De regen is een zegen voor Pinkpop

De sterren van deze Pinkpop-editie? Dat waren de hoosbuien van zondag. Met name die droegen bij aan het festivalgevoel. Zoals het ook vooral de regenval was die, in nauwe samenwerking met fonkelende optredens van Zuco 103, Solomon Burke, Audioslave en Queens Of The Stone Age, ervoor zorgde dat deze editie van Pinkpop niet de boeken inging als anoniem en kleurloos. En dat terwijl het festival bij lange na niet uitverkocht was.

'Roermond, Weert en Tilburg hebben het al zwaar voor de kiezen gehad lieve mensen, met bliksem en hagelstenen van vijf centimeter. Ook wij ontkomen er niet aan, dus als het gaat onweren leg alsjeblieft jullie vlaggen neer en steek de punt van je paraplu in de grond. En vooral niet panikeren!'

Amper een kwartier later werd de welkomstboodschap van Pinkpop-organisator Jan Smeets bewaarheid. In de vroege zondagmiddag en onder muzikale begeleiding van Peter Pan Speedrocks striemende rock en roll begonnen ook de regendruppels de festivalgangers te geselen, die zo goed en kwaad als het kon, met behulp van capuchons en stukken plastic of schuilend onder de luifels van de eettentjes aan de rand van het terrein, een droog heenkomen zochten.

Maar de vele dundoeken (die van C1000, Kruidvat en Euroshopper waren dit jaar het populairst) die bogen maar niet barstten onder de felle windvlagen gaven ook blijk van datgene waar iedere festival-organisator stiekem op hoopt: saamhorigheidsgevoel onder de bezoekers. Wat dat betreft is er geen beter smeermiddel dan slecht weer. Terwijl de koepeltentjes op de camping onder water liepen, dansten enkele meisjes uitgelaten in een enorme regenplas pal achter de hoofdingang en deelden ze bloemen uit aan voorbijgangers. Verderop vormden mensen hoepels met hun armen, waar anderen weer doorheen doken en daarna met een gelukzalig gevoel een buikschuiver door de modder maakten.

Jan Smeets zal dan ook later die avond, voor het optreden van Anouk op het hoofdpodium, met een zekere mate van voldoening hebben aangekondigd dat hij er die middag naast zat: de anderhalve bui die hij toen aankondigde waren er al drie geworden en er was er nog een op komst.

Zijn festival dreigde dit jaar namelijk in de soep te lopen. Het was hem ten eerste al niet gelukt de razend populaire Engelse band Coldplay te contracteren, die hoog op zijn verlanglijstje stond. Een week voor aanvang zegde bovendien publiekslieveling Linkin Park af wegens rug- en maagklachten van de zanger, een paar dagen later gevolgd door de puberpunkband Sum 41. Hoewel de vervangende acts (Evanescence en Zwan, de nieuwe band van ex-Smashing Pumpkins-voorman Billy Corgan) voor een kwalitatieve verbetering zorgden, betekende het ook dat Pinkpop voor het eerst sinds jaren bij lange na niet was uitverkocht.

Muzikaal was vooral de eerste dag van het driedaagse festival een herhaling van zetten. Placebo, Deftones en Moby hadden allemaal al eens eerder en, belangrijker, beter op Pinkpop gespeeld. Hun optredens waren respectievelijk plichtmatig, rommelig en te voor de hand liggend. Werkelijk enthousiasme bij de door de hitte loom gemaakte bezoekers was er slechts te bespeuren bij Tom McRae, die grossierde in aangrijpende, dramatisch aangezette liedjes, en de zwarte rockzangeres Skin. Al kwam dat vooral doordat ze behalve liedjes van haar eerste soloplaat ook veel nummers van haar vorige band Skunk Anansie ten gehore bracht, nog zo'n Pinkpop-veteraan.

Het waren vooral de Nederlandse bands die de zondag boven de middelmaat uittilden: Peter Pan Speedrock en Anouk speelden ijzersterk maar vooral Zuco 103 spetterde van het podium af. De groep rond zangeres Lilian Vieira serveerde een bruisende, tropische cocktail van Braziliaanse ritmes, jazz, hippe dancebeats en een tomeloos temperament. Ideaal om het regenwater bij uit je kleding te dansen gaf Zuco 103 een optreden weg waarmee ze de saaie pieten en droogstoppels van Silkstone, Ozark Henry en Lifehouse het nakijken gaven. Alsof ze een adrenalinebom lieten afgaan in de 3FM-tent.

'Good morning Holland, I'm here to get rid of your Pinkpop blues.' Profetische woorden van verreweg de meest opvallende verschijning van dit Pinksterweekeinde, soulveteraan Solomon Burke. De zelfbenoemde king of rock en soul, voorganger van zijn eigen kerk, begrafenisondernemer en pater familias van meer dan honderd kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen wierp de vroege vogels op de zompige weide terug in de tijd, toen Otis, Aretha en Wilson de popsterren waren en muzikanten altijd strak in het pak het podium opkwamen.

Met zijn uitgebreide begeleidingsband (onder andere blazers, achtergrondzangeressen en een harpist) in statig zwart-wit kwam de massieve gestalte zelf op in een scharlaken mantel, waarna hij plaatsnam op een diepblauwe zetel met gouden ornamenten. Met weeklagende uithalen op het orgel, huilende blueslicks en een ronkende blazerssectie waren Burkes blues- en soul-evergreens een welkome frisse wind door het Pinkpoplandschap dat vooral werd gedomineerd door loeiharde gitaarrock en gezapige pop. Ter afsluiting lokte hij met rode rozen meer dan honderd meisjes het podium op, die voor hem dansten en zijn hand mochten kussen.

Wat een schril contrast met de plichtmatige optredens van The Cardigans, Ilse de Lange en Krezip. Dan was het in de kleine tent beter vertoeven met de funky live-hiphop van Relax en de rudimentaire rock van Danko Jones, wiens boodschap duidelijk was: 'If you want to learn how to play the blues, get yourself a woman.'

De werkelijke klappers waren bewaard voor het moment dat de glibberige modderpoelen die overal op het veld verspreid lagen, door de zon en de wind min of meer onschadelijk waren gemaakt. De dampende dance van Junkie XL en de zomerse feestmuziek van Manu Chao (afsluiters op respectievelijk het noord- en het zuidpodium) moesten het niettemin afleggen tegen de gierende gitaren van Evanescence en publieksfavoriet Queens Of The Stone Age. De bandleden van Zwan waren meer geïnteresseerd in elkaar dan in het publiek maar Audioslave, de Amerikaanse band rond voormalig Soundgarden-zanger Chris Cornell, zorgde wederom voor een aardverschuiving, beginnend met een cover van The White Stripes' 'Seven nation army'. Driekwart van Audioslave had al eens met dat bijltje gehakt: als Rage Against The Machine schreven ze Pinkpop-historie door jaren geleden zo hard te spelen dat de trillingen in de aarde voor een flinke uitschieter op de schaal van Richter zorgden.

Drie dagen muziek, bier en modder, evenzoveel conclusies. Regen is een zegen, het talent van eigen bodem speelde zijn internationaal veel succesvollere collega's er menigmaal finaal uit en die paar duizend mensen die besloten hadden dit jaar maar eens geen kaartje te kopen, hebben de sterkste Pinkpop-editie sinds jaren misgelopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden