De slechtste docenten vind je in Groningen, voor de beste moet je naar Maastricht.

Het Centrum voor hoger onderwijs Choice heeft uitgezocht waar de beste docenten van Nederland werken. Studenten in het hoger onderwijs konden in een enquête cijfers uitdelen. Met een 8,3 staat de toneelacademie van de Hogeschool Zuyd in Maastricht bovenaan de lijst.

„Zijn wij écht zo fantastisch“, vragen de overvallen docenten aan hun studenten als ze de uitkomst van de studentenenquête horen. De acteurs en theatermakers in spe lachen wat. „Dat ging vast niet over jou, maar over een gastdocent“, grappen ze. Ondertussen zijn ze enorm tevreden over hun docenten.

De woordvoerder van de school is minder verbaasd: „Studenten krijgen bij ons bijna een één-op-één begeleiding. Wat wil je nog meer?“ De Maastrichtse toneelacademie in het hart van de stad telt slechts 124 studenten. Een bewuste keuze, het animo is enorm, maar een strenge selectie moet er voor zorgen dat alleen de meest getalenteerde en gemotiveerde studenten worden toegelaten.

Student zijn op de toneelacademie is een manier van leven. De meeste studenten zijn vijf dagen per week op school, van ’s ochtends half negen tot ’s avonds half tien. De academie legt zelf de vergelijking met topsport: ’Dezelfde intensiteit, dezelfde overgave, dezelfde gedrevenheid’. Een team van twintig docenten begeleidt hen ’bij het werken aan hun professionaliteit’, daarbij jaarlijks geholpen door circa 45 gastdocenten.

„Het contact met de docenten is heel intensief“, vertelt derdejaars student theatermaker Monique Baas (27). „Ik heb ook een studie gedaan op de universiteit in Amsterdam, en daar zijn docenten professoren tegen wie je u zegt en die hun eigen kamer hebben. Hier is niet eens een docentenkamer, de leraren zitten in de pauze gewoon tussen ons in. Woody is ook geen docent, maar Woody“, zegt ze over Woody Laurens, docent speltechniek, toneelmaken en coördinator van de propedeuse. „Ik weet wie zijn vrouw is, en hoe zijn zoon eruit ziet.“

De eerstejaars die Woody (48) afgelopen studiejaar onder zijn hoede had, zijn laatst zelfs bij hem thuis komen eten. Zij hebben dan ook wel een extreem zwaar jaar achter de rug; tot februari was het onzeker of ze mochten blijven op de toneelacademie. Tot die tijd was de relatie met de docenten ook anders, vertellen ze. „Je wilde niet stom doen, maar ook niet te close met de leraar worden, want straks dacht hij of zij dat je dat deed om te slijmen“, aldus de eerstejaars.

Woody is zeer bevlogen terwijl zijn groepje repeteert voor de eerste presentaties waarbij publiek aanwezig is. De studenten hebben een paar filmscènes omgezet in theatervoorstellingen. „Probeer met het licht het publiek dichterbij te halen“, adviseert Woody. Na afloop vraagt hij waar Roos ’het meest happy mee was’. „Dat de timing goed zat“, zegt Roos Ritzerfeld (19). Van Woody mag ze nog wel wat meer spelen met de tijd. „En als Shira wegloopt, weet ik niet wat de bedoeling is, hoor. Mag ik nou horen wat ze zegt, of juist niet?“

De ervaren docent vertelt later dat het telkens weer oppassen is dat hij zelf de stukken niet gaat regisseren. „Dat is misschien wel het moeilijkst, maar het is hún optreden. Ik moet ze sturen en niet de boel overnemen.“ Derdejaars Ferdi Stofmeel (22) uit Lelystad vindt het vooral fijn dat naast de vakkundigheid en de grote aanwezigheid van de docenten, ze ’ook echt geïnteresseerd zijn in mij als persoon’. „Ze komen naar al je voorstellingen kijken, ze weten eigenlijk alles van je.“ Hij bedoelt daarmee dat de leraren verder kijken dan hun eigen vakgebied.

De docente spreek- en stemtechniek Yvette Fijen legt uit dat dat komt doordat ze in kernteams werken waarin de student ’in zijn geheel’ wordt beoordeeld. „Ik kan niet alleen op Ferdi’s stem letten, er wordt mij ook naar andere aspecten van hem gevraagd door collega’s.“ Een pluspunt vindt Ferdi dat de docenten ook écht naar de studentenluisteren. „Ze luisteren naar je wensen en ze zoeken samen met je naar verbeteringen.“ Monique vindt het intensieve contact niet benauwend. „We hebben altijd de vrijheid om te zeggen dat je er even niet over wilt praten.“ Al moest de studente er wel aan wennen dat er soms zelfs evaluatiegesprekjes in de kantine worden gehouden. Woody: „Openheid is heel belangrijk. In dit vak moet je kritisch zijn op elkaar. Studenten zijn dat ook op ons.“

Kritisch, maar heel tevreden, blijkt uit het cijfer dat de docenten van hun studenten kregen. Maar een 8,3 is nog geen 10. Wat kan er beter? De beide derdejaars weten er geen antwoord op. De eerstejaars wel. Zij hebben docenten die duidelijk favoriet bij hen zijn en sommigen vinden ze ’een lul’, om in hun bewoordingen te blijven. „Maar het gekke is“, vertelt eerstejaars Alexander

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden