'De Rode Hoed wordt geen Groene Hoed'

Journaliste Anneke Groen (51) stond soms om vijf uur op om nog wat te werken voor ze om acht uur de kinderen uit bed haalde. Ze reed weleens 'onverantwoord hard' naar huis. ,,Maar op de belangrijke momenten was ik er altijd voor mijn kinderen. Het was toen heel ongewoon dat ik als moeder werkte. Ik voelde me altijd schuldig. Maar mijn kinderen zeggen nu dat ze het allemaal nauwelijks merkten.'

Hélène Butijn

De combinatie van werk en zorgtaken vindt Groen een goed onderwerp voor De Rode Hoed. Sinds september is ze daar directeur. ,,Maar ik had dit niet kunnen doen met kleine kinderen. Ik wil eraan bijdragen dat dit probleem wordt opgelost. Al mijn hele leven ben ik bezig met hoe je werk en zorg kunt combineren. Maar het enige dat is bereikt, is dat mijn dochter móet werken. Dat is vanzelfsprekend geworden. Ik kon tenminste nog kiezen.'

Anneke Groen was de oudste in een 'ontzettend gezellig' gezin met elf kinderen. Haar vader was streng katholiek. ,,Bij ons thuis werd zeer veel gediscussieerd. Mijn vader zat in de gemeenteraad in Alkmaar. Hij was heel serieus en principieel. Zijn vader, Jacques Groen, was 27 jaar kamerlid voor de KVP. Als we bij mijn grootouders op bezoek gingen, waren de mannen in de voorkamer heftig in discussie en de vrouwen in de keuken minstens zo.'

,,Vaak vroegen we zondagavond na het eten 'papa, ga je ons vragen stellen?'. Dat waren moeilijke vragen, en het was een competitie wie het eerst het antwoord wist.' Elke zondag werd de preek uitgebreid bediscussieerd. ,,Mijn vader was het per definitie oneens met de pastoor. Dat kon hoog oplopen. Van hem heb ik die voorliefde voor discussiëren, die serieuze belangstelling. Het moet wel ergens over gáán.'

Groen begon te werken als lerares handvaardigheid. ,,Idioot, hè.' Bij Pax Christi Alkmaar ontmoette ze haar man Jan. ,,Hij schreef in het blad en ik plakte de postzegels en deed de adressen. Zo was de verdeling toen.' Ook bij Pax Christi draaide alles om discussiëren. ,,Over Vietnam en of je over wereldvrede kon praten, als je ruzie had met je buren. Ik heb het laatst op zolder weer allemaal gevonden, enig.'

Toen ze 23 was, werd haar eerste kind geboren. Groen bleef - parttime - werken. ,,Dat was toen heel ongewoon, maar mijn man Jan was uiteindelijk heel geëmancipeerd. Hij zorgde zelf een dag in de week voor de kinderen.' Het idee tot haar zestigste voor de klas te staan, benauwde haar. Via een vriend kreeg ze een baan als freelance journaliste voor het Noordhollands Dagblad. ,,Mijn eerste opdracht was een verslag van een modeshow in een kleine stoffenzaak in Alkmaar. De chef zei: 'Morgenochtend om half negen moet ik je verhaal hebben.' Ik wist meteen: 'Dit ga ik dus doen'. Ik vond het zó spannend.'

Het werken bij de krant was - ondanks steun van haar man - niet te combineren met haar gezin. Ze stapte over naar Libelle en even later naar Margriet. ,,Daar ben ik zes jaar gebleven. Er was een heel inspirerende hoofdredactrice. Zij stuurde me in 1980 naar de wereldvrouwenconferentie van de Verenigde Naties in Kopenhagen. Dat was een eye-opener. Alles kwam bij elkaar: de interesse die ik had voor emancipatie, maatschappelijke bewustwording, politiek. Ik merkte dat ik bij Margriet niet alles kwijt zou kunnen.'

Groen begon voor zichzelf. Ze maakte radioprogramma's voor het Humanistisch Verbond, schreef voor onder meer Opzij en organiseerde congressen op het gebied van onderwijs, ontwikkelingssamenwerking, journalistiek en gezondheidszorg. Steeds zocht ze onderwerpen die dicht bij haarzelf lagen.

Aan de muur hangen twee oorkondes in lijstjes: de Prix Europa en de Italiaanse Prix Leonardo, die ze kreeg voor haar in 1993 uitgebrachte documentaire 'Doorgaan tot welke prijs'. ,,Daar ben ik trots op.'

Naar aanleiding van het overlijden van haar eigen vader aan kanker, volgde ze vijf kankerpatiënten. De communicatie met hun artsen stond centraal. ,,Artsen zijn vaak heel goedwillend. Maar als mensen het woord 'kans' horen, dringt het niet meer tot ze door dat de arts dat óók zegt als er maar één procent kans op genezing is.'

,,Mijn vader wilde zich volgens mij helemaal niet meer laten behandelen. Hij wist dat hij dood ging. Maar toen kreeg hij de hele familie en allerlei artsen over zich heen. Terwijl het bij dat laatste stukje misschien veel fijner is rustig te kunnen sterven. Ik hoop dat ik heb bijgedragen aan de discussies hierover.'

Halverwege vorig jaar werd Groen benaderd door een headhunter. ,,Het was precies het goede moment. Wij hebben als kinderen vijf jaar voor mijn moeder gezorgd. Twee jaar geleden is zij overleden. Mijn kinderen zijn nu afgestudeerd en hebben een baan. En ik wilde, buiten mijn eigen bedrijf, wel weer eens deel van een groter geheel zijn. Mijn grenzen verleggen.'

Op haar eerste werkdag stuurden haar broers en zussen een bos bloemen. 'Maak er maar een Groene Hoed van', schreven ze. ,,Maar dat doe ik niet, hoor. Het blijft De Rode Hoed.' Over verschillen met haar prominente voorganger Huub Oosterhuis wil Groen weinig zeggen. ,,Ik ben geen Huub Oosterhuis. Dat kan niet, en dat hoef ik ook niet te zijn. Ik wil voortzetten wat hij opbouwde, maar daar wel nieuwe vormen voor vinden.' Hoe ze dat precies gaat doen, moet maar duidelijk worden aan de hand van de programmering van De Rode Hoed, vindt ze. ,,Ik hou niet van hoogdravende woorden. Ik vind het al heel wat als twee mensen de zaal verlaten met het idee dat ze er echt iets aan hebben.'

Wel zou ze Oosterhuis' 'religie, cultuur en politiek' liever breder willen zien, en De Rode Hoed als centrum voor 'reflectie, discussie en verbeelding' willen presenteren. ,,Het is vooral de kunst een goede invulling te geven aan de religieuze kant', meent Groen. ,,Religie is zo'n zwaarbeladen woord. Ik ben natuurlijk geen priester en ik ga ook niet elke zondag naar de kerk. Religie is voor mij meer: dat wat er tussen mensen gebeurt. Ik heb een wezenlijke interesse in mensen. Het gaat mij om het met respect naar elkaar luisteren. Mensen hebben een plek nodig waar dingen samenvallen. Die samenhang ontbreekt nog te veel in de maatschappij.'

Verder moet Groen vooral op zoek naar geld. ,,De Rode Hoed moet wel voortbestaan. Ik vind dat De Rode Hoed in het Kunstenplan van de gemeente Amsterdam moet worden opgenomen. En ik wil dat onderwerpen terugkomen. Ik ben bezig met een groot ouderenproject en een groot Islam-project. Daar is structurele steun voor nodig. Maar voor onderwerpen als 'loslaten', 'verdriet' en 'verlies' is niet gemakkelijk subsidie te krijgen.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden