De Persoon van het Jaar was vaak geen persoon

Het Amerikaanse tijdschrift Time roept de ebolabestrijders uit tot Persoon van het Jaar. Ze zijn niet de eerste anonymi die het blad verkoos.

Er zijn vijf eeuwen voor nodig geweest om een heilige te maken van Jeanne d'Arc", constateerde de Amerikaanse journalist Marquis Childs eind jaren twintig van de vorige eeuw, "maar kolonel Charles A. Lindbergh is in twee jaar tijd een halfgod geworden." Mensen gedroegen zich alsof Lindbergh over het water had gelopen in plaats van gevlogen, zou zijn biograaf A. Scott Berg later schrijven.

De eerste solovlucht over de Atlantische Oceaan in mei 1927 maakte van Lindbergh, een onbekende piloot van de luchtpost, een all American hero. Bij terugkomst in de VS en de daarop volgende tournee nam de gekte ongekende proporties aan. Iedereen wilde Lindbergh zien en liefst aanraken. In de jacht naar souvenirs kwamen zijn vliegtuig en hij regelmatig in het gedrang. In restaurants werd zelfs gevochten om kippenbotjes en servetten die hij achterliet op zijn bord.

Straten, bergen en meren kregen Lindberghs naam. Het regende ook persoonlijke eerbetonen. De drukbezette Lindbergh kwam alleen nog opdraven voor de aardigste. De Amerikaanse president mocht hem de Congres-eremedaille omhangen en op de universiteit van Winconsin, waar hij zes jaar eerder nog was weggestuurd, nam hij een eredoctoraat in ontvangst.

Veel gebeurde buiten de piloot om. Op de burelen van het nog maar vier jaar oude tijdschriften Time ontstond het idee om een Man van het Jaar uit te roepen. De keuze viel vanzelfsprekend op Lindbergh. Met hem op de cover verkocht je bladen. In het voorjaar, na de spectaculaire vlucht naar Parijs had de redactie dat nog niet ingezien. Die omissie werd nu goedgemaakt.

Een traditie was geboren. In de eerste jaren kreeg Lindbergh dankzij Time gezelschap van een diverse groep bestaande uit onder anderen de autofabrikant Walter Chrysler (1928), de Indiase vrijheidsstrijder Mahatma Gandhi (1930) en de door de Italianen aangevallen Ethiopische keizer Haile Selassie (1935). Democraat Franklin Delano Roosevelt werd in 1932 Man van het Jaar en daarna nog eens in 1934 en 1941, een tot op de dag van vandaag niet gebroken record. Bij de verkiezing van Man van de Eeuw in 1999 werd hij tweede achter de wetenschapper Albert Einstein, die overigens nooit Man van het Jaar was.

Time liet het niet bij bewonderenswaardige types of slachtoffers van internationaal geweld die mededogen verdienden. Ook voormannen met een dubieuze reputatie konden worden verkozen. In 1938 viel Adolf Hitler in de prijzen, in 1939 en 1942 Jozef Stalin. Zijn landgenoot Vladimir Poetin, toen al controversieel maar minder omstreden dan vandaag, kreeg de eer in 2007.

Time's Man of the Year werd in 1999 definitief Person of the Year. Daarvoor waren overigens al vrouwen verkozen: Wallis Simpson in 1936, het jaar dat koning Edward voor haar afstand deed van de troon, Song Mei Ling met haar man, de Chinese leider Chiang Kai-shek, in 1937 toen de Japanners het land binnenvielen, de Britse koningin Elizabeth na haar kroning in 1952 en Corazon Aquino die na een volksopstand in 1986 de macht overnam van de Filippijnse dictator Ferdinand Marcos.

In 1975, tijdens de tweede feministische golf, werden de Amerikaanse vrouwen uitverkoren. Dat paste in een gegroeide traditie van meer symbolische uitverkiezingen, zoals die van de Amerikaanse soldaat ten tijde van de oorlog in Korea (1950), de Hongaarse vrijheidsstrijder (1956) en Amerikaanse wetenschappers (1960) en jongeren (1966).

Later zocht Time soms nog meer de abstractie op: de computer werd Machine of the Year in 1982, de door milieuvervuiling bedreigde aarde Planet of the Year in 1988 en 'You' Person of the Year in 2006 als eerbetoon aan al die miljoenen contribuanten aan het snel opkomende internet. De verheerlijking van het wereldwijde web werd meteen bekritiseerd, juist omdat Time de stem van de internetgebruikers negeerde. Het weekblad had kort daarvoor gevraagd wie Persoon van het Jaar moest worden, maar moet erg ongelukkig zijn geweest met de waarschijnlijk door een centraal georkestreerde lobby verkozen nummers een en twee, de Venezuelaanse president Hugo Chávez en de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad

Het Nederlandse weekblad Elsevier kiest sinds 2004 een Nederlander van het Jaar. Dat kan een concrete persoon zijn of - net als bij het Amerikaanse weekblad - meer een abstractie die staat voor een grotere groep. De voorgangers van de nummer 1 van dit jaar, de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb waren: Ayaan Hirsi Ali (2004), Rijkman Groenink (2005), de soldaat in Uruzgan (2006), Joop van den Ende (2007), Wouter Bos (2008), Linda de Mol (2009), de politicus (2010), Mark Rutte (2011), koningin Beatrix (2012) en Wim Pijbes (2013).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden