'De slotdag van de Tour is een rotdag'

Lidewey van Noord (1985), journalist en schrijfster

"Een fanatiek fietser ben ik zelf helemaal niet. Ik heb een oude racefiets, waarop ik af en toe een rondje maak. Als het mooi weer is en er geen wind staat. En dan altijd alleen, want in een groep ben ik een gevaar.

Maar schrijven over wielrennen is geweldig. Elke wedstrijd, of dat nou een eendaagse race is of een etappekoers, is een verhaal. Een wielerseizoen is eigenlijk net een seizoen van een soap. Met personages die er al jaren inzitten, soms komen er nieuwe bij en gaan er oude weg. Je leert die personages steeds beter kennen. Op een gegeven moment weet je wat ze in huis hebben.

Voor mijn boek over de Tour de France heb ik allerlei etappes terug zitten kijken. Ik vreesde dat daar weinig lol aan te beleven zou zijn: allemaal ritten waarvan je de uitslag al kent. Maar nee, het geeft je juist de tijd om op andere dingen te letten. Dan pas zie je hoe een renner die op kop ligt, afstapt om rustig een jasje aan te trekken, in plaats van zich er al fietsend in te wurmen. Het is een beeld dat zoveel zegt.

Dat soort details, die maken de verhalen zo mooi. Daarom schreef ik ook de geschiedenis met Hugo Koblet met zoveel plezier op, een Zwitser die in 1951 met overmacht de Tour won. 'Le pédaleur de charme' was zijn bijnaam, hij zat onweerstaanbaar elegant op zijn fiets. Die Koblet was een interessante renner. Hij zette een kam in als psychologisch wapen. Dan reed-ie bergop en haalde hij uit zijn achterzak een kammetje. Daarmee ging hij dan door zijn haar, zodat het leek of het klimmen hem geen enkele moeite kostte. Zo'n personage is natuurlijk fantastisch voor een schrijver.

Kopmannen, knechten: ze zijn allemaal interessant. Misschien zijn die laatsten soms nog wel interessanter. Ik vind het bijzonder hoeveel zij overhebben voor hun vak. De meeste knechten hebben maar een heel kleine kans om ooit te winnen en toch doen ze mee in dat strakke topsportregime. Ze moeten zoveel passie hebben voor die sport, terwijl ze niet de eer krijgen, hooguit meedelen in de winstpremie. Dat is fascinerend en vaak ook ontroerend.

Knechten kunnen alleen maar hopen dat ze ooit in de positie komen een rit te winnen. Zo maakte tijdens een etappe van de Tour van 1986 de Fransman Joël Pelier een afspraak met Johan van der Velde. Van der Velde mocht in de rit naar Villers-sur-Mer bonificatieseconden oprapen in de tussensprints, Pelier zou de etappe krijgen. Maar Van der Velde hield zich niet aan zijn woord en kwam toch als eerste over de streep.

Pelier was natuurlijk woedend. Hij reed de Tour niet uit, hij stortte na een bergrit in en lag zeven uur lang in coma. Gelukkig won hij drie jaar later toch nog een etappe. Toevallig waren zijn ouders er ook. Het was de eerste keer in jaren dat ze konden komen. Pelier had een gehandicapte broer die veel zorg nodig had, maar die zat net een paar dagen in een verzorgingstehuis. Pelier won ook nog eens na een lange ontsnapping, bij erbarmelijk slecht weer.

Dit jaar ga ik over de Tour weer columns schrijven voor de Volkskrant. Ik trek de gordijnen dicht en zit drie weken voor de tv, als het eindelijk mooi weer is in Nederland. De laatste zondag van de Tour wordt een rotdag, dat weet ik nu al. Die laatste rit stelt niets voor, en je weet dat je afscheid moet gaan nemen van een trouwe vriend waarmee je een intensieve tijd hebt doorgebracht. Maar laat ik ook niet overdrijven. Ik neem wielrennen, sport in het algemeen, uiteindelijk niet al te serieus. Ik zie het als een prachtige vorm van vermaak."

Lidewey van Noord. Une Belle Histoire. De Tour in 21 korte verhalen Unieboek / Het Spectrum; 192 blz. euro 17,50

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden