De partizaan uit Zwaag herdenkt z'n eigen oorlog

Henk Kreel vluchtte weg bij de Duitse transporttroepen. Beeld Jean-Pierre Jans

De 92-jarige Henk Kreel uit Zwaag zocht het avontuur bij de Duitse troepen en vocht daarna met de Servische partizanen tegen diezelfde Duitsers. Hij werd een held in Joegoslavië.

Hij is een buitenbeentje, in alle opzichten. Altijd geweest ook. Henk Kreel is oorlogsveteraan, maar lid van een Nederlandse vereniging werd hij niet. Hij zal ook nooit meedoen aan het bevrijdingsdefilé in Wageningen, of zich laten vervoeren in een colonne van historische voertuigen. Het moment stilte op 4 mei beleeft hij achter de televisie. Kreel is alleen met zijn herinneringen.

Hij heeft deels ook een ándere oorlog meegemaakt. In het tweede deel van de bezetting vocht hij met de partizanen mee met de 13de Vojvodina-brigade in wat nu Servië heet. Daar schoot hij met zijn mitrailleur persoonlijk een Duitse Stuka uit de lucht.

De gang van zijn flatje hangt vol met buitenlandse krantenartikelen, dankbetuigingen en foto's van de jonge Kreel met hoge Joegoslavische militairen. Hij ging na de oorlog ook regelmatig terug voor ceremonies in de maand november, als daar het uitroepen van de republiek werd herdacht. En hij mocht niets afslaan. Voor de Joegoslaven was Kreel een held. Hij heeft er ook nog vijf jaar gewoond. Maar zijn vrouw wilde per se terug. Nu leeft hij in Zwaag, en heeft hij te veel gebreken om nog lange reizen te maken. En waar moet hij naar toe? "Mijn vrienden uit de oorlog zijn allemaal dood."

Kreel is volgens zijn eigen zeggen geboren in een vochtige kelder in de Jordaan, en was toen de Duitsers in 1940 via de Berlage-brug Amsterdam binnentrokken pompbediende in de naastgelegen Waverstraat. "Als vijftienjarige was ik graag automonteur geworden, maar de bezetting veranderde alles", zegt hij. "Ik maakte toen deel uit van een groepje straatschoffies, hangjongeren zou je nu zeggen, en we besloten de oorlog te gebruiken om het leven in Nederland vaarwel te zeggen." In Frankrijk konden ze veel meer geld verdienen. "Maar dan moesten we wel voor de Duitse bedrijven werken." Dat vonden ze helemaal geen punt, in die tijd. Kreel werkte daar als steigerbouwer, als stoker op een locomotief en later weer in een hotel. Hij kreeg steeds meer contact met de Duitse bezetters, iets wat zowel voor- als nadelen bleek te hebben.

Transporteenheid

Toen hij - wegens ziekte tijdelijk terug in Nederland - werd aangehouden met verlopen documenten, kwam Kreel in strafkamp Ommen terecht. "Daar trof ik een Duitse officier die ik nog uit Frankrijk kende." Die wilde hem wel helpen, maar dan moest Kreel wel bij het Nationalsozialitische Kraftfahrkorps NSKK gaan werken, de bevoorradingseenheid van het Duitse leger waarbij in totaal 10.000 Nederlanders in dienst waren, vooral avonturiers en werklozen.

"Ik kwam aanvankelijk in Berlijn terecht, maar belandde uiteindelijk aan het front waar ik met aanhangers vol benzine of munitie reed."

Voor Kreel was de transporteenheid hét middel om te ontsnappen en zich aan te sluiten bij de partizanen, want inmiddels had ie wel door dat hij zich actief moest verzetten tegen de Duitse overheersing. Voor vrijblijvend ge-avonturier was geen plaats meer.

Een eerste vluchtpoging mislukte waarna hij werd vastgezet en op zijn doodvonnis kon wachten. "Maar ik wist mijn bewaker uit te schakelen, en kon ontkomen. Drie dagen lang verstopte ik me in de mais die over staketsels te drogen lag, zonder eten en drinken." Daarna wist hij door de lijn van elektriciteitspalen te volgen de partizanen te bereiken. "Die dachten eerst dat ik een spion was, maar gelukkig werden de verzetseenheden geleid door Engelsen die oordeelden dat ik voor een spion wel erg jong was." Hij werd vervolgens als enige Nederlander ingedeeld bij een brigade van tienduizend man. Ze noemde hem 'Holland'.

Heldendom

Hij zegt dat hij vreselijke dingen heeft meegemaakt, waarover hij liever niet praat. "Nou, één incident dan. Twee jongens en twee meisjes die bij de partizanen dienden, werden door de eigen mensen geëxecuteerd omdat ze een liefdesrelatie onderhielden, terwijl er alleen van 'broederschap' sprake mocht zijn." Dus romantiseren is er bij Kreel niet bij. Al vertelt hij toch een beetje trots over zijn eenheid die bij de plaats Pancevo door twee Duitse Stuka's onder vuur werd genomen. Een compleet bloedblad. 'Ga liggen Holland!', hoorde hij schreeuwen. Maar in een vlaag van verstandsverbijstering (of helderheid?) kroop hij achter een mitrailleur en schoot 75 kogels in de cockpit, waarna het toestel zich in de grond boorde.

Deze actie leverde Kreel zijn heldendom in Joegoslavië op, maar hoe verging het hem terug in Nederland? Niet best, want hij kwam in kamp Vught terecht. "Het Nationalsozialitische Kraftfahrkorps had een prachtige administratie bijgehouden en daar wisten de naoorlogse autoriteiten goed gebruik van te maken." Kreels vader, communist met connecties in de partij, wist hem uiteindelijk vrij te krijgen. Toch, zegt Kreel achteraf, is hij in de opbouwfase van Nederland vooral tegengewerkt. "Als ik bij de Engelsen had gevochten, had mijn leven er heel anders uitgezien. Maar dat kan me eigenlijk niet schelen. Ik hoorde bij de Joegoslaven, en ik wilde de jongens bij de partizanen niet in de steek laten. Heb ik ook geen spijt van." Ooit zal hij ook terugkeren, zegt hij. Op de plek waar hij drie dagen onder het mais was verborgen, heeft hij een graf gekocht van wel zestien plaatsen. Waarom dat zo groot moet? "Geen idee", zegt hij, "het was zo goedkoop". Maar misschien bouwt hij zo wel zijn eigen monument.

Op de oude foto staat hij tussen Joegoslavische soldaten, rechts op de tweede rij. Beeld RV
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden