De SGP uitsluiten is halfslachtig

Lokaal doet de SGP volledig mee aan de democratie. Het is dan halfslachtig als de partij principieel niet zou mogen meeregeren, zoals Trouw en columnisten vinden. Dan had de partij eerder verboden moeten worden.

In deze fase van de kabinetsformatie ziet het ernaar uit dat CDA en VVD met D66 een kabinet gaan vormen. Het was ook moelijk denkbaar hoe de christen-democraten en de liberalen met de ChristenUnie en de SGP tot programmatische overeenstemming zouden moeten komen. Met name op immateriële onderwerpen zoals euthanasie, abortus en homohuwelijk zou een compromis waarmee zowel de VVD als de kleine christelijke partijen nog bij hun achterban kunnen aankomen, uiterst onwaarschijnlijk zijn geweest. Maar er is meer aan de hand.

Onder meer in een drietal commentaren in Trouw (het hoofdredactioneel commentaar van 24 april en de columnisten Breedveld en Goslinga op 25 en 26 april) is betoogd dat de SGP niet in een Nederlandse regering thuishoort, wat er ook in het regeerakkoord zou komen te staan. En dat zou dan met name het gevolg zijn van de staatkundig-gereformeerde standpunten dat vrouwen geen publiek ambt mogen uitoefenen en dat in een voor de SGP ideale maatschappij de godsdienstvrijheid (en -voegen wij er aan toe- daarmee samenhangend ook andere vrijheidsrechten) als een voor iedere burger geldend grondrecht niet zou bestaan.

Deze a priori en principiële uitsluiting van de SGP door Trouw gaat ons evenwel een stap te ver. Allereerst willen wij op een mogelijk misverstand wijzen. Bij Breedveld lijkt het alsof de genoemde standpunten van de SGP voortvloeien uit het feit dat deze partij 'net als de islam... (zich) onderworpen acht aan de wet Gods'. Dat geldt echter niet uitsluitend voor de SGP, maar is ook op de ChristenUnie van toepassing. Beide partijen willen een overheidsbeleid dat direct gebonden is aan de wet Gods, maar de ChristenUnie leest de bijbel -anders dan de SGP- zo dat er godsdienstvrijheid moet zijn en dat ook vrouwen publieke ambten mogen bekleden.

Maar dit gezegd zijnde moet natuurlijk geconstateerd worden dat de beide SGP-standpunten stevige inbreuken op ons democratisch bestel vormen, een bestel waartoe vanzelfsprekend ook het bestaan van grondrechten en het passieve kiesrecht voor iedere burger gerekend moeten worden. Nog ernstiger zou het worden als bij een SGP-meerderheid ook het actieve kiesrecht voor de vrouw zou worden afgeschaft -een optie die in het staatkundig-gereformeerde beginselprogramma niet principieel is uitgesloten.

Ondanks dit alles zijn er toch argumenten te geven voor de stelling dat de SGP niet bij voorbaat van regeringsdeelname moet worden uitgesloten. Ten eerste is de SGP in een aanzienlijk aantal gemeenten (momenteel 36) met een wethouder in het college van b. en w. vertegenwoordigd. Ook nam de SGP nog voor de provinciale statenverkiezingen van maart dit jaar in twee provincies deel aan het college van gedeputeerde staten (in Zuid-Holland nota bene zelfs samen met GroenLinks, en het CDA en de PvdA). Momenteel levert de partij een gedeputeerde aan het provinciaal bestuur in Zeeland. Wij zien niet in dat in gemeente en provincie het bezwaar dat volgens de SGP vrouwen geen publiek ambt mogen uitoefenen, minder sterk geldt dan op landelijk niveau.

Maar ook een onderwerp als de godsdienstvrijheid gaat de gemeente aan. Gemeenten moeten besluiten nemen over bijvoorbeeld reservering van grond voor een moskee en over de vestiging van een islamitische school. Het gebeurt dat SGP-raadsleden daar tegen stemmen, ook al is aan alle formele eisen voldaan. Toch is er voor zover ons bekend in de landelijke media nooit geageerd tegen het dragen van bestuursverantwoordelijkheid van SGP'ers op provinciaal en lokaal niveau.

Het tweede argument heeft te maken met het feit dat de SGP al zo lang bestaat. Zij is de oudste partij van het land en maakt al vanaf 1922 deel uit van het Nederlandse parlement, zonder dat er ooit pogingen zijn ondernomen de partij te verbieden vanwege haar hierboven genoemde opvattingen. Wat betreft haar ideeën over godsdienstvrijheid is de SGP nooit formeel aangepakt. Pas in de loop van de jaren negentig werden juridische acties tegen het staatkundig-gereformeerde vrouwenstandpunt ondernomen, die evenwel tot nu toe zonder succes bleven. Ook werd deze zaak in de Tweede Kamer tevergeefs aan de orde gesteld. Zo liet bijvoorbeeld D66-staatssecretaris A. Verstand-Bogaert van emancipatiezaken weten niets voor een wetswijziging te voelen, aangezien dit al snel zou neerkomen op een verbod van de SGP.

Dat de partij niet verboden is komt niet alleen -en ook niet in de eerste plaats- doordat zij kwantitatief een marginale positie inneemt en daar menselijkerwijs niet meer uit zal komen, zodat zij haar standpunten nimmer zal kunnen realiseren. Het uitblijven van een partijverbod heeft ook te maken met de opvatting dat een krachtige democratie het zich kan en eigenlijk ook wel moet permitteren om ruimte te bieden aan partijen die een inbreuk op wezenlijke aspecten van de democratie (in ruimere zin) voorstaan. Zeker als die partijen -zoals de SGP- uitspreken niet anders dan langs democratische weg (dus door het behalen van een parlementaire meerderheid) hun visie te willen realiseren.

Mocht het toch later nog tot onderhandelingen met de SGP komen, dan zullen de standpunten waar het hier om gaat als het ware tussen haken geplaatst worden. De SGP-verlangens op deze terreinen zullen geen stap dichterbij gebracht worden. Het is halfslachtig en onnodig de SGP op lokaal en provinciaal niveau volledig te laten participeren en haar tot het nationale parlement toe te laten, maar haar a priori en principieel uit te sluiten van regeringsdeelname.

Het derde argument ten slotte richt zich op de stelling in het hoofdredactionele commentaar van Trouw, namelijk dat een regering met de SGP krachteloos zou zijn in de aandrang op immigranten zich de fundamentele waarden van de democratische rechtsorde eigen te maken. Dit lijkt plausibel, ware het niet dat allochtonen ook al door de loutere aanwezigheid van de SGP in het parlement op de vraag kunnen komen waarom zij wél en de staatkundig-gereformeerden níet bepaalde essentiële staatkundige waarden zouden moeten aanvaarden.

Maar hieraan vooraf gaat de vraag of allochtonen die in vergelijkbare mate leven en denken als SGP'ers, onvoldoende in onze samenleving geïntegreerd zijn. Wie deze vraag bevestigend beantwoordt, moet dan ook maar voorstellen alle met naam en adres bekende SGP'ers tot een inburgeringscursus te verplichten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden