De pausbul is weer thuis

Uit een Nijmeegse verhuisdoos kwam een eeuwenoud document tevoorschijn: het bleek een zeldzame oorkonde van paus Nicolaas IV.

Op een paar passen lopen van station Roosendaal ligt hotel-restaurant Central. Witgepleisterde muren, grijsgroene luifels boven de serre. Bij het raam zitten een man en een vrouw. Terwijl de vrouw aan haar koffie nipt, overhandigt de man haar een bruin kartonnen doosje. Niets opvallends. Maar voor wie de inhoud van het doosje kent, is dit een heuglijk moment: een ruim zevenhonderd jaar oude pauselijke oorkonde, die vorige maand opdook in Nijmegen, gaat terug naar Gent. Het document behoort toe aan het Gentse Rijksarchief. De ceremonie die je bij zoiets misschien zou verwachten, blijft beperkt tot een kop koffie in Roosendaal - precies halverwege.

De vondst van het document was een toevalstreffer. Daar was wel een computerstoring voor nodig. Toen medewerkers van het Katholiek Documentatie Centrum (KDC) in Nijmegen vorige maand een dag niet op hun computers konden werken, besloten ze het kantoor op te ruimen. Historicus Arthur Bruls stuitte op een doos die al lang in een hoek stond. "Soms brengen mensen hier hele verzamelingen", zegt hij. "Dan zeggen ze erbij dat het heel belangrijk is. Maar soms krijgen we te horen: 'Gooi maar weg wat je niet kunt gebruiken', dus er verdwijnt wel eens wat in een hoek."

Middeleeuwse zegelmunt
In de doos trof Bruls een grote bruine envelop aan. Niet van recente datum, ergens uit de twintigste eeuw, schatte hij. "Ik maakte hem open en daarin zat een oud document." Eeuwenoud, zelfs, want aan het perkament zat een middeleeuwse loden zegelmunt geknoopt. Bruls: "Nadat ik de woorden Sanctus Paulus en Sanctus Petrus had ontcijferd, wist ik het zeker: ik had een belangrijk document in handen."

Bruls ontcijferde een deel van Latijnse zinnen en kwam tot de ontdekking dat het hier om een unieke oorkonde uit de dertiende eeuw ging. De bul is namelijk getekend op naam van Nicolaas IV, die paus was van 15 februari 1288 tot aan zijn overlijden in 1292. In de bul geeft hij opdracht tot de bouw van een Clarissenklooster genaamd Beaulieu. Het klooster ligt in het Belgische Wortegem-Petegem, een dorpje zo'n 250 kilometer van Nijmegen.

"Hoe zeldzaam dit document is? Zeer zeldzaam", zegt Peter Nissen, hoogleraar cultuurgeschiedenis van de religiositeit aan de Radboud Universiteit Nijmegen. "Vele pauselijke oorkonden uit de Middeleeuwen zijn vergaan of verdwenen. Een bul zoals deze - een eigendomsakte - zien we niet vaak meer."

Maar hoe het stuk in Nijmegen terecht kwam, blijft voor vinder Bruls onduidelijk. Wie de doos destijds in het archief heeft afgegeven, is niet bekend. Naast de pauselijke oorkonde vond Bruls ook nog een historisch document van het Bisdom Keulen. "Ook een oorkonde - geen pauselijke - vermoedelijk uit de veertiende eeuw. Hierop staan schenkingen en privileges. Het merkwaardige is dat ik nog niet heb kunnen oncijferen om welk klooster het hier gaat." De tweede oorkonde heeft volgens Bruls niets te maken met het document van het Belgische Beaulieu.

Verder zaten er in de doos stukken van een protestantse anti-apartheidsbeweging uit Breda en vond Bruls briefwisselingen tussen Aagje Deken en Betje Wolff, het bekende achttiende eeuws schrijversduo. "Het zou natuurlijk een doos kunnen zijn die afkomstig is van die protestantse anti-apartheidsbeweging uit Breda. Al is dat slechts een wild gokje."

Een zegsman van de protestantse gemeente Nijmegen laat desgevraagd weten dat het 'een hele goede vraag is' of de kerk de doos heeft gedoneerd en of er uitwisseling plaats heeft gehad met Breda. Wie er zich in de jaren zeventig en tachtig in de kerk bezig hielden met Zuid-Afrika? "Dan zal ik u moeten doorverwijzen naar het Nijmeegse stadarchief. Dat beheert onze documenten van 25 jaar en ouder."

Nijmegen kende twee anti-apartheidsbewegingen, die tussen 1983 en 1988 actief waren in de stad, weet het archief. Maar geen van beide groepen had een protestantse signatuur.

Hoe een protestantse groep aan een oud katholiek document zou komen, weet Bruls niet. "Het stuk moet wel uit Gent zijn meegenomen. Dat hoeft niet met kwade bedoelingen te zijn gebeurd: vroeger kwam het vaker voor dat wetenschappers stukken meenamen naar huis om ze daar te bestuderen. Er is rond 1927 door ene Maurice de Meulenmeester een studie gepubliceerd over het klooster en dat gaat specifiek over de archiefgeschiedenis. Misschien dat hij de oorkonde heeft meegenomen."

Tot in Londen en Nijmegen
Terug naar België. Het clarissenklooster Beaulieu in Wortegem-Petegem heeft bestaan tot 1783. Wat er over is van het archief van de abdij, behoort toe aan het Rijksarchief van Gent. Maar het dossier Beaulieu is verre van compleet, vertelt Thijs Lambrecht, archivaris en diensthoofd bij het Belgische archief. "Het minste wat je kunt zeggen over het archief van de Abdij van Beaulieu is dat het al heel wat heeft afgereisd in de laatste drie eeuwen. Brussel, Wenen, Den Haag, London en nu ook Nijmegen. Een belangrijk stuk, met daarin een beschrijving van aangekochte goederen en schenkingen van de abdij rond 1511, komt terecht in de British Library in London waar het tot op de dag van vandaag nog steeds berust. Een ander topstuk ligt in een bibliotheek in Wenen."

Lambrecht: "Ik denk dat, hoe vreemd ook, de oorkonde die aangetroffen is in Nijmegen, wellicht nooit deel heeft uitgemaakt van de collectie van het Rijksarchief van Gent maar al veel eerder uit de abdij moet zijn verdwenen en zich een weg dwaalde door de geschiedenis."

Welke reis de bul precies heeft gemaakt, blijft onduidelijk. Het Nijmeegse documentatiecentrum gaat geen diepgravend onderzoek doen. "Wij verzamelen eigenlijk pas na 1800 en daarbij behoort het stuk tot het Gentse archief", zegt directeur Lodewijk Winkeler. Gent zal wel een onderzoek beginnen. Thijs Lambrecht: "We kunnen nagaan of er sporen te vinden zijn van oude archiefnummers en notities."

In Brasserie Hotel Central is de snelle klus inmiddels geklaard. Een ietwat mistroostige plek voor zo'n historisch moment allicht. Had het niet meer allure verdiend? Misschien, zegt Winkeler: "Maar we waren hier nu eenmaal voor een vergadering." Martine De Reu, mediëvist en hoogleraar aan de Universiteit Gent, is allang blij met het document. Lachend: "Ik zorg dat het veilig terugkomt in Gent."

Abdij van Beaulieu
De Abdij van Beaulieu in het Belgische Wortegem-Petegem, zo'n 40 kilometer van Gent, is in 1290 gesticht door Isabella van Namen en Gwijde van Dampierre, de graaf van Vlaanderen. Het klooster wordt in 1292 toevertrouwd aan de clarissen-urbanisten of rijke klaren, de vrouwelijke tak van de vroegere franciscanenbeweging. De burcht is op dat moment al zo'n vierhonderd jaar oud. Paus Nicolaas IV is de eerste franciscanenpaus en geeft de graaf van Vlaanderen de pauselijke opdracht om klooster Beaulieu te openen. Gedurende vijf eeuwen blijft het klooster bestaan. In 1783 wordt het klooster opgeheven door Keizer Jozef II. Het gebouw bestaat nog steeds en is nu in privébeheer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden