’De overheid moet ingrijpen’

Volgens rijksbouwmeester Mels Crouwel draait het in de bouw alleen nog maar om tijd en geld en niet meer om schoonheid. „Ministeries moeten meer samenwerken.”

’Een verfrissend geluid”, noemt architect en rijksbouwmeester Mels Crouwel de oproep die minister Winsemius vorige week deed aan de bestuurders van rijk, provincies en gemeenten om meer creativiteit en lef te tonen bij de inrichting van de openbare ruimte. „Het geeft aan dat het rijk, als het aan deze minister ligt, het vizier weer meer op de toekomst wil richten. En daar ben ik blij mee. Ook voor een volgend kabinet. Ik hoop tenminste dat dit soort geluiden de onderhandelaars bij de formatie zullen bereiken en dat zij het oppikken. Want het is van cruciaal belang voor de toekomst van Nederland.”

Wat is er misgegaan de afgelopen jaren?

Crouwel: „De gedachte van het vorige kabinet ’decentraal wat kan, centraal wat moet’ was een goed begin in vergelijking met het beleid daarvoor. Maar als je niet precies van bovenaf wilt vertellen wat er moet gebeuren, zul je wél helder moeten maken wat de bedoeling van jouw visie is. Blijft zo’n concrete invulling echter uit, dan ontstaat het probleem dat de rolverdeling tussen rijk, provincie, gemeente en de marktpartijen vaag wordt. En juist in die overgang tussen de rol van het rijk en de andere partijen gaat het dan soms mis. Dan staat er bijvoorbeeld ergens ’marginaal toetsen’. Maar als je dan nagaat wat dit werkelijk betekent, blijkt dat de dienstdoende ambtenaar slechts kijkt of er een bestemmingsplan bestaat. En niemand van de gemeente of de rijksoverheid die het geheel nog eens even checkt op kwaliteit en duurzaamheid.

„Niemand, kortom, die kijkt naar het grote geheel en dan ontstaat die ’verrommeling en versnippering’. Vandaar dat ons adviescollege er vaak op aangedrongen heeft om een heldere visie te ontwikkelen over de manier waarop wij onze ruimte willen inrichten.”

„Het gaat ons er daarbij niet om dat het rijk alles weer in eigen hand moet nemen. Wel vinden wij het belangrijk dat de regering een duidelijk en inspirerend verhaal heeft dat niet alleen door VROM, maar ook door de andere ministeries zoals Economische Zaken, Verkeer en Waterstaat en Landbouw gedragen wordt.”

„Ik pleit dan ook in de eerste plaats voor meer samenwerking tussen de ministeries onderling. Het heeft in het verleden te vaak ontbroken aan een goede afstemming van beleid, met alle gevolgen van dien. Pas als je tot een integrale visie kunt komen, weten ook de provincies en de gemeenten in hun onderhandelingen met de marktpartijen beter waar ze aan toe zijn”

en voorkom je dat de inrichting van Nederland vooral bepaald wordt door weliswaar ’efficiënte’ maar korte termijnbelangen

„Daar moeten wij inderdaad voor oppassen. Het gevaar is dat we op die manier langzamerhand ons hele land vol bouwen met weinig inspirerende vinexlocaties en bedrijfsterreinen waardoor het onderscheid tussen platteland en stad steeds verder vervaagt. Sterker, gaan wij door met die vorm van nivellering dan worden wij - de Rotterdamse haven en Schiphol uitgezonderd - binnen Europa een diffuse vlek. Daarom is het ook van wezenlijk belang dat we met de lange termijn voor ogen de culturele functie die met de inrichting van onze openbare ruimte samenhangt niet langer over het hoofd zien.”

Procesmanagers met hun financiële en juridische afdelingen zijn tegenwoordig meer bepalend dan de architecten zelf.

„Ja, hun invloed is doorgeslagen. Waar vroeger de architecten en ontwerpers soms te veel aan mooi en lelijk dachten en de rest voor het gemak maar vergaten, zie je nu het tegenovergestelde. Het draait in de bouw vrijwel uitsluitend nog om het in de hand houden van tijd en budget, terwijl de inhoudelijke kant vrijwel ontbreekt. Zelfs in het geval van belangrijke beslissingen die direct van invloed zijn op de kwaliteit van de woonomgeving of het landschap. En er komt een moment dat dit contraproductief gaat werken.”

„Ik ben het met minister Winsemius eens dat ons cultureel erfgoed en onze scholing voor buitenlandse bedrijven een aanzienlijke rol spelen bij de beslissing om zich hier te vestigen. Dus als je Nederland ziet als belangrijk vestigingsland voor buitenlandse bedrijven en je dat zo wilt houden, dan zul je moeten inzien dat het culturele aspect minstens zo belangrijk is als het feit dat je iedereen zo min mogelijk belasting laat betalen.”

Wat zou er moeten veranderen om ons land duurzamer in te richten?

„Het gaat vooral om de houding van mensen. De houding die je hebt ten opzichte van je omgeving en de natuur. Van ’doen we het allemaal zolang wij het nog goed hebben voor onszelf’ of heb je in groter verband ook de rest van de wereld en haar toekomst nog een beetje in het vizier. Doe je alles voor jezelf of heb je ook iets over voor een ander? Echt een mentaliteitskwestie. Gelukkig komt die laatste houding nu weer wat in beeld, maar daarvoor was ze behoorlijk ver weg.”

Wat zou u in de komende kabinetsperiode graag gerealiseerd willen zien?

„Ik denk dat het goed is als het Rijk vooral als opdrachtgever beter wordt. Dat de opdrachten bij aanbestedingen vooraf veel grondiger worden geformuleerd, dat er een einddoel wordt beschreven en er voor ieder gebouw een ambitiedocument komt.”

„Dat wil zeggen niet alleen maar programma’s van eisen met het oog op de vierkante meters en het budget, maar vooral met het oog op energie, duurzaamheid en de culturele opgave van het project. Kortom: hoe ziet de overheid het gebouw in relatie tot het landschap en de omgeving? Dat is het eerste wat ik graag zou zien.”

„Wil je die visie vervolgens breed invoeren, dan moet je er gewoon een voordeeltje tegenover zetten. Dat werkt het beste in Nederland. Een percentageregeling bijvoorbeeld, zoals je dat ook in de kunst hebt. Een verkapte subsidie die ondernemers stimuleert duurzaam te bouwen.”

Richt Nederland in met lef, zegt Winsemius. Crouwel: „Hoe komt het dat wij tegenwoordig eigenlijk nergens meer aan mogen komen? Het lijkt wel of we vergeten zijn dat Nederland helemaal ontworpen is, helemaal bedacht. Dat vind ik vreemd. Ons land is beroemd vanwege zijn dijken maar als er tegenwoordig een dijk moet worden aangelegd, mag dat niet, om welke reden dan ook. En dat terwijl het landschap waar wij in het buitenland zo beroemd om zijn juist op puur functionele gronden ontstaan is. Denk maar aan de Beemster.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden