De rebellenclub is volwassen geworden

De partij werd groot dankzij Pim Fortuyn. En bleef groot, ook na de moord op hem in 2002. Leefbaar Rotterdam bestaat tien jaar en heeft onmiskenbaar een stempel gedrukt op de politiek in de stad.

ADRI VERMAAT EN BART ZUIDERVAART

'Kees, hoe heet die knakker van Leefbaar?' Nog voordat haar man kan reageren, zegt Wil Janssen (65): "Ik weet het weer: Pim Fortuyn. Dat mannetje mocht ik niet. Een blufkikkertje."

Het is een heldere, frisse zaterdag, eind oktober, als het campagneteam van Leefbaar Rotterdam neerstrijkt in deelgemeente Overschie. De politici discussiëren met voorbijgangers over de Angolese asielzoeker Manuel Mauro, over de euro en het naderende faillissement van Griekenland en - natuurlijk - over Fortuyn.

De volgende raadsverkiezingen zijn in 2014, nog ver weg dus. "Dat maakt ons niet uit, wij zijn altijd in de stad te vinden", vertelt raadslid Ronald Buijt. "Dat is onze kracht." Leefbaar brengt de gevoelens van de straat in het stadhuis, 'als geen andere partij', zegt hij. "Wij weten wat er onder de mensen leeft." Dat komt onder meer, legt Buijt uit, door de achtergrond van de raadsleden. Dries Mosch, bijvoorbeeld, is loodgieter. Hennie van Schaik is koopman op de Afrikaandermarkt.

Wil Janssen stelt geen prijs op een folder van het campagneteam. Ze stemt weer PvdA, zegt ze, na 'een kort uitstapje naar het CDA'. Haar kleinkind wil én krijgt een groene ballon met het logo van Leefbaar Rotterdam erop. Janssen kan sympathie opbrengen voor de Leefbaren. "Als er iets speelt in de stad, staat die partij vooraan. Dat is een kwaliteit."

Leefbaar Rotterdam is jarig. Deze maand is het tien jaar geleden dat de partij werd opgericht. Het respect dat de PvdA-stemmer uit Overschie vandaag de dag voor Leefbaar kan opbrengen, was destijds ver te zoeken. Journalist Jan Booister herinnert in zijn boek 'Clash aan de Coolsingel' aan de Marokkaanse jongens die Fortuyn uitmaakten voor 'vuile flikker' en 'smerige homo'. Aan de poederbrieven en vele dreigtelefoontjes. De tijden zijn veranderd. Leefbaar Rotterdam, de protestpartij van weleer, is veranderd.

Het verhaal van Leefbaar Rotterdam was aanvankelijk het verhaal van Pim Fortuyn. Op 6 maart 2002 beleefde hij zijn finest hour, denkt broer Simon. Exact twee maanden voor de moord behaalde de nog geen half jaar oude partij bij de gemeenteraadsverkiezingen op die maartdag meteen zeventien zetels binnen. Dat waren er zes meer dan de grote, door de Leefbaren zelfbenoemde concurrent PvdA. De partij dus, die na de Tweede Wereldoorlog, als vanzelfsprekend in de arbeidersstad Rotterdam, het stadhuis aan de Coolsingel had omgetoverd tot een ogenschijnlijk onneembaar rood bolwerk.

Zelfs Fortuyn was verrast over de omvang van de winst. Al voor zijn breuk met Leefbaar Nederland had hij zich in eerste instantie bereid getoond om als lijstduwer te fungeren voor Leefbaar Rotterdam. De nieuwe partij zou afrekenen met de volgens haar ingedutte, traditionele politieke partijen, hun bureaucratische gewoonten en hun achterkamertjes. Taboes moesten publiekelijk worden doorbroken, of het nu ging om jonge Marokkaanse (straat)criminelen, de gezagsverhouding binnen moslimgezinnen, moskeeën, besnijdenis of inburgering.

Ronald Sörensen, aan wiens keukentafel de partij werd geboren, had het idee voor een lijstduwerschap van Fortuyn zonder meer van de hand gewezen. "Het zou kiezers- bedrog zijn, vond Ronald", vertelt Simon Fortuyn nu in de fractiekamer van Leefbaar Rotterdam op het stadhuis. "Nou, dat was natuurlijk het laatste wat de nieuwe partij zou willen." Op 20 januari 2002 zou Pim Fortuyn tot lijsttrekker van Leefbaar Rotterdam worden gekozen.

Nog geen drie weken later leidde een omstreden interview met Fortuyn in de Volkskrant over de islam tot een breuk tussen hem en Leefbaar Nederland. Simon Fortuyn: "Voor Pim was dat een ontluisterende ervaring. De toenmalige top van Leefbaar Nederland, een stelletje egotrippers, heeft hem geslachtofferd. Dat vertel ik die mensen nog steeds als ik ze tegenkom. En in de media werd Pim als fascist neergezet, iemand die alles voor eigen gewin deed. Er werd herinnerd aan de Tweede Wereldoorlog en de donkere periode daarvoor. Dat raakte Pim enorm, en mij ook. Hij is wel mijn broer. Later, nadat hij was vermoord, zijn sommige media hier nog wel van teruggekomen."

De top van Leefbaar Rotterdam bleef - een enkele uitzondering daargelaten - Fortuyn na zijn breuk met de landelijke leefbaren steunen. Dat vertrouwen vertaalde zich in de bijzondere winst bij de raadsverkiezingen. "Pim zou vooraf gelukkig zijn geweest met tien zetels", zegt Simon Fortuyn. "De uiteindelijke winst was glorieus. Maar bovenal voelde het bij hem als gerechtigheid, vooral voor datgene dat hem was aangedaan."

Simon Fortuyn volgde de opkomst van Pim in de lokale en landelijke politiek vooral vanaf de zijlijn. In de aanloop naar zijn entree bij Leefbaar Rotterdam wees Simon zijn broer op de mogelijkheden van deze partij. Simon: "Ik volgde de ontwikkeling van Leefbaar op afstand, maar wel met veel belangstelling. Er zitten goede mensen bij die club, zei ik eens tegen Pim. Hij glimlachte alleen maar. Pas later begreep ik dat hij toen al contact had met Sörensen. De maanden voorafgaande aan zijn dood waren heel hectisch voor hem. We spraken elkaar amper. In heel die periode heb ik hem misschien vier, vijf keer aan de lijn gehad. Hij had geen tijd."

In een overwinningsroes reisde Pim Fortuyn aan het einde van de historische verkiezingsavond van 6 maart naar het landelijke lijsttrekkersdebat in Amersfoort. Hij schoof daar niet aan als grote man van Leefbaar Rotterdam, maar als ambitieuze lijsttrekker van de landelijke Lijst Pim Fortuyn (LPF). Het maakte nauwelijks verschil. PvdA'er Ad Melkert en Paul Rosenmöller van GroenLinks reageerden zuur en kribbig, waardoor de van nature toch al zelfverzekerde Fortuyn zich in de televisie- uitzending verbaal alleen maar sterker voelde worden. "Mede door de opstelling van Melkert en Rosenmöller, werd het voor Pim zijn mooiste moment", zegt broer Simon.

Maar de omvang van de winst van Leefbaar betekende ook dat er geïmproviseerd moest worden, herinnert Simon Fortuyn zich. "Pim had steeds gezegd dat de eerste tien kandidaten op de lijst van Leefbaar Rotterdam goed moesten zijn. Het werden dus uiteindelijk zeventien raadsleden. Voor een nieuwe, geheel onervaren partij een ongelooflijk succes, maar op dat moment toch een probleem. Waar haal je in korte tijd zoveel raadsleden vandaan die voldoende kwaliteit, tijd en energie hebben om in het raadswerk te stappen?"

Leefbaar Rotterdam kwam meteen aan het 'stuurwiel', samen met CDA en VVD. De PvdA verdween mokkend en aanvankelijk scheldend in de oppositiebanken.

Vier jaar eerder verruilde Salima Belhaj haar woonplaats Heerhugowaard voor Rotterdam. De latere D66-politica verliet het huis van haar in Marokko geboren ouders vanwege 'de wens op vrije partnerkeuze', vertelt ze. In Rotterdam trof Belhaj een 'ronduit onveilig' Centraal Station, met hangjongeren en drugsdealers op en rond de perrons. Ze belandde ook in een verdeelde stad. "Je had de allochtonen en het 'witte verdriet', ofwel de klagende blanken", zegt de inmiddels 33-jarige Belhaj. Heerhugowaard was opeens ver weg.

Belhaj volgde de revolte van Leefbaar Rotterdam met grote interesse. Als vrijgevochten dochter van Marokkaanse migranten waardeerde ze de door de Leefbaren aangezwengelde discussies over huwelijksdwang, vrouwenbesnijdenis en loverboys. "Het waren onderwerpen waar je de gevestigde partijen niet over hoorde."

Leefbaar, met Sörensen voorop, pakte vooral de moslims hard aan. Belhaj heeft dat nooit als beledigend of discriminerend ervaren, zegt ze. "Als die partij verkondigde dat het 'met al die Marokkanen in de stad onveilig werd', was ik het daar volstrekt mee oneens, maar ik had er ook niet zo'n moeite mee. Het opportunisme van Leefbaar was een middel om een discussie in de stad los te maken. Daarin verschilt de partij van de PVV, die zo'n uitspraak als een doel op zich ziet." Salima Belhaj was vooral nieuwsgierig naar de gevolgen van de machtsgreep van 6 maart 2002. Het bood bovenal kansen. Leefbaar Rotterdam sprak bepaalde progressieve allochtonen aan, iets wat tot dat moment nauwelijks gebeurde.

Hans Kombrink, tot dan acht jaar achtereen wethouder van onder meer ruimtelijke ordening en absolute PvdA-coryfee, herinnert zich de eclatante zege van Leefbaar als was het gisteren. "Ik had dat verlies voor ons, de PvdA, in die mate, niet zien aankomen. De peilingen gaven zo'n verlies evenmin aan. Dat een derde van het electoraat door Fortuyn werd veroverd, was gelijk een mokerslag. Wij werden neergezet als regenten, waar we in een open sfeer jaren ons best hadden gedaan voor de stad. Je werd weggezet, als het ware bij het oud vuil gedumpt. Voor een groot deel van Leefbaar Rotterdam was je ineens de grote vijand. Het had naar mijn idee niet alleen te maken met Fortuyn. Alles gebeurde op de golven van de aanslagen van 11 september, een rits van opeenvolgende gebeurtenissen. Er was een anti- islamsentiment, een veenbrand die we als PvdA, in die omvang, misschien onvoldoende hebben onderkend."

De voormalige staatssecretaris van financiën in het kabinet-Van Agt II heeft zijn scepsis over Leefbaar niet verloren. Dat PvdA samen met de Leefbaren nog eens het stadsbestuur zullen vormen, is wat hem betreft uitgesloten. "De mentale verschillen zijn zo groot, dat de kans op een vechtcollege aanzienlijk zou zijn. Het heeft te maken met stijl, cultuur, het mikken op andere personen door Leefbaar. Oude zaken oprakelen in de hoop dat anderen uit datzelfde verleden hierop kunnen worden aangesproken."

Het karakter van de club die Leefbaar Rotterdam heet, spreekt Kombrink niet aan. Dat was van meet af aan zo. "Tot die omwenteling in 2002 werkte je als bestuur samen aan de stad, ook als je in de oppositie zat", zegt hij.

"Ondanks alle denkbare verschillen die je als partijen hebt was er één gemeenschappelijk uitgangspunt: Rotterdam. Met Leefbaar in het college en de PvdA in de oppositie viel dat weg. De gemeenschappelijke cohesie werd ondermijnd, ook bij ons. Je had de moskee-, de islamdiscussie. Problemen moet je benoemen, prima. Maar dit was anders. Het gaf een sfeer van het zich bedreigd voelen, aanvankelijk onder ambtenaren die als een PvdA-kliek werden gezien. Maar ook raakte het de bevolking, er was een splijtzwam voelbaar in de stad. Een deel voelde zich er niet welkom. In het college waarin ik zat, was al veel aandacht voor veiligheid, het wás al priorieit. In mei 2001 hadden we er in Kaatsheuvel een hele sessie over gehouden."

VERVOLG OP PAGINA 6

VERVOLG VAN PAGINA 5

Die vier jaar tot 2006 werd uiteindelijk een uitermate succesvolle regeerperiode, vindt Simon Fortuyn. "Waar Leefbaar Nederland en de avonturiersclub LPF in een drama eindigden, kon Leefbaar Rotterdam meteen een stempel op het beleid drukken", zegt hij. "Er werden concrete doelen gesteld op gebied van veiligheid, het bouwen van huizen, uitkeringen." Het Leefbaar-adagium 'Schoon, heel en veilig' deed zijn intrede. Simon Fortuyn: "Het beleid was open en doortastend, de coalitie werd afrekenbaar. We konden sturen en onze verantwoordelijkheid nemen. Als we meteen in de oppositie terecht waren gekomen, was het voor ons misschien anders gelopen."

Onmiskenbaar waren er ook 'aanloopverliezen'. Verscheidene raadsleden haakten al snel af vanwege persoonlijke ambities, onderlinge fricties, ondeskundigheid. De Leefbaar-fractie telde na verloop van tijd nog slechts elf raadsleden. Dat gaf geschamper in de stadhuisgangen, hier en daar ontstond hoop op een snel einde van Leefbaar.

De partij viel nooit uiteen en bleef voortdurend voor maatschappelijke opwinding zorgen met haar duidelijke, en mede hierdoor soms omstreden, standpunten over allochtonen. Gedwongen huwelijken, falende inburgering, polygamie, abortussen voor tienermeisjes, alles raakte op enig moment bespreekbaar binnen, en buiten het Rotterdamse stadhuis. Niets bleef verzwegen.

De oppositie, aangevoerd door de PvdA, ergerde zich rot. Steunpilaar van het eerste uur en wethouder Marco Pastors van infrastructuur moest zelfs zijn portefeuille opgeven, nadat hij, na eerdere incidenten en tegen de afspraken met coalitiegenoot CDA in, toch weer gevoelige opvattingen over de islam had geventileerd. Marianne van den Anker was toen al voor Leefbaar Rabella de Faria opgevolgd als wethouder veiligheid en volksgezondheid. De Faria, aanvankelijk nog paradepaardje als geslaagde, uit Suriname afkomstige zakenvrouw, verdween in feite geruisloos van het politieke toneel, ongeschikt als zij uiteindelijk werd bevonden binnen haar eigen partij.

De kikkers die uit de kruiwagen sprongen ten spijt, kijkt Marco Pastors tevreden naar tien jaar Leefbaar Rotterdam. "Een sfeer van bewondering en respect zou passen", zegt de huidige fractievoorzitter. "Bij de drie raadsverkiezingen waaraan we tot nu toe hebben meegedaan, haalden we achtereenvolgens zeventien, veertien en nog eens veertien zetels. Ik vind het knap wat Leefbaar Rotterdam presteert."

Welk onderwerp in de achterliggende tien jaar het meest in het oog sprong? "Het integratievraagstuk was het gevoeligste onderwerp", zegt hij gedecideerd. "Pim is hierdoor gedemoniseerd en vermoord. Dat onderwerp integratie speelt trouwens nog altijd. De inburgering werkt nog steeds niet, zeggen wij al jaren".

De kracht van Leefbaar Rotterdam is ook de kracht van Fortuyn geweest, meent Pastors. "We hebben de maakbaarheid teruggebracht. We slepen onderwerpen binnen die andere partijen om welke reden ook laten liggen. Pim deed dat ook. Leefbaar heeft een enorme drive om problemen op te lossen. Als het op het Centraal Station een onveilige bende is, suggereren andere partijen dat zoiets 'nu eenmaal bij een grote stad hoort'. Wij zeggen: 'dit is te gek voor woorden'. Toen Leefbaar aan de macht kwam, hebben we dat onmiddellijk aangepakt. Surveilleren, bonnen uitschrijven, arresteren. Binnen zes weken was het station aanmerkelijk veiliger."

Als je de welvaart wilt behouden, moet je soms onaardig zijn, vindt Pastors. "Wij kiezen bewust voor onderwerpen op de raadsagenda die anderen kennelijk ontgaan. We staan bijvoorbeeld open voor informanten die misstanden binnen de gemeente signaleren en die elders in het stadhuis geen gehoor krijgen. Om de informant te beschermen, komt het voor dat wij dan zelf aangifte doen. Zoiets verkleint de kloof die de politiek met de burger heeft."

Toch is Marco Pastors niet helemaal tevreden. Het stoort hem bijvoorbeeld dat de 'maatschappelijke elite' in Rotterdam zijn partij nog steeds niet helemaal heeft geaccepteerd. "Ik vind het vreemd dat bij de verkiezing van politicus van het jaar of die van het grootste politiek talent nog nooit iemand van ons is uitverkoren. Er wordt ons ook wel eens iets gevraagd in de geest van 'bestaan jullie nog?' Dat vind ik ook nooit zo fijn."

De teleurstelling over de lege prijzenkast verbleekt bij de échte pijn van Leefbaar Rotterdam: het ontbreken in het huidige college. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart vorig jaar kwam zowel Leefbaar als de PvdA uit op veertien zetels. Vanwege wanorde op enkele stembureaus werd de noodzaak van een hertelling ingezien. Het aantal zetels van de beide rivalen bleef na die memorabele hertelling op de Erasmus Universiteit gelijk, maar de PvdA finishte met bijna zevenhonderd stemmen meer dan Leefbaar.

Lijsttrekker Dominic Schrijer van de sociaal-democraten gaf Leefbaar al voor de verkiezingen weinig hoop bij zo'n uitslag en weigerde, toen de zege voor hem eenmaal een feit was, met Pastors of Sörensen om de tafel te gaan zitten. Zelfs de ervaren oud-politicus, strateeg en onderzoeker Pieter Winsemius beet er zijn tanden op stuk. Schrijer was niet te vermurwen tot een gesprek. De PvdA ging een coalitie aan met VVD, CDA en D66.

Salima Belhaj werd in 2008 fractievoorzitter voor D66, en was vorig jaar mede-ondertekenaar van het akkoord. Een stadsbrede coalitie, dus met PvdA én Leefbaar, vond zij gezien de uitslag de beste keuze voor Rotterdam. Het bleek al snel onhaalbaar. "Ik koos uiteindelijk voor een samenwerking met PvdA, dat is het beste voor mijn partij. Ik weet dat Leefbaar daar nog steeds boos om is, maar ik ben ze niets verschuldigd. Ik ben fractievoorzitter van D66, geen moeder Teresa."

Marco Pastors bleef woedend achter. Vlak na de presentatie van het nieuwe college ging Leefbaar een weekend 'naar buiten' om te evalueren. Al op zaterdagochtend, na enkele uren bijeen, zei een fractiegenoot tegen Pastors: 'Marco, kan je niet beter naar huis gaan?' De fractievoorzitter nam drie maanden vrij. Hij legde ook zijn andere baan bij een adviesbureau neer. "Juli, augustus en september heb ik rust genomen", vertelt hij bijna anderhalf jaar later. "Wat de mensen van PvdA, VVD, CDA en D66 ons hebben aangedaan! De PvdA zei vooraf al 'nee'. Maar die anderen? Ik zat echt in een sfeer van boosheid, woede. Je kunt dat niet afreageren, het liefst wilde ik maanden schelden."

Wat nu? Geduldig afwachten, zegt Leefbaar-fractielid Ronald Buijt. Het rommelt binnen de huidige coalitie vanwege de ongekend grote bezuinigingen waar de stad voor staat: ruim een half miljard euro in deze collegeperiode. Vooral de achterban van de PvdA, die vindt dat het stadsbestuur te hard in het armoedebeleid ingrijpt, zorgt voor onrust. "De enige reden dat dit college nog bestaat, is de aanwezigheid van Leefbaar Rotterdam", zegt Buijt zelfverzekerd. "Iedereen weet dat wij er klaar voor zijn om het stokje over te nemen."

Buijt vertelt dat zijn partij, door schade en schande wijs geworden, nu bewust minder op de persoon speelt. In het stadhuis aan de Coolsingel is niemand de keiharde confrontatie tussen Leefbaar Rotterdam en Ahmed Aboutaleb vergeten.

In de herfst van 2008 werd bekend dat burgemeester Ivo Opstelten zou worden opgevolgd door de toenmalige staatssecretaris van sociale zaken. De fractie van Leefbaar schreeuwde moord en brand. Vooral Ronald Sörensen haalde hard uit naar PvdA'er Aboutaleb en noemde hem onder meer 'een opportunist die beter in de Haagse politiek past, een Amsterdammer, een carrièremaker en een Ajax-supporter'. De onvrede richtte zich vooral op de afkomst van de aanstaande burgemeester; Aboutaleb heeft zowel een Nederlands als een Marokkaans paspoort.

Drie maanden later kreeg de burgervader tijdens zijn installatie van Marco Pastors een gefrankeerde, lege envelop overhandigd. Daarin kon Aboutaleb zijn Marokkaanse paspoort stoppen om terug te sturen naar Rabat. De actie werd vooral door de PvdA als smakeloos ervaren. Later dat jaar, tijdens een verhit debat over de strandrellen bij Hoek van Holland, betitelde Pastors Aboutaleb als 'moslimburgemeester'. Ook dit keer viel de Leefbaar-fractie hoon ten deel.

Salima Belhaj heeft de persoonlijke confrontatie als 'heftig' ervaren. "Doe gewoon, dacht ik. Leefbaar was inmiddels een volwassen partij, daar paste dat kleutergedrag van een 5-jarige niet meer bij." Het voorval verbaasde haar ook, zegt ze, omdat de 'extremen' uit Leefbaar Rotterdam waren verdwenen. "De partij is professioneler geworden in die tien jaar tijd. De raadsleden roepen niet zomaar wat vanuit de oppositiebanken. Leefbaar denkt goed na: hoe realiseren we onze plannen? Hoe werken we naar de volgende verkiezingen toe? Het doel is duidelijk. De partij wil echt de stad besturen."

Bij het winkelcentrum in Overschie loopt de 37-jarige Mohammed Anfal met een stapeltje folders van Leefbaar Rotterdam in de hand. De geboren Marokkaan is sinds kort vrijwilliger bij de partij. Anfal vertelt dat hij voorheen op de PvdA stemde, net als zijn ouders. "Dat was vanzelfsprekend. Ik wist niet beter. Iedereen in mijn omgeving stemde PvdA."

Anfal werkte voorheen in café 't Abattoir in de wijk Crooswijk. De tent is in mei dit jaar op last van de burgemeester gesloten vanwege vermeende drugshandel. Volgens Anfal gebeurde er niets crimineels in het café. "Er waren enkel geruchten." Hij geeft Aboutaleb de schuld, 'die bang is dat hij iets fout doet'.

Toen raadslid Dries Mosch hem naderhand opzocht, koos Anfal voor Leefbaar. "Die partij steunt mij en daar ben ik blij om. Leefbaar strijdt voor een veilige stad, meer blauw op straat. Dat vind ik ook heel belangrijk. Ik hoor om me heen dat de partij racistisch zou zijn. Maar dat is echt onzin", vindt hij. Anfal vertelt ook dat zijn familieleden aanvankelijk moeite hadden met zijn politieke keuze. "Ik heb uitgebreid met ze gesproken. Nu snappen ze het."

Ronald Buijt zegt dat het goed is dat Anfal 'erbij is' en hoopt dat hij, mits geschikt als politicus, bij de partij blijft. "Iedereen is in principe welkom, ook Marokkanen. Bij ons telt niet je afkomst, maar je gedrag." Dat mag, vindt Buijt, na tien jaar wel duidelijk zijn.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden