De ouderdom komt steeds eerder

De ’grijze golf’ zwelt aan. Geen wonder. Je bent eerder een ’oudere’, en dan ben je ook gebrekkiger.

Jan Baarsfilosoof aan de Universiteit Tilburg en auteur van ’Het nieuwe ouder worden. Paradoxen en perspectieven van leven in de tijd’

Nooit eerder in de geschiedenis leefden zoveel mensen zo lang als tegenwoordig in de rijke landen. Maar wie de beschouwingen leest die ter gelegenheid van de Boekenweek verschenen zijn, merkt weinig tevredenheid over de bevoorrechte positie van de Nederlandse bevolking. Er is immers dat enorme probleem van de ‘vergrijzing’ met al die vakantie vierende senioren en er is nog steeds de gebrekkige ’ouderdom’.

Het eerste probleem – vergrijzing – hebben we grotendeels zelf gecreëerd door mensen die voorheen als normale volwassenen golden steeds eerder als ’ouderen’ te gaan bestempelen. Toen in de jaren tachtig velen om economische redenen ertoe werden aangezet eerder te stoppen met werken, werden zij – omdat volgens traditionele opvattingen degenen die niet meer werken ’ouderen’ zijn – ook maar direct ‘ouderen’ genoemd. Tegelijkertijd werden deze jongere ouderen via het beruchte wao-traject verminderende capaciteiten toegedicht die met hun leeftijd samen zou hangen.

Sindsdien wordt alom gesproken in ’plus’-termen die duiden op een tekort, en hanteren ook de ouderenbonden de 50-jarige leeftijd als moment waarop men tot ’de ouderen’ is gaan behoren.

De situatie op de arbeidsmarkt is momenteel een andere dan twintig jaar geleden, maar de nieuwe categorisering van de ’ouderen’ is daarmee niet verdwenen. Regelmatig brengen de media berichten over hetgeen 50-plussers nog zouden kunnen of willen of juist niet meer, ondanks de enorme onderlinge verschillen binnen de enorme groep mensen waar het over gaat. Op de arbeidsmarkt is de werkelijkheid nog absurder en geldt een 45-plusser of zelfs een 40-plusser reeds als ’oudere werknemer’ die in geval van werkloosheid nog steeds moeilijk aan de slag komt.

Het blijft merkwaardig want je zou toch verwachten dat bij een stijgende levensverwachting mensen later tot de ouderen gerekend zouden worden en niet 15 jaar eerder. Hierdoor is de gevreesde ’grijze golf’ van de komende decennia aangezwollen van 4 miljoen 65+-ouderen tot bijna 7 miljoen 50+-ouderen: eenderde van de bevolking. De helft van alle volwassenen wordt zo ’ouderen’ genoemd. En vervolgens wordt geklaagd over de vergrijzing van de bevolking!

De verlaging van de leeftijden waarop men tot oudere wordt verklaard, is allerminst een neutrale ingreep. Op grond van hun leeftijd worden mensen zo snel mogelijk als ’ouderen’ buitenspel gezet, omdat ze niet meer passen binnen een commerciële jeugdcultuur – die zelfs ten opzichte van jongeren steeds meer dwangmatige trekken gaat vertonen. Niemand kan meer aan de eisen van gefotoshopte perfectie van die commerciële jeugdcultuur voldoen. Voor een deel doen ouderen mee aan deze cultus: ze gaan ’goed ouder worden’ opvatten als ’jong blijven’. En dat is wel begrijpelijk, want het leven als oudere lijkt zin noch status te hebben, maar kan wel twee keer zo lang duren als dat van de ’normale’ volwassenheid.

Moeten ouderen dan maar wachten op de kommervolle ’ouderdom’, het tweede probleem dat met elegant proza in deze Boekenweek is beschreven? Vooral de vergeetachtigheid waarvan je moet vrezen dat het beginnende dementie is, wordt breed uitgesponnen. Dat is immers een vrees die iedereen herkent.

Bovengenoemde ontwikkelingen laten zien dat het technocratische streven naar totale beheersbaarheid en perfectie op grote schaal neurotische trekken gaat vertonen. Aangezien veroudering herinnert aan de uiteindelijke mislukking van dit streven, dreigt verbanning van diezelfde ouderdom uit de samenleving.

Door de bewaking van leeftijdsgrenzen wordt de illusie gewekt dat de centrale domeinen van de samenleving bevolkt worden door jonge en ‘normale’ volwassenen, die nog vrij zijn van een verval dat eerder dreigt in te zetten naarmate commerciële perfectie meer wordt aanbeden. Deze fixatie reduceert mensen tot hun leeftijd en scheidt ze pijnlijk van elkaar, maar geeft niet de ’houdbaarheid’ die men zoekt.

Alleen door de onzekerheden van het leven te aanvaarden kan ook de waarde ervan worden ervaren. Een fundamentele vraag is daarmee hoe zodanig met deze onbeheersbaarheid om te gaan dat ze verbindend werkt, in plaats van aanleiding te geven tot leeftijdssegregatie of uitdrijving van de meest kwetsbaren.

Samenvatting van de lezing van Jan Baars afgelopen zaterdag op het Boekenweek Symposium van Hoger onderwijs voor ouderen (HOVO). De volledige tekst staat op www.janbaars.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden