De plicht om de vijand te begrijpen

In het Filosofisch Elftal analyseren twee denkers een actuele kwestie. Moet je je in de vijand verdiepen? En is het begrijpen van de motieven van extremisten hetzelfde als begrip hebben voor hun daden?

Terwijl politici vooral hun daadkracht willen tonen en gepantserde taal uitslaan tegen een ongrijpbare vijand, lijkt er bijna een taboe te rusten op pogingen om die vijand te begrijpen. In de commentaren op de gewelddadige aanslagen in Frankrijk werd filosoof Hans Achterhuis hierover bekritiseerd door Trouw-columnist Sylvain Ephimenco. Achterhuis zou gesuggereerd hebben dat de daders in wezen een soort slachtoffers zijn die wij zelf gecreëerd zouden hebben door hen te discrimineren. En dat terwijl kwalificaties als 'journalistenkillers' en 'koppensnellers' toch volstaan?

De filosoof vindt dit een enorme misinterpretatie van zijn woorden. Hans Achterhuis, emeritus-hoogleraar filosofie en voormalig Denker des Vaderlands: "Ik zou vooral begrip vragen voor 'de arme jongetjes' die de aanslag gepleegd hebben. Ik zou ook van mening zijn dat deze aanslag niets met de islam te maken had, terwijl ik onder andere in het Filosofisch Elftal juist betoogd heb dat er historisch gezien een intrinsieke relatie bestaat tussen religie en geweld. Op één punt heeft Ephimenco me wel goed begrepen: ik denk dat het voortdurend stigmatiseren en veroordelen van terroristen niet voldoende is en het probleem niet oplost."

Pleiten tegen stigmatisering en voor het wagen van een poging om terroristen te begrijpen, ligt zeer gevoelig als het gaat om 'islamofascisme'. Voor je het weet krijg je het verwijt dat je gruweldaden aan het goedpraten bent, of om de hete brij heen danst.

Zo betwistte columniste Elma Drayer in Trouw de stelling van oud-politica Femke Halsema dat je jihadisme pas kan bestrijden als je het eerst 'doorgrond' hebt. Drayer: 'Denken dat voor het Kwaad per definitie een rationele verklaring te vinden moet zijn, is een van de pijnlijkste opinions chics van het huidige tijdsgewricht. Een van de gevaarlijkste ook.'

Moet je de vijand proberen te begrijpen, of is dat, zoals Drayer en Ephimenco lijken te suggereren, al gauw hetzelfde als de vijand verexcuseren? Als iemand jou aanvalt, moet je dan gaan luisteren naar wat hij te zeggen heeft?

Ger Groot, docent wijsgerige antropologie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam: "De reden om jihadisten, of welke vijand dan ook, te willen begrijpen is in de eerste plaats strategisch. Een strijd voer je met alle geoorloofde middelen. Een van die middelen is het doorzien van je vijand. Puur uit lijfsbehoud. Dan kan je namelijk ook zijn volgende stap voorzien. Hoe zou je tegen iets kunnen vechten wat je helemaal niet begrijpt?

"Daarnaast is er ook een zuiver wetenschappelijke kant aan de zaak. Als filosoof wil je de wereld begrijpen. En ook je vijand maakt deel uit van die wereld. Wil je weten wat daarin gaande is, dan kun je dat stukje van de werkelijkheid dus niet tussen haakjes plaatsen, alleen omdat het je moreel tegen de borst stuit."

Achterhuis: "Ik ben als filosoof uit op het begrijpen van fenomenen. Daar hoort ook terroristisch en ander geweld bij. Ik heb er twee boeken over geschreven, 'Met alle geweld' en, samen met Nico Koning, 'De kunst van het vreedzaam vechten'.

"Mijn algemene positie over de plicht om geweldplegers te begrijpen, ontleen ik aan de Duits-Amerikaanse denkster Hannah Arendt. Zij was een van de eersten die de grote gevaren van het nazisme onderkende en het fel bestreed. In 'De oorsprongen van het totalitarisme', haar grote studie hierover, stelt zij daarnaast dat het haar gaat om het begrijpen ervan. Dat begrijpen, zo onderstreept zij, heeft niets te maken met begrip of sympathie ervoor koesteren, laat staan met goedpraten of vergeven. Het is zwaar, het gaat erom je te verdiepen in zaken die je verafschuwt, je moet 'de last van de eeuw' bewust dragen en onderzoeken. Volgens mij zou die last op dit moment wel eens het moslimterrorisme kunnen zijn."

Groot: "Dat laatste weet ik niet zo zeker. De datum 11 september is in ieders geheugen verankerd, maar wie weet er buiten Spanje nog wat er op 11 maart gebeurde? Dat was in 2004 de datum van de aanslagen in Madrid. Daarbij vielen 191 doden. Niet niks. Maar die aanslagen hebben in Spanje de maatschappij niet veranderd. Er wordt nu geroepen dat we 'in oorlog' zijn, en dat 'onze cultuur bedreigd wordt'. Als dat werkelijk zo zou zijn, zou het met die cultuur slecht gesteld zijn. Terrorisme is een pijnlijk en heel spectaculair ongemak, dat een aanslag doet op onze morele gevoelens en zichzelf het liefst tot enorme proporties opblaast. Maar juist daarom moeten we het zelf niet nog eens groter maken dan het is."

Achterhuis: "Tegelijkertijd moeten we wel degelijk nadenken over de diepe verwevenheid van onze eigen handelingen met de gewelddadige acties van mensen die onze cultuur vijandig gezind zijn. Net zoals Hannah Arendt laat zien dat voor het nazisme een voedingsbodem bestond in de situatie in Duitsland, lijkt het mij dat we niet kunnen ontkennen dat de westerse interventies in Irak en Libië - hoe goed bedoeld misschien ook, mede een voedingsbodem voor het terrorisme hebben geschapen.

"Toen ik tien jaar geleden nog hoogleraar was aan de Universiteit Twente, hoorde ik van een moslimstudent dat de moskee in Enschede regelmatig beveiliging tegen aanslagen en bedreigingen nodig had. Dat was toen nieuw voor mij, maar inmiddels blijkt dit voor 40 procent van de moskeeën het geval te zijn. Ik kan me voorstellen dat radicaliserende moslimjongeren dit zien als een aanleiding om terug te willen slaan, om wraak te willen nemen."

Groot: "Dat zou kunnen. Zoiets moet je kunnen constateren, zonder angst dat je daarmee die mogelijke wraak zou goedpraten. Misschien zijn bepaalde argumenten of overwegingen die mensen tot geweld verleiden op zich wel gegrond. Dat maakt hun gewelddadige conclusies nog niet verdedigbaar. Je kunt het eerste vaststellen en het tweede blijven afwijzen. Die analytische afstand moet je kunnen opbrengen."

Achterhuis: "Het zou absurd zijn te beweren dat Arendt met haar analyses de daden van 'de arme nazi-jongeren' heeft willen goedpraten. Wanneer er naast en vanuit het 'begrijpen' moet worden opgetreden tegen fascistisch of terroristisch geweld, ben ik het hartgrondig eens met het commentaar van Volkskrant-hoofdredacteur Philippe Remarque: 'Wij vechten terug, maar wel op onze manier'.

"Onder invloed van Verlichting en Secularisatie heeft het christendom de afgelopen eeuwen de vanzelfsprekende koppeling tussen religie en geweld grotendeels losgemaakt. Maar wij moeten wel blijven vechten voor onze moderne verworvenheden, waaronder het vrije woord. Onze kracht is vreedzaam vechten, door te willen begrijpen."

Groot: "Er wordt vaak gezegd 'Tout comprendre c'est tout pardonner' ('Alles begrijpen is alles vergeven'). Dat klopt niet. 'Begrijpen' is iets anders dan 'begrip hebben voor'. Natuurlijk kan dat laatste wel uit het eerste voortvloeien. Wij mensen zijn van nature empathische wezens, en de cultuur versterkt dat nog eens: bijna vanzelf leven we ons in de ander in. Gelukkig maar, want daardoor is zoiets als een samenleving mogelijk. Maar we moeten wel oppassen ons daardoor niet ongemerkt te laten meeslepen naar het kwaad. Omgekeerd mag de angst dáárvoor ons er ook niet toe verleiden over dat kwaad helemaal niet meer na te denken. Als redelijk denkende mensen, wetenschappers en filosofen moeten we pal staan voor het onderscheid tussen 'begrijpen van' en 'begrip hebben voor'."

filosofisch elftal

Haring

Achterhuis

Roeser

Ankersmit

Van Tongeren

Baudet

Groot

Van Brederode

Huijer

Noordegraaf

Gescinska

Een week na de aanslagen in Parijs, bewaken politiemensen de Grote Moskee in de Franse hoofdstad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden