draait. Rechts bovenaan, in de aparte kolom, staan de letters He, waarmee 'helium' wordt aangeduid, een zogenaamd 'edelgas' omdat het geen, of slechts onder zeer extreme condities, verbindingen aangaat met andere atomen. Helium is iets complexer dan waterstof, want het heeft twee elektronen om zijn kern draaien. Als je de kaart verder 'leest' (van linksboven naar rechtsbeneden), dan vind je daar de namen van atomen met 3 elektronen, 4 elektronen, et cetera.

Op school leerden we ook dat alles wat we om ons heen kunnen zien (het lokaal, het schoolgebouw, de bomen in het plantsoen, de zon en maan, onze kleding, onze lichamen) is 'opgebouwd' uit atomen, dan wel uit atomen-in-verbinding (moleculen). Mijn klasgenoten en ik hadden behoefte noch reden hieraan te twijfelen. En ik weet niet hoe het mijn klasgenoten later is vergaan, maar ikzelf ben op dit punt niet van gedachten veranderd.

Nu zijn er filosofen die, mede op basis van wat iedereen op school heeft geleerd over het Periodiek Systeem, tot verdere gedachten zijn gekomen. Ze hebben gezegd dat alles wat bestaat au fond is opgebouwd uit atomen, dan wel atomen-in-verbinding. Hun gedachte is wel samengevat in de slogan: wat bestaat is niets dan materie of, mooier nog, alles is niets dan materie.

Dit gaat inderdaad een stuk verder dan wat mijn scheikundeleraar ons leerde. Immers, hij zei dat alles wat we om ons heen kunnen zien uit materie bestaat, en dan legde hij uit wat hij met deze uitdrukking bedoelde door ons een paar voorbeelden te geven, zoals: het lokaal, het schoolgebouw, enzovoorts. Hij liet daarmee, anders dan de filosofen die ik bedoelde, de mogelijkheid open dat er dingen bestaan, hoewel ze niet horen tot de dingen die we om ons heen kunnen zien.

Na lange jaren ben ik tot de conclusie gekomen dat mijn scheikundeleraar de dingen een stuk beter zag dan de filosofen. De redenen die ik hiervoor heb, ik zeg het er maar gelijk bij, hebben niets van doen met esoterie, ESP, TM, occultisme, spiritisme of wat er verder ook maar uitgevent wordt op de new age-markt.

Er is een menigte argumenten tegen de stelling 'alles is niets dan materie' in te brengen maar ik geef er nu maar één of twee. Mijn argumenten zijn heel eenvoudig: ik geef tegenvoorbeelden. Dat is hier voldoende. Immers de bedoelde filosofen beweren iets over 'alles'; en als ik kan laten zien dat wat zij beweren over 'alles' niet opgaat voor A of B, dan is daarmee hun bewering ontkracht.

Ten eerste: er zijn zulke dingen als woordbetekenissen. Het woord 'koets', bijvoorbeeld, heeft een bepaalde betekenis, net als het woord 'eenhoorn'. Maar let nu op: de betekenis van een woord kan onmogelijk een materieel ding zijn. Natuurlijk, een woord is een materieel ding (een inktlijntje op papier, of een akoestische klank) en natuurlijk, met (sommige) woorden kunnen we naar materiële dingen verwijzen. Maar de betekenis van een woord kan onmogelijk zelf een materieel ding zijn. Het woord 'koets' zet ons hier misschien op het verkeerde been omdat het verwijst naar iets dat is opgebouwd uit atomen en atomen-in-verbinding, namelijk een bepaald vervoermiddel.

Maar het woord 'eenhoorn' plaatst ons dan gelijk weer op het juiste been. Immers, 'eenhoorn' verwijst niet naar een materieel object want er zijn geen eenhoorns. Het cruciale punt in mijn argument is dus dat de betekenis van een woord niet gelijk is aan een materieel ding waarnaar het zou verwijzen. Want als dat zo zou zijn, zouden woorden als 'eenhoorn', 'centaur', 'als', en 'het' geen betekenis hebben, immers, ze verwijzen niet naar iets materieels. Maar ze hebben weldegelijk betekenis en dus is de betekenis van een woord niet gelijk aan een materieel ding waarnaar het zou verwijzen.

Het eerste argument gaat dus, in een notendop, als volgt. Woorden hebben betekenis(sen). Er zijn dus zulke dingen als woordbetekenissen. Maar woordbetekenissen zijn geen materiële objecten. Dus bestaan er dingen die geen materiële objecten zijn. Dus is de bewering dat alles niets dan materie is, onwaar.

Ten tweede: sommige dingen zijn belangrijk of waardevol voor ons, zoals een bepaalde foto, een boek of een huis. Er bestaan dus zulke dingen als de 'waarde van die foto voor mij' en 'de waarde van dat boek voor haar' en 'de waarde van dat huis voor Hans'. Maar deze waarden zijn niet opgebouwd uit atomen of atomen-in-verbinding, hoewel de foto, het boek en het huis daar wel uit zijn opgebouwd.

Het is een leuke en de creativiteit prikkelende opgave om dingen die bestaan in gedachten te nemen en je dan af te vragen of ze, zoals de bedoelde filosofen zeggen, inderdaad niets dan materie zijn. Denk bijvoorbeeld eens na over: de tijd, de herinnering aan je scheikundeleraar, het getal 12, je bewondering voor of afkeer van een bepaalde persoon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden