de Spreeuw: Een pointillistisch schilderwerkje

Het is weer tijd voor de massale spreeuwentrek. Spreeuwen behoren tot de leukste vogels die ik ken. Intelligent, brutaal, nergens bang voor en dan ook nog erg mooi om te zien, vooral van dichtbij. Van enige afstand lijken het ordinaire zwarte vogels maar wie ze van dichtbij kan bekijken, ontdekt dat er eigenlijk niks zwarts te bekennen valt. Vele schakeringen donkerbruin en -grijs wisselen af met iriserende groenige en roodachtige delen en (vooral in de winter) lichter gekleurde vlekjes. Het is een pointillistisch schilderwerkje in vele donkertinten.

Spreeuwen horen bij de stad. Om vooralsnog onduidelijke redenen zijn ze gek op treinstations; station Utrecht Centraal was jarenlang een favoriete hangplek. Bij duizenden zaten de brutale vogeltjes onder de fraaie, geklinknagelde overkappingen en scheten zonder pardon de treinreizigers op hoofd en kleding. Dat gaf natuurlijk klachten. Intussen wordt Utrecht CS ingrijpend verbouwd, de mooie ijzeren kappen zijn roemloos afgevoerd naar de sloop en vervangen door platte constructies met zonnecollectoren die ongetwijfeld beter voor de duurzaamheid zijn, maar ook lelijker en uiterst spreeuwonvriendelijk.

Wie nu spreeuwen wil zien kan beter terecht op de A12 tussen Utrecht en Gouda. Als lampfittingen aan een slinger kerstversiering zitten ze op de draden van de lantaarnpalen boven de middenberm. Pas als één van de vermeende fittingen het luchtruim kiest wordt merkbaar dat het om vogels gaat en niet om iets anders. De snelle indruk dat het een technische voorziening is, wordt gewekt door het feit dat al die vogels op exact dezelfde afstand van elkaar zitten; tot op de millimeter nauwkeurig lijkt het wel. Het zal er vast mee te maken hebben dat ze hun vleugels moeten kunnen uitslaan zonder de tegelijkertijd uitslaande vleugels van de buurman te raken.

Als ze het luchtruim kiezen is dat een nog adembenemender gezicht dan de mathematische rangschikking op de lantaarndraden. Duizenden spreeuwen vliegen door het zwerk alsof het één organisme is, als een wolk die met elegante zwieren en golven door de lucht wiegt. Op internet zijn daar allerlei filmpjes van te vinden, vaak gemaakt in de omgeving van Utrecht. Wie zo'n wolk ziet vliegen, vraagt zich meteen af hoe dat goed kan gaan. De beweging kan zeker geen willekeurig toeval zijn, want dan wordt het meteen een ongeorganiseerd rommeltje. Waarom botsen de vogels niet af en toe? En wie of wat bepaalt welke richting de wolk uitgaat? Is er een überspreeuw die dat bepaalt? In Groningen wordt daar door professor Charlotte Hemelrijk onderzoek naar gedaan. Inmiddels zijn er wiskundige programma's gemaakt die het sierlijke zwermgedrag precies kunnen simuleren, rekening houdend met een paar simpele randvoorwaarden van onderlinge communicatie tussen de afzonderlijke digitale spreeuwen. De vogelwolken zwieren elegant over het beeldscherm. Je hoeft er de deur niet meer voor uit, dat is wel jammer.

Intelligente en brutale vogels zijn het, en tegelijkertijd vertonen ze zulk groepsgedrag. Spreeuwen lijken daarmee op mensen, een diersoort die datzelfde paradoxale gedrag vertoont. We vinden onszelf o zo individueel, maar als het seizoen komt, zwermen we gedwee met de reisorganisator naar het zonnige zuiden. Niets spreeuwigs is de mens vreemd.

Jelle Reumer is directeur van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden