Review

De scherven van het geheugen

Op drie bladzijden voor het einde van 'Nagelaten dagen', de nieuwe roman van de 77-jarige schrijfster Marga Minco, spat een kostbare glazen kom op de grond kapot. De met kleine blauwe vogeltjes gestileerde kom was oorspronkelijk bezit van de Joodse familie Ruppin, die tijdens de Duitse bezetting hun waardevolle eigendommen bij een hebberige buurvrouw in bewaring had gegeven.

Door toedoen van de naamloze vertelster - een schrijfster, die als twee druppels water op Minco zelf lijkt - krijgt Eva Ruppin, de dochter van het gezin, de kom pas weer in handen als ze die niet meer werkelijk kan bevatten. In een ziekenhuisbed, lijdend aan geheugenverlies, laat zij het verleden letterlijk in scherven uiteen vallen.

De symboliek van de blauwe kom is typisch voor de stijl van Marga Minco. In haar verhalen en korte romans - ook 'Nagelaten dagen' heeft zij beperkt gehouden tot 119 bladzijden - duikt altijd een element op, dat onmiskenbaar en glashelder de geschiedenis die zij wil vertellen in één beeld samenvat. In Minco's vorige roman 'De val', die al weer dertien jaar geleden verscheen, stort de oude, getourmenteerde Frieda Borgstein in een straatput vol kokend water, het dodelijk stomende symbool voor de Holocaust.

Op het eerste gezicht doet 'Nagelaten dagen' zowel stilistisch als inhoudelijk zeer vertrouwd aan. De schaamteloosheid van de bewariërs, zoals de zogenaamd behulpzame opbergers in oorlogstijd ergens worden genoemd, beschreef Minco in de jaren vijftig al eens treffend in het korte verhaal 'Het adres'. Daarin zoeken de handen van een joods meisje in een tegelijk vreemde en vertrouwde omgeving naar het brandgaatje in een wollen kleed, dat haar moeder in de oorlog bij een kennis heeft ondergebracht.

De onuitgesproken verwijzing naar 'Het adres', dat wel de oerversie van deze roman genoemd kan worden, is lang niet de enige. De ik-figuur van 'Nagelaten dagen' heeft, net als de joodse protagoniste van Minco's kleine kroniek 'Het bittere kruid', als enige van haar familie de oorlog overleeft. Opnieuw betekent overleven allerminst vergeten. Het contact dat de 'ik' heeft met Eva Ruppin - voor wie zij vijftig jaar na dato de achterovergedrukte spulletjes probeert terug te krijgen - betekent tegelijk een pijnlijke zoektocht naar het verleden van haar zuster Bettie, die in Auschwitz werd vermoord. Bettie was getrouwd met Eva's broer Hans. Ook deze twee namen zijn bekend uit 'Het bittere kruid'.

Het is opvallend dat de vertrouwde elementen uit Minco's werk in 'Nagelaten dagen' nogal eens een halve of een hele slag zijn gedraaid. Zo heet het Amsterdamse plein waar Bettie is opgepakt door de Duitsers - en waar nu één deur verder de bezittingen van de Ruppins blijken te zijn bewaard - nu Wedemerplein in plaats van Merwedeplein.

Dit lijkt een futiliteit, maar is in wezen een van de subtiele tekens, die erop wijzen dat Minco een stapje van de werkelijkheid van 'Het bittere kruid' af is gaan staan. Om de metafoor nogmaals te gebruiken: Marga Minco biedt geen afgeronde blik op de glanzend glazen kom van de tijd, maar op de vertekenende en gebarsten scherven.

In feite is de zoektocht naar het verleden zelf het onderwerp geworden. Marga Minco, of eigenlijk moet ik zeggen: de vertelster van de roman, moppert hardop op lezers die haar proza slechts aan haar persoonlijke geschiedenis toetsen: “Ik houd er niet van als iemand er zich toe zet mij omstandig uit te leggen waar een verhaal van mij over gaat en al helemaal niet als er gesuggereerd wordt dat het een exacte weergave zou zijn van een eigen belevenis.”

Hoewel haar geserreerde stijl de illusie van een exacte weergave in de hand werkt, gaat het Minco in 'Nagelaten dagen' in laatste instantie juist om het tegendeel. De verweven verhalen van de twee belangrijkste vrouwen in de roman, de vertelster en Eva Rupinn, geven nu juist aan hoezeer zij over het verleden in het duister tasten.

De protagoniste twijfelt sterk aan haar geheugen. Zij staat op de drempel tussen feit en fictie als zij peinzend vaststelt: “Eenzelfde ervaring heb ik bij het terugzien van oude foto's, afbeeldingen die verwondering oproepen, grenzend aan ongeloof over een periode die niet meer te achterhalen is, maar des te meer de ongrijpbaarheid doet beseffen van een verloren gegane tijd.”

Juist die ongrijpbaarheid, die onzekerheid die je ook tijdens het lezen overvalt, maakt 'Nagelaten dagen' de moeite waard. “De werkelijkheid overtreft dikwijls de fantasie”, zegt de 'ik' als zij over haar schouder kijkt. En zo is het ook. Hoe valt zoiets als de Holocaust te fantaseren? Hoe kan zij schrijven over de brute, systematische moord op de zus die haar als klein meisje beschermde tegen de scheldpartijen van andere kinderen?

Deze overweldigend schrijnende vragen zouden er wel eens de reden van kunnen zijn dat Minco zich steeds weer bedient van de subtiele omwegen van symboliek en het herhaaldelijk heen en weer springen in de tijd. Juist haar vernuft en haast onderkoelde toon zorgen ervoor dat de spanning draaglijk blijft èn raakt. Dat wil niet zeggen dat het schrijven een echte uitweg biedt uit het labyrint van de herinnering. Marga Minco, zelf in de nagelaten dagen van haar leven, kan slechts de scherven van haar gruwelijke verleden op het juiste moment laten snijden of ontroerend laten glinsteren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden