De SGP, de vrouw en wat de Bijbel zegt

Er is de laatste tijd nogal wat te doen over de positie van de vrouw in de SGP. Binnen diverse kerkverbanden is de vraag naar haar positie minstens even relevant. Als lid van de Christelijke gereformeerde kerk, waar vrouwen niet tot het ambt toegelaten worden, en van het CDA, waar de vrouwen nooit genoeg invloed kunnen hebben, voel ik de behoefte een bijdrage aan de discussie te leveren.

Het interview in Trouw van 23 januari met Dick Nieuwenhuis, hoofd van het partijbureau van de SGP, dwingt een zeker respect af. Het zal niet gemakkelijk zijn om in deze tijd met acceptabele argumenten te komen voor de opvatting dat de vrouw een ondergeschikte positie hoort te hebben.

De verleiding om de schriftuurlijke en historische redenen welke hij mede namens de SGP aanvoert, te weerleggen dient voorzichtig benaderd te worden. Hierin een eigen gelijk claimen leidt tot eenzelfde farizeeer-houding die ook in sommige bevindelijke kringen te vinden is; een houding overigens die haast net zo benauwend is als de soms obligate drang in progressievere kring om tegen al dan niet vermeende 'heilige huisjes' in te gaan.

Nu weet men bij de SGP gelukkig ook wel dat mensen feilbaar zijn, en dat derhalve een menselijke mening aanvechtbaar kan zijn. Het is vanuit deze opstelling dat ik wil trachten de aangevoerde argumenten voor een bescheiden positie van de vrouw in een ander licht te plaatsen.

Welke zijn nu deze argumenten? Grofweg zijn deze in twee hoofdgroepen te verdelen: argumenten op grond van bijbelteksten en argumenten ontleend aan de cultureelmaatschappelijke positie van de vrouw. Dat hiertussen een overlapping plaats vindt, zal duidelijk worden.

Wanneer het gaat om 'bijbelse' argumenten, is in de eerste plaats te noemen de tekst uit I Kor. 14: de vrouw mag haar stem niet verheffen in het midden van de gemeente. In I Tim. 2, vs. 9-15 is een andere bron met vergelijkbare inhoud te vinden. Paulus stoelt zijn argumenten naar algemeen aangenomen mag worden op de Thora: in Gen. 2, vs. 18 en 3, vs. 16 wordt dan de befaamde 'scheppingsordening' gelezen, op grond waarvan de bedoeling van God geen andere kan zijn dan de vrouw ondergeschikt aan de man te laten zijn.

Een nadere bestudering van deze bijbelteksten levert echter interessante gegevens op. In I Kor. 14 worden regels gegeven voor het gemeenteleven, regels om de gemeente, evenals elke andere 'verzameling', niet in een chaos te laten ontaarden. Vanuit de oorspronkelijke vertaling kan de genoemde tekst ook gelezen worden als: "Vrouwen mogen niet babbelen temidden van de gemeente" . Blijkbaar bestond de neiging bij de bewoonsters van het vrouwengedeelte om de 'preek' ter plekke te bepraten. . . Dat dit een als oneerbiedig ervaren rumoer opleverde, is te begrijpen, evenals de oplossing die Paulus daarvoor geeft: vrouwen, spaar uw commentaar tot u thuis bent, alwaar u met uw man kunt napraten over de samenkomst.

Ook bestudering van de teksten uit Genesis kan een ander gezichtspunt opleveren. Als gezegd wordt dat "de vrouw de man tot hulp zij" hoeft dit geen onderschikking te betekenen, zeker niet wanneer men bedenkt dat God in de Bijbel duidelijk maakt dat Hij Israel tot hulp wil zijn. En is de vervloeking die in Genesis 3 wordt uitgesproken n.a.v. de zondeval, niet opgeheven in het verzoenend lijden en sterven van Jezus? In ieder geval komt het wel wat eng over, wanneer van SGP-zijde wordt vernomen dat in Genesis de vrouw (actief) de man (passief) verleid heeft - deze gedachtengang volgend komt men licht tot de conclusie dat de vrouw vanaf het begin initiatiefrijker en zelfstandiger is geweest dan de man. . .

Naast de bijbels-historische achtergrond werd Paulus geleid door de normen van fatsoen, de maatschappelijke opvattingen uit zijn tijd: de vrouw was minderwaardig, m.n. in de tijd van het Oude testament. De vrouw hoefde niet alle geboden te houden, en de vrouw werd gezien als een 'bezit' van de man. Logisch is dat Paulus' ideeen mede werden ingevuld aan de hand van de toen geldende maatschappelijke patronen en verhoudingen. Hier wil ik met graagte professor Oosterhoff citeren, wanneer hij zegt: "De zede van Paulus' dagen is niet normatief voor alle eeuwen."

Hoe dit verder ook zij, ook hier heeft Jezus doorbrekend gehandeld: verscheen Hij na zijn opstanding niet eerst aan vrouwen, en heeft Hij niet heel nadrukkelijk ook de vrouwen in Zijn werk betrokken?

Ik ben mij wel bewust van de risico's die kunnen opduiken wanneer men de Bijbel te zeer als een (louter) historisch bepaald doek beschouwt. Maar in de volle overtuiging dat Gods boodschap voor alle eeuwen en alle tijden is, mag men het aandurven bepaalde tekstgedeelten als een meer of minder op plaats en tijd afgestemde invulling en uitwerking van Gods nooit veranderende boodschap te zien.

Hierbij zal men moeten waken voor een interpretatie die alleen ruimte laat voor zaken die ons aanspreken en die zaken welke wij niet (willen?) begrijpen als 'ouderwets' afdoet. Maar beweren dat elk woord in de Bijbel onverkort en absoluut waar is, kan zelfs de SGP niet, hoe apodictisch zij (!) soms ook mag stellen De Waarheid te beheersen.

Nogmaals: het eigen gelijk is altijd subjectief; dit nodigt uit tot bescheidenheid. Voorts brengt het functioneren in een samenleving met zich mee, dat men rekening houdt met (oprechte) gevoelens van anderen. In de eerste plaats betekent dit dat een gelijkwaardige positie van de vrouw niet koste wat kost geforceerd dient te worden; wegen van geleidelijkheid kunnen ook tot een goed resultaat leiden. In de tweede plaats betekent dit dat een open, eerlijke discussie over de positie van de vrouw gevoerd moet kunnen worden, waarbij men zich niet blind staart op bijbelteksten.

In dit geval is het goed te bedenken dat de minderwaardige positie van de zwarte medemens eeuwenlang op vermeend bijbelse gronden is verdedigd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden