De robotziel zit niet in hemzelf maar in mij

Wij geven niet alleen namen aan onze kinderen, maar ook aan onze katten, honden, marmotten, konijnen, paarden en sommige koeien. Hoewel Klaartje, nu ze door een computer wordt gemolken, vaker een nummer heeft, geloof ik.

Een naam geven betekent dat je dat kind of die poes uitzondert van alle andere kinderen en poezen. Dat is tevens de reden waarom een grassprietje in uw gazon geen naam krijgt. Het heeft geen zin. Wat zou je ermee bereiken als je één grassprietje Henk noemde? Grassprietjes lijken te zeer op elkaar en ze doen ook allemaal hetzelfde.

Er bestaat geen enkele situatie in ons leven waarin het zinvol is om een grassprietje met een naam als Henk op te zadelen en zodoende af te zonderen van alle andere grassprietjes. En als ik nog even in de tuin mag blijven, voor mieren, kevers en bijen geldt precies hetzelfde. Het hele idee 'ik kan ze niet van elkaar onderscheiden' hangt nauw samen met de zin van naamgeving.

Een naam is immers de aanduiding van een individu. Het verwarrende is dat we deze aanduidingen niet alleen gebruiken voor wat wij levende individuen noemen, maar ook voor levenloze. Denk aan 'Groningen' voor een stad, of 'Neeltje Maria III' voor een schip, of 'Buitenrust' voor een villa, of 'Eik en Duin' voor een begraafplaats. En iedereen zal bij de stad, het schip, het huis en het kerkhof allerlei associaties hebben die een geestelijk beeld opleveren dat we de ziel van de plek of het voorwerp kunnen noemen. Ik ben nooit op Eik en Duin geweest, maar ik associeer de naam met brede lommerrijke lanen die langs prachtige negentiende-eeuwse graven voeren waarin beroemdheden uit een ver verleden in heerlijke doodssluimer voortleven. Zoiets.

En hoewel Eik en Duin voor mij dus wel een geestelijke inhoud heeft, een ziel, geloof ik niet dat het kerkhof het zou voelen als alle graven geruimd werden, de bomen gerooid en de grond geasfalteerd. Want die ziel van Eik en Duin die zit in mij, niet in die lanen en graven.

Ik probeer hier iets te zeggen over de bezieldheid van het onbezielde, iets waar je makkelijk over in de war kunt raken. Ik heb eens een keer een Honda Civic-model 1979 naar de sloop gebracht. Ik zal nooit de blik vergeten die zij mij nazond toen ik met mijn miezerige zilverlingen de sloperij verliet.

En nu gaat u zeggen: kom nou, dat is gestoord, om zo te denken. Ben ik met u eens, maar het gaat hier wel om een stoornis die je aantreft in een zeer bepaalde afdeling van het filosofische gebouw: het denken over robots.

Florentijn Rootselaar schreef in Trouw van vorige zaterdag een verslag van het denken van Daniel Dennett over robots. Dennett is er erg op gebrand om duidelijk te maken dat robots ook gevoel hebben, als je ze maar ingewikkeld genoeg maakt. Een eerste bezwaar is dat de robots die we nu hebben er zo on-menselijk en dus on-voelend uitzien, dat de vraag of zij iets voelen even makkelijk terzijde geschoven kan worden als de vraag of mijn fiets iets voelt.

Dit argument wordt weggebluft met deze overweging: als we een superrobot konden bouwen die in alle opzichten op een menselijk lichaam lijkt, dus ook als je hem open maakt, heeft die dan ook geen gevoel? Ik zou daarop willen antwoorden: as me tante een pikkie had dan was het me oom. Kom weer eens langs als je dat ding gebouwd hebt. Want als je, niet in bed, maar in een laboratorium een wezen zou kunnen maken dat in alle anatomische opzichten gelijk is aan een mens, dan ben ik een dochter van de paus.

Er ligt een motief achter Dennetts overigens fascinerende denken. Hij wil graag dat we robots zijn, omdat we robots begrijpen. We weten hoe ze tot stand komen, hoe ze werken, waar ze heengaan en waar ze eindigen. Robots zijn individuen die we geestelijk gesproken 'onder de knie' hebben. En wie kan aantonen dat wij zelf niets meer zijn dan robots, die heeft de mens voorgoed uitgewerkt. Waarmee het Delphische 'Ken uzelve' eindelijk volbracht is.

Dit lijkt mij een misvatting. Begraafplaatsen, Honda's en robots hebben geen gevoelens. Maar ze kunnen wel gevoelens opwekken. Da's alles.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden