De stad waar de wereld ontplofte

Een eeuw na de aanslag die de Eerste Wereldoorlog inluidde, worstelt Sarajevo nog met zijn imago. Voor sommigen een kans, voor anderen een vloek.

SARAJEVO - De aanslag had bijna iets van een tragikomedie. Op 28 juni 1914 ging vrijwel alles mis voor de jonge Bosniërs die het hadden gemunt op het leven van aartshertog Frans Ferdinand.

Ze waren met zijn zessen, opgelijnd aan de kade langs de Miljacka, de kleine rivier die dwars door Sarajevo stroomt. Nedeljko Cabrinovic, samenzweerder van het eerste uur, had de beste papieren. Hij stond vooraan, ter hoogte van de Cumurijabrug, maar miste zijn kans om een bom in de open auto te gooien waarmee de aartshertog langs de kade toerde. Het explosief stuiterde van de rand van de auto en ging af in de menigte. Cabrinovic rende weg en wierp zich in de Miljacka, een wanhopige daad gezien de nietigheid van het riviertje. Hij moet er hooguit tot zijn knieën in het water hebben gestaan toen de politie hem eruit viste. Het gifpoeder waarmee hij zelfmoord probeerde te plegen werkte ook al niet.

Zijn medesamenzweerders zagen het slechte voorteken en faalden allen, Gavrilo Princip inclusief. Uit zenuwen, uit onervarenheid. Frans Ferdinand kwam in ieder geval heelhuids bij het stadhuis aan.

De aartshertog behield volgens de aanwezige verslaggever van de Bosnische Post zijn waardigheid, maar toonde zich danig verbolgen: "Daar komt men naar Sarajevo om de stad eens te bezoeken en dan gooit men bommen", riep hij de burgemeester toe. "Het is schandelijk!" Vervolgens aaide hij liefdevol een kind dat zijn echtgenote Sophie een bos rozen aanbood, beschrijft de krant. Het gevaar leek geweken.

Het was Frans Ferdinands laatste openbare optreden. Op de terugweg langs de kade passeerde hij opnieuw Gavrilo Princip, samenzweerder nummer zes. Die stond daar nog altijd bij de Latijnse brug, op de stoep bij de delicatessenzaak. En dat was waar de chauffeur zijn fatale wending nam; hij sloeg af en zette de auto even stil. Princip kreeg een niet te missen kans. Zijn eerste schot raakte Frans Ferdinand in de hals, de volgende twee, bedoeld voor de gehate gouverneur van Bosnië Oskar Potiorek, doodden Sophie.

Het publiek was als versteend, bericht de Bosnische Post: "De hele stad Sarajevo, die zich zo lang op het bezoek van het hoge paar had verheugd, is in diepe rouw gehuld. De straten zijn vol mensen die zwaar zijn aangeslagen over het grote onheil dat over de stad, het land en het hele rijk is uitgebroken. Uit alle hoeken en gaten klinkt geweeklaag en droefenis."

Princips moordwapen ligt nu in de delicatessenzaak, inmiddels ingericht als museum. Voor het gebouw staan een moeder en zoon druk foto's te schieten met een mobiele telefoon. De moeder is een echte Sarajeefse, geëmigreerd naar Duitsland waar haar zoon is geboren. Zij kent de plek goed: "Ik groeide er mee op. Toen stond hier Princips voetafdruk in het beton."

De zoon is onder de indruk. Hij komt hier al jaren op vakantie, maar had niet eerder grondig dit trottoir bekeken. "Het is een mooi vlekje aarde", zegt hij. "Hier is toch heel veel begonnen."

Haat-liefdeverhouding
Sarajevo heeft een haat-liefdeverhouding met zijn status als plek waar de wereld ontplofte. Die is grotendeels bepaald door politieke factoren. Tijdens de Eerste Wereldoorlog waren de Oostenrijkers de baas. Die richtten uiteraard een monument op voor Frans Ferdinand en Sophie, dat al na een jaar werd verwijderd toen Sarajevo Joegoslavisch werd. Dat was het aarzelende begin van een positievere blik op Princip. Joegoslavische studenten groeven zijn lichaam op bij de gevangenis Theresiënstadt in Tsjechië waar hij in 1918 overleed en brachten het naar Sarajevo, waar het nog altijd ligt op de Orthodoxe begraafplaats Kosevo.

De stoep bij de delicatessenzaak kreeg een gedenkbordje. Dat verdween tijdens de Duitse bezetting, naar verluidt opgestuurd naar Adolf Hitler, die Sarajevo nooit vergaf voor het onheil dat het over de wereld zou hebben uitgestort.

In de socialistische tijd na de Tweede Wereldoorlog kwam een echte Principgedenking op gang. Een kunstenaar goot Princips voetafdruk in het trottoir, op de plek waar hij moet hebben gestaan toen hij de schoten afvuurde. De delicatessenzaak werd een museum van de aanslag. Toen was de interpretatie duidelijk: de aanslag was een daad van bevrijding van het Oostenrijkse juk.

De oorlog van de jaren negentig vervormde die interpretatie. Joegoslaven raakten gemarginaliseerd. Princip wordt vooral als Serviër gezien en nationalisten leggen nu en dan bloemen bij zijn graf. Tegelijkertijd gaan er onder Bosnische moslims stemmen op om het monument voor Frans Ferdinand terug te plaatsen. De nationalistische tegenstellingen die Bosnië in zijn greep hebben, boetseren de geschiedenis.

In dat mijnenveld van gevoeligheden runt directeur Amra Madzarevic het museum, inmiddels omgedoopt tot de neutrale naam Museum 1878-1918. Het wil een beeld geven van de veertig jaar Oostenrijkse heerschappij, met uiteraard ruime aandacht voor de aanslag van 1914.

Politieke gevoeligheden legt Madzarevic naast zich neer. "Er zullen altijd mensen zijn die Princip als held of als terrorist willen zien. Onze rol is om het te houden bij feiten, feiten en feiten. Wij proberen de zaak terug te brengen tot menselijke proporties, en zowel de menselijkheid van Princip als van Frans Ferdinand te tonen."

Roemruchte stoep
De belangstelling daarvoor is in dit gedenkjaar groot. Toonaangevende publicaties als reisgids 'Lonely Planet' en tijdschift 'National Geografic' hebben een bezoek aan Sarajevo in 2014 tot verplichte kost verklaard. En al is dit museum piepklein, zijn roemruchte stoep en de kans om het moordwapen te zien op vijf meter van de plaats waar het is afgevuurd, zullen geschiedenisfanaten doen watertanden. Zelfs van Princips voetafdruk, al lang van het troittoir verdwenen, ligt binnen een betonnen kopie.

De suppoost is wat ambivalent over al die aandacht: "De stad gedenkt nu ook dertig jaar na de Olympische Winterspelen die hier in 1984 werden gehouden. Dat vind ik zelf een prettiger gedachte." En dat vinden er meer. Kan Sarajevo, met zijn talloze oorlogsmonumenten, die overmatige aandacht voor de Eerste Wereldoorlog wel gebruiken?

"Er is inderdaad veel aandacht", zegt Madzarevic. "Vooral van buitenlanders. Onze eigen mensen kennen deze plek onderhand wel. Maar ik zie die aandacht niet als iets tragisch. Het is vooral een kans voor ons om onze stad op een mooie manier op de kaart te zetten."

"Al die buitenlanders die hier zullen komen, zorgen voor een hernieuwde kennismaking tussen de culturen. In zekere zin bevestigt zo'n herdenking ook onze Europese identiteit. Door onze isolatie, buiten de Europese Unie, twijfelen we daar soms aan. Het is juist een mooie symboliek dat honderd jaar na de aanslag heel Europa hierheen komt."

Sarajevo: kruitvat van Europa
Miljoenen schoolkinderen hebben de afgelopen eeuw geleerd dat de aanslag in Sarajevo de aanleiding was tot de Eerste Wereldoorlog. Het bevestigde voor velen de status van de Balkan, en Sarajevo in het bijzonder, als 'kruitvat van Europa'.

Dat beeld is met de jaren onder historici flink genuanceerd. Vrijwel niemand meent nog dat zónder deze aanslag alles anders was gelopen. De Eerste Wereldoorlog, is de consensus, brak uit door het web van allianties dat ieder conflict in Europa kon doen uitgroeien tot een massale oorlog.

Maar dat Sarajevo nu eenmaal de plek was waar de schoten werden gelost, blijft fascineren. Rond de eeuwherdenking deze zomer komen vele wetenschappers bijeen voor een grote conferentie over de Eerste Wereldoorlog... in Sarajevo.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden