DE SEKTE VAN AMDI

Ze noemden zich de revolutionaire avant-garde van West-Europa, de leden van de Deense sekte Tvind. Het was 'wij' - wereldverbeteraars - tegen 'zij', de burgerlijke machthebbers. De schimmige groep heeft nauwe banden met kledinginzamelaar Humana, die ook in 120 Nederlandse gemeenten actief is. Vandaag staat Tvind in Denemarken voor de rechter. ,,Een hele enge organisatie', zegt een Nederlands ex-lid in het eerste deel van een tweeluik over de sekte.

Patricia Brunklaus wilde 'iets' doen in de Derde Wereld. ,,Niet iets vrijblijvends, maar daadwerkelijk projecten opzetten, mensen helpen.' Als 22-jarige sloot ze zich aan bij Tvind, een Deense groep van idealisten. ,,Ze deden heel goeie dingen', vindt ze nog altijd. Pas na haar vertrek besefte ze lid te zijn geweest van een sekte.

Ze werd in 1979 lid van wat de 'lerarengroep' van Tvind heette, een exclusief gezelschap van gelijkgezinden onder leiding van Mogens Amdi Pedersen. Deze charismatische Deen, die radicale politieke standpunten aanhing, had Tvind eind jaren zestig opgezet. Hij bouwde een wereldimperium van scholen, fabrieken, plantages en recyclingbedrijven.

In Nederland is Tvind onder de naam Humana groot in het inzamelen van tweedehandskleding. Het officiële doel was en is hulp geven aan de Derde Wereld. Maar het meeste geld dat Tvind verdiende ging volgens de Deense justitie niet naar het goede doel. Via postbusfirma's in belastingparadijzen zouden grote sommen zijn weggesluisd.

Pedersen verdween in de jaren tachtig van de aardbodem, maar werd in 2001 door Deense journalisten opgespoord in Miami, waar de inmiddels grijze zestiger zijn dagen in rijkdom doorbracht in een miljoenenappartement. Vandaag staat de Tvind-leider in Denemarken voor de rechter op verdenking van grootschalige fraude.

Pedersens Tvind bestond uit mensen die lak hadden aan autoriteiten en burgerlijkheid. Ze voelden zich de revolutionaire voorvechters voor een betere wereld, een ideologie die Patricia Brunklaus aansprak.

Maar toen zij na zeven jaar de knellende banden met Tvind wilde verbreken, ging dat niet zomaar. Bijna nog was ze op een straathoek in Harare, Zimbabwe, door drie medeleden van de lerarengroep in een auto gesleurd. Nu is ze het enige Nederlandse ex-lid van de lerarengroep dat haar verhaal wil vertellen. De anderen hebben geheime nummers of willen het verleden niet meer oprakelen. Brunklaus' verhaal komt overeen met de getuigenissen van Deense leden, die onlangs de lerarengroep hebben verlaten.

,,Als ik die advertenties zie waarin ze in Nederlandse en Belgische media vrijwilligers voor Afrika vragen, word ik nog steeds woedend', zegt ze. ,,En die rotcontainers voor gebruikte kleding. Het is een heel enge organisatie.'

In studentenbladen staan ze geregeld, kleine oproepen: vrijwilligers gevraagd voor Zambia en Angola. Met een telefoonnummer of een e-mailadres in Denemarken. En op internet. Hoeveel Nederlanders momenteel actief zijn binnen de organisatie, is niet bekend.

Afgelopen oktober dook in elk geval de naam van Esther Nicolay (24), Nederlands lid van de lerarengroep van Tvind, op tal van plekken op: de website van Amnesty in Noordwijk, de website van het regiment infanterie Johan Willem Friso in Libanon. Op Vrouwennet: ,,Lieve vrouwen, we zijn op zoek naar vrijwilligers die zich in willen zetten voor projecten in Afrika.' Met daarbij het Deense e-mailadres van Nicolay: ,,Neemt contact op.' Maar op vragen van Trouw reageert ze niet.

Hinke van Dorp, Julia Scholten, Joost van der Zanden en de Belgische Annemarie van der Walle stuurden een mail aan Humana - ze wilden graag gaan werken in Afrika - en werden uitgenodigd voor een weekeinde in de witgepleisterde Tvind-school in Juelsminde, afgelopen najaar. De reis naar Denemarken moesten ze zelf betalen, dat wel.

,,Het klonk veelbelovend', zegt Van der Walle. ,,In Denemarken zouden we eerst een opleiding krijgen en daarnaast moesten we aan fundraising doen om onze eigen opleiding en vliegticket te betalen. Maar ik vond dat die opleiding niets voorstelde, het kwam erop neer dat vrijwilligers onvoorbereid zouden vertrekken naar Afrika. En toen we vragen gingen stellen over Tvind, was het gauw over. Alle aandacht van de Denen ging naar de bezoekers die nog te overtuigen waren.'

Van Dorp: ,,Er heerste een negatieve sfeer. Wat zij een opleiding noemden was gewoon geldinzameling. Je moest de straat op om geld te verdienen voor Tvind. Zodra ze merkten dat we vragen stelden over de financiering van Tvind, werden we afgekapt. Dan waren ze meteen niet meer in je geïnteresseerd.'

Julia Scholten had als verpleegkundige al Afrikaanse ervaring. Ze werkte vijf maanden in Zuid-Afrika bij een aidsproject. ,,Ik ben daardoor veel kritischer geworden worden over ontwikkelingssamenwerking. Over de hele wereld worden mensen geronseld die in Afrika denken goed te doen. Maar ik vraag me af of ze niet juist meer kapotmaken. Het is daar geen speeltuin. Toen ik daarover bij Tvind vragen stelde, kreeg ik geen antwoorden. Ze wilden in Denemarken vrijwilligers in vijf maanden klaarstomen voor Angola, maar net zo makkelijk worden ze naar Zambia gestuurd. Dat vond ik raar. We hadden snel het idee dat het niet klopt. Er is daar iemand bezig erg rijk te worden.'

Van der Zanden besloot maar op eigen houtje naar Latijns-Amerika te gaan, na zijn teleurstellende bezoek aan Denemarken. ,,De sfeer daar stond me niet aan. Er zitten kennelijk toch sektarische praktijken achter.'

Tvind is geen sekte, zegt de Deen Per Jensen, lid van de lerarengroep en voorzitter van Humana-Nederland, de instelling die onder charitatieve vlag tweedehands kleding inzamelt in 120 Nederlandse gemeenten. ,,Er is geen gezamenlijke religie en er zijn geen geheime rituelen.'

Maar volgens Patricia Brunklaus (45), ex-lid van Tvind en tegenwoordig directeur van VluchtelingenWerk Tilburg, is de lerarengroep zeker een sekte. ,,Het is 'wij' tegen 'zij'. Je bent als lid niet vrij, er zijn ongeschreven regels en codes, contact buiten de groep wordt ontmoedigd, ook met familie. Er is een mystieke charismatische leider, met ongebreidelde macht. Hij bepaalt wat er gebeurt, de anderen volgen hem blindelings. Dat heeft toch alles van een sekte.' Ze volgt nog steeds de ontwikkelingen, onder meer via een internationale site die waarschuwt voor de praktijken van Tvind (www.tvindalert.com).

Als Brunklaus vertelt over haar zeven jaren bij de lerarengroep, ontvouwt zich het scenario van een beklemmende film. Ze deed in 1977 in Denemarken mee aan een derdewereldcursus bij de Reizende Volkshogeschool, waaruit Tvind was ontstaan. De cursusleider, lid van de lerarengroep, vroeg haar of ze wilde toetreden. ,,Ik voelde me vereerd. Ik vond het een leuke groep mensen, heel links, heel alternatief en sociaal bewust. Met veel aandacht voor de ongelijke verdeling in de wereld.'

Ze werd ingewijd in de beginselen van Tvind door twee vrouwen, vertrouwelingen van Mogens Amdi Pedersen: tijd en geld is gemeenschappelijk bezit, leden zetten zich onvoorwaardelijk in voor de lerarengroep. Pas later ondekte ze dat er nog een vele andere regels waren.

Patricia Brunklaus werd op een proeftijd van twee jaar aangenomen. Ze wist dat ze, zodra ze een contract kreeg voor onbepaalde tijd, ook al haar persoonlijke bezittingen in de lerarengroep zou moeten inbrengen. ,,Als je op een tijdelijk contract bent, tel je nog niet mee als volwaardig lid. Er gebeurde veel buiten mij om. Toen ik voor onbepaalde tijd tekende, werd ik omhelsd door Amdi Pedersen. Nu hoorde ik erbij.'

Brunklaus merkte al snel dat ze zich binnen de lerarengroep gedeisd moest houden. ,,Ze lieten je voelen dat niet tegen beslissingen in kon gaan. Voordat ik lid werd van de lerarengroep, waren ze ontzettend aardig en sympathiek. Toen ik er eenmaal in zat, was het ineens een stuk serieuzer. Men hield zich afzijdig van elkaar. Je kreeg op bijeenkomsten ongezouten, harde kritiek als je volgens hen iets niet goed had gedaan. Ik begreep vaak zelf niet eens wat er fout was.'

Je mocht niet roken, geen alcohol drinken, je praatte niet met buitenstaanders over de lerarengroep. Relaties, zeker buiten Tvind, werden sterk ontmoedigd. En verder werken, werken, werken. Eigen geld had je niet. Alles wat de leraren verdienden ging in een gezamenlijke pot. Niemand wist wat er in zat. De leraren kregen uit subsidies van de Deense overheid een behoorlijk salaris, dat rechtstreeks naar de interne kas van Tvind ging. Het systeem bestaat nog altijd.

De reserves van Tvind zijn geheim. Geen lid van de lerarengroep wil daar iets over zeggen. ,,Ik vraag jou toch ook niet hoe jij je loon besteedt', zegt de 46-jarige Gea Eekman, die sinds 1983 lid is van de lerarengroep. ,,Het is toch onze keuze hoe we ons eigen geld willen uitgeven?'

Eekman werkt sinds 1995 voor Humana in Angola. Ze leidt daar een Tvind-school. Over de lerarengroep zegt ze: ,,Mensen die hard werken voor en met mensen die weinig kansen hebben. Het is geen baan van negen tot vijf.'

In West-Afrika krijgt ze via de plaatselijke overheid zo'n 3100 Amerikaanse dollars per maand als basisloon. Daar komt een toeslag van de Verenigde Naties bovenop, het totaal is ongeveer 5000 dollar. Een deel van dat geld wordt gebruikt voor eten en kleding. ,,Het leven in Angola is vrij duur. Wat over is gaat naar de spaarpot van Tvind, waaruit extra uitgaven voor de leden van de lerarengroep worden bekostigd, zoals de financiering van sabbatsverloven, pensioenen en vliegtickets voor familiebezoek.' Volgens Eekman worden uit de middelen van Tvind ook projecten in derdewereldlanden gesteund.

Eekman zegt dat ze niet weet hoeveel geld er staat op de gezamenlijke spaarrekening van Tvind. ,,Ik heb wat ik nodig heb en ik doe het werk dat ik graag wil doen. Dat is voor mij genoeg. Ik heb trouwens ook eigen spaargeld.'

Patricia Brunklaus hield het zeven jaar vol bij Tvind. ,,Je ontwikkelde binnen die beklemmende cultuur van de lerarengroep je eigen overlevingsstrategie. Maar je was daardoor dus ook heel erg eenzaam. Ik had wel eens een vriendje. Ik rookte ook wel. Daarover praatte je niet.'

Vrije tijd bestond niet. Met de kerstdagen mocht Brunklaus naar huis. Zonder reisgeld. Op kerstavond vertrok ze liftend naar Nederland. Op tweede kerstdag moest ze weer terug, liftend, om op de dag na kerst het feest van de lerarengroep te kunnen bijwonen. ,,Op deze bijeenkomsten werd de visie van Amdi Pedersen uiteengezet en werd de onderlinge verbondenheid benadrukt.'

Brunklaus voldeed braaf aan de regels van Tvind. Toen ze eens thuis in Nederland was, verscheurde ze jeugdfoto's en oude schoolrapporten. ,,Dat moest, omdat wij immers de nieuwe revolutionairen waren en zo moeilijker traceerbaar zouden zijn voor politie of geheime diensten. Ik deed netjes wat me werd opgedragen, ik geloofde er ook werkelijk in. We hadden lak aan regels, aan alles.'

De omslag kwam voor Brunklaus niet lang nadat de lerarengroep ontdekte dat ze een relatie had met iemand van 'buiten'. ,,Ik werd op het matje geroepen en kreeg verschrikkelijk op m'n lazer. Ze stuurden we op strafkamp. In de ijzige kou moest ik Tvind-scholen gaan repareren. Toen dacht ik voor het eerst, hier klopt iets niet.'

Brunklaus besloot binnen de organisatie haar eigen weg te zoeken. Ze stelde Pedersen voor om in Nederland een Tvind-school te beginnen. ,,Uiteindelijk mocht dat, maar doordat ik zelf initiatieven had genomen werd ik sindsdien beschouwd als een probleem, bleek later. Die school stevende af op een groot succes. We kregen een voormalig schippersinternaat in bruikleen van de paters in Oud-Gastel. Het leek prima te gaan. Maar kort daarna bleek op een bijeenkomst in Denemarken dat ik buiten de groep stond. Ik had me in Nederland werkelijk uit de naad gewerkt, maar kreeg daarvoor geen enkele waardering.'

Daar kwam bij dat Brunklaus in Nederland een man had ontmoet, die niets met Tvind te maken had. ,,Mijn relatie met hem werd snel bekend. Ik was duidelijk een afvallige. Amdi Pedersen stuurde me toen naar een project in Zimbabwe.' Haar vriend schreef vele brieven, maar Brunklaus kreeg er niet één te zien. Collega's van de lerarengroep onderschepten de brieven en vertaalden ze in het Deens voor de anderen. Ze werd in Zimbabwe anderhalve dag lang over haar relatie buiten Tvind ondervraagd door dertien mensen van de lerarengroep. ,,Het was een marteling, al weet ik dat je dat begrip niet lichtzinnig moet gebruiken.'

Ze heeft geen spijt van haar jaren bij de lerarengroep. ,,Ik heb het naar eer en geweten gedaan. Het werk dat we deden was fantastisch. We hebben echt veel gedaan voor minderbedeelden, randgroepjongeren. Maar het zit met die organisatie helemaal fout. Amdi Pedersen heeft dertig jaar lang mensen gebruikt, een ongebreidelde macht gecreëerd. Het is ongelooflijk dat Tvind na dertig jaar nog steeds kan bestaan.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden