De spirituele Madama Butterfly

In de serie De Schepping vertellen kunstenaars hoe hun werk tot stand komt. Vandaag: Regisseur Laurence Dale, die Puccini's 'Madama Butterfly' bij de Nederlandse Reisopera regisseert. Hoe herschep je in een beperkte tijd een ijzeren klassieker uit het operarepertoire?

Regisseur Laurence Dale loopt het auditorium van het Enschedese Wilminktheater in. De geplande middagrepetitie voor zijn nieuwe enscenering van 'Madama Butterfly' bij de Nederlandse Reisopera is op deze warme vrijdag onverwacht afgelast. Een van de zangers blijkt een keelvirus te hebben opgelopen - beter om geen risico's te nemen met zoveel collega-zangers in de buurt - en er zijn wat technische problemen. Iedereen heeft zodoende een vroeg weekend en mag naar huis. Op een paar lichttechnici na dan. De plotse verandering van het schema geeft Dale straks wat extra tijd om met zijn lichtontwerper Thomas Hase aan de slag te gaan.

"Dit is het decor", zegt Dale terwijl hij midden in de zaal aangekomen zijn armen breed uitspreidt. We zien een soort rotsblok met erboven honderden glazen lampenbollen. De vloer, waarin een draaitoneel verborgen ligt, lijkt op een in perfecte cirkels aangeharkte Japanse kiezeltuin. Aha, Japan. Natuurlijk, het verhaal rond de onfortuinlijke geisha Cio Cio San - de Madama Butterfly uit de titel - speelt in Nagasaki. Maar de regisseur nuanceert meteen.

"Dit jaar is het zeventig jaar geleden dat de atoombom op Nagasaki viel. Maar in een verhaal als dit is een specifieke tijdsperiode van geen enkel belang. Ik zou me kunnen voorstellen dat bepaalde regisseurs met dat gegeven iets zouden willen doen. Zeker in deze tijden van het alom aanwezige Duitse Regietheater." Dale spreekt het woord met enige sarcastische nadruk uit en rolt wat met de ogen. "Maar ik zit zo niet in elkaar. Puccini vertelt in zijn opera eerst en vooral een verhaal, en ik moet proberen om in zijn voetsporen dat verhaal aan een zaal vol verwachtingsvolle liefhebbers opnieuw te vertellen. Best lastig, want iedereen weet wel wat van de onfortuinlijke Butterfly. Het verhaal is heel simpel. Zo simpel zelfs dat Puccini in een Londens theater het Amerikaanse toneelstuk waarop hij zijn opera baseerde perfect kon volgen, ook al sprak hij amper een woord Engels.

"In de voorstelling zullen referenties aan Japan te zien zijn, maar er is geen huis met schuifwanden van rijstpapier, er zijn geen ginkgobomen. Wist je trouwens dat die ginkgobomen de enige dingen in Nagasaki waren die nog overeind stonden na de atoombom? Ook in de kostumering zijn er toespelingen op Japan, maar bovenal zijn de kostuums licht en zwevend, doorschijnend zoals de partituur van Puccini dat is. We weten dat hij van de muziek van Debussy hield - die sfeer! We weten ook dat Puccini een partituur had van Arthur Sullivans 'The Mikado', maar een dergelijke, haast potsierlijke karikatuur, daar wil ik verre van blijven. We maken hier geen Japanners van onze zangers, we hebben zelfs blonde pruiken.

"Ik heb vanaf 1981 met de Britse regisseur Peter Brook in het Parijse theater Les Bouffes du Nord als zanger meegewerkt aan de originele enscenering van zijn grote succes 'La tragédie de Carmen'. Later mocht ik de productie voor hernemingen met andere zangers her-instuderen. Van Brook - een van de grootste, zo niet dé grootste in zijn vak - leerde ik de kracht van de lege ruimte begrijpen. Alles wegstrippen, het belangrijkste behouden. Geen overbodige rommel of rotzooi op het toneel. Suggestie, dat moet het toverwoord zijn. Dit amorfe rotsblok hier op de scène kan al draaiend een heleboel vormen aannemen. Een schip, een berg, een meteoriet die ingeslagen is - het is maar wat je erin wilt zien. Ja, er is in mijn werk als regisseur veel invloed van Brook te herkennen. Minder is meer, hoed je voor overbodige illustratie. Wat we hier hebben op het toneel - natuurlijk ook ingegeven door het feit dat dit een reizende productie is met een beperkt budget - is een emotioneel landschap. Een verlaten vrouw op een berg. Dáár gaat het verhaal over.

"Maar wees niet bang, ik zou mezelf verloochenen als er niet ook een beetje kitsch in mijn enscenering zou zitten." Dale stapt tussen de coulissen op het toneel en wijst op een groot, langwerpig opgerold doek dat aan de trekken hangt. "Nee, geen sneeuw deze keer, hier dwarrelt straks kersenbloesem uit. Weet je, kitsch kan zo mooi zijn. We laten alle vogelgeluiden die Puccini aan het begin van de derde akte voorschrijft horen, alle gongs en tamtams die hij in de partituur verwerkte hebben we in de orkestbak. Toen Puccini het toneelstuk van Belasco in Londen zag, was hij zwaar onder de indruk van de elektrisch gerealiseerde transformatie van het licht. Een heuse, kitscherige zonsopgang. Puccini was een meester in het projecteren van zijn klankwereld op een verhaal. Velen doen zijn muziek tegenwoordig met enig dédain af als filmmuziek, maar de ironie is dat die filmmuziek in 1904 nog helemaal niet bestond. Latere filmcomponisten hebben enorm veel van Puccini's technieken gepikt, juist omdat het zulke goede theatrale muziek was."

Gruwelijke hekel

De Reisopera zat met een probleem toen een geplande enscenering van Benjamin Brittens 'Billy Budd' niet door kon gaan. Bij het zoeken naar een nieuwe titel die het jubileumseizoen zou kunnen openen, kwam directeur Nicholas Mansfield uit bij 'Madama Butterfly'. Mansfield dacht voor de regie aan Laurence Dale, die bij de Reisopera al voor zeer succesvolle ensceneringen van onder andere Offenbachs 'Les contes d'Hoffmann' en Rossini's 'Il barbiere di Siviglia' had gezorgd. Eind december vorig jaar kreeg Dale een telefoontje uit Enschede. Hij zat midden in de voorbereidingen voor Händels 'Agrippina' voor een festival in het Duitse Göttingen. Hij zou slechts een paar maanden hebben om 'Madama Butterfly' op de rails te krijgen. In de operawereld is dat een absurd korte tijd. Toch zei hij ja.

"Ik kende de opera uiteraard, al heb ik die in mijn zangerscarrière nooit gezongen. Maar als student ben ik wel door de partituur gegaan. Ik had eigenlijk een gruwelijke hekel aan 'Madama Butterfly', als kind al. Toen collega Catherine Malfitano mij in 1984 in Londen uitnodigde voor een generale repetitie van een productie waarin zij zong, reageerde ik met de opmerking dat ik die opera absoluut niet verdragen kon. Maar om haar te plezieren ging ik toch en was in tranen. Ik vond het zo veel lijken op Wagners 'Tristan und Isolde'. In beide opera's zit een heel lang extatisch liefdesduet, in beide werken zo ongeveer in het midden. Het is voor de personages in beide opera's een kantelpunt.

"Je zou dat duet in 'Madama Butterfly' heel cynisch kunnen bekijken. De Amerikaanse macho-marineman Pinkerton die snel, snel, snel met een Japans meisje van 15 jaar oud trouwt en die haar na de huwelijksceremonie - waarvoor hij tot zijn afgrijzen ook nog moet betalen - zo snel mogelijk in het bed wil krijgen. Sekstoerisme! Maar er gebeurt iets met hem tijdens dat duet, boven op die berg in Nagasaki.

"Onlangs kwam in het nieuws dat jonge toeristen waren beboet en gearresteerd, omdat ze zich op een berg in Nepal hadden uitgekleed en foto's daarvan op Facebook hadden gezet. In Nepal geldt die berg als iets heiligs, en de indringers hadden met hun gedrag de berg geschonden volgens de Nepalezen. Ik herinner me dat één van die toeristen door een nieuwsstation gevraagd werd wat ze vond van die schending-aantijging. 'Wie gelooft die onzin nou?' was haar botte antwoord.

Pinkertons ongeduld

"Ik geloof dat er met Pinkerton in eerste instantie iets soortgelijks gebeurt. 'Wie gelooft die onzin nou?', hoor je hem denken tijdens zijn discussies met de Amerikaanse consul Sharpless aan het begin van de opera. De consul vertelt hem dat hij Butterfly nog nooit gezien heeft, maar dat hij haar stem op de ambassade heeft gehoord, en erdoor geroerd was. En op dat moment begint Butterfly achter de bühne te zingen. In dit soort passages merk je hoe goed Puccini in muzikale dramaturgie was. Iemand spreekt over het effect van een stem die hij gehoord heeft, en Puccini antwoordt meteen en laat ons die stem horen.

"Je merkt Pinkertons ongeduld tijdens de huwelijksrituelen. Al die plichtplegingen met de familie duren hem veel te lang. Kort en bot gezegd is hij alleen maar hier boven op de berg gekomen om seks met een minderjarige te hebben. Maar tijdens dat duet en in hun liefdesnacht gebeurt er iets met Pinkerton. Hij wordt aangeraakt door Butterfly. Zij kust hem als het ware spiritueel wakker. En de plek verandert voor hem in iets bijzonders. Een heilige berg, zo je wil. Zoals die in Nepal.

"Vanuit die gedachte ben ik met mijn regie van 'Madama Butterfly' begonnen. En ik heb mezelf afgevraagd waarom ik eerst helemaal niet van deze opera hield. Wat was het waar ik een hekel aan had? Meestal komt het omdat je producties gezien hebt, waarin men het voor je gevoel helemaal fout deed. Perceptie is het sleutelwoord hier. En ik begon mezelf steeds meer af te vragen waarom Pinkerton eigenlijk na al die jaren terugkeert naar Nagasaki.

"Er wordt ergens in het libretto gezegd dat hij drie jaar is weggeweest. Maar is die informatie eigenlijk wel belangrijk? Het zou zomaar een veel langere tijd kunnen zijn. Pinkerton denkt zelf dat Butterfly hem vergeten is, hij heeft zijn Amerikaanse vrouw Kate in iedere geval niets over haar verteld. In bijna alle producties komt hij terug in zijn marinekostuum, maar we weten alleen dát hij is teruggekomen, dat hij de huur van het huisje op de berg steeds heeft doorbetaald, en dat hij een brief aan consul Sharpless heeft geschreven. Van de inhoud van de brief horen wij slechts een klein beetje. Butterfly onderbreekt Sharpless constant als hij die aan haar probeert voor te lezen. We krijgen nog wel mee dat de consul Pinkerton in een terzijde een rotzak noemt. Dat is alles wat we weten.

"Ik denk dat Pinkerton terugkomt omdat hij verlangt naar de plek waar hij spiritueel ontwaakt is. Hij komt niet terug naar Butterfly, maar naar de plek waar hij die enorme, levensveranderende ervaring heeft gehad. Waar Butterfly hem in contact bracht met zijn innerlijk. Nee, ik vind Butterfly niet naïef, integendeel. Zij, een 15-jarige, laat ons nadenken over ons eigen leven, over de mensheid. Zij is puur, schoon. Haar zelfmoord is de ultieme daad van iemand die precies weet wat ze wil. Natuurlijk huilen we erom, en dat zal hier in deze productie niet anders zijn, maar haar dood is een soort wagneriaanse Liebestod, allerminst sentimenteel, maar transcendentaal en verheffend. Ondersteund en begeleid door die buitensporige schoonheid van Puccini's muziek."

'Madama Butterfly' gaat donderdag in aanwezigheid van koning Willem-Alexander in première in het Wilminktheater in Enschede. Het Gelders Orkest staat onder leiding van Timothy Henty. Annemarie Kremer zingt de titelrol. Tournee t/m 10 oktober.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden