De ontwerper van de hemel gunt ieder zijn eigen beeld

Een complex boek 'vertalen' naar het theater is een hele klus. Dat merkten ook Ignace Cornelissen en Niek Kortekaas bij het creëren van 'De ontdekking van de hemel'.

Wie 'De ontdekking van de hemel' zegt, zegt Harry Mulisch. En meteen daarna: dik (meer dan 900 bladzijden!) en ingewikkeld boek. Maak daar maar eens een toneelbewerking van. Producent Hummelinck Stuurman zag in de Vlaming Ignace Cornelissen de juiste bewerker en regisseur. Een jaar geleden heeft hij hetzelfde gedaan met 'De Passievrucht', de roman van Karel Glastra van Loon.

Hij twijfelde lang toen hij werd benaderd voor de bewerking van deze monumentale roman van Mulisch. Cornelissen: "Ik houd niet van literatuur op toneel, dus ik wilde dat het boek mij zou inspireren om tot spelscènes, karakter- en plotontwikkelingen te komen. Het is een meesterwerk, zowel de omvang als de inhoud. Uiteindelijk heb ik besloten de opdracht te aanvaarden, omdat het een fantastisch boek is. Zo rijk aan inhoud, zowel op het filosofische vlak als op het niveau van typeringen van de personages."

Bij het bewerken van een boek van deze omvang is 'kill your darlings' een understatement. "Je doet het origineel altijd onrecht aan. Voor mij was, na het lezen van het boek, de vriendschap tussen Onno en Max een belangrijke insteek voor het vertellen van het verhaal. Dat werd mijn uitgangspunt. Het eerste deel van het toneelstuk heb ik volledig opgehangen aan de relatie tussen die twee mannen, ten aanzien van hun geliefde, Ada. Dat loopt tot aan het ongeval. In het tweede deel is Sofia, de moeder van Ada, verweven in de plot. Dat vond ik een mooi gegeven: deel 1 rond de dochter, deel 2 rond de moeder. En telkens zie je hoe die vriendschap tussen Onno en Max zich ontwikkelt, of eigenlijk niet ontwikkelt, maar tot een soort ruïne wordt."

Je kunt focussen op de vriendschap tussen die mannen en de liefde die ze opvatten voor dezelfde vrouw. Maar je ontkomt niet aan die andere belangrijke verhaallijn uit het boek: de bijzondere missie die zoon Quinten heeft. Het boek is een raamvertelling (zie kader), wat lastiger vorm te geven is in een toneelstuk. Daarom wordt de figuur van Harry Mulisch op het toneel geïntroduceerd. "Mulisch is de bedenker van het verhaal, hij heeft het boek geschreven en is de geestelijk vader van de personages. Op die manier creëer ik een situatie die je zou kunnen gelijkstellen met een hemel, of een God en de mensheid. Het is een dramaturgische oplossing die heel wat spelmogelijkheden biedt."

Ladder

Voor de vormgeving wilde Cornelissen samenwerken met decor- en lichtontwerper Niek Kortekaas. "Hij slaagt erin om monumentale beelden te maken met eenvoudige middelen."

Kortekaas heeft zich voor het toneelbeeld van 'De ontdekking van de hemel' laten leiden door een tekst van Mulisch zelf: 'Ik fantaseer nooit iets, ik herinner me dingen die nooit gebeurd zijn.' Kortekaas: "Dat vond ik een mooi alibi. Het decor hoeft eigenlijk niks te verbeelden."

Zijn opdracht was evenwel om de veelheid aan locaties, inclusief de hemel, vorm te geven. "Een probleem. Dus heb ik gekozen voor een soort soberheid, en worden locaties meer opgeroepen met licht en sfeer dan met decor."

Aan het begin van het stuk staat middenachter op het toneel een lange ladder. Ervoor is een sterrendoek te zien dat langzaam opgetrokken wordt. Het podium is verder bezaaid met zilverkleurige, metalen stoelen en er hangt een gigantische metalen hoorn boven de hoofden van de acteurs. Het doek stelt een sterrenstelsel voor, de wetenschap die Max bedrijft. Ook de hoorn, een verwijzing naar de radio-sterrenkundige ontdekkingen die Max doet, hoort bij de wetenschapper.

De vormgeving heeft dit keer een lange weg afgelegd om tot dit, toch vrije sobere, toneelbeeld te komen. Kortekaas: "Mijn eerste, intuïtieve idee was om een soort fototentoonstelling over Harry Mulisch te maken. Dat zich alles daarbinnen zou afspelen. Maar dat werd heel complex. Ik hield dat niet vol met alle plekken die genoemd worden. Ik heb nog gedacht aan een heel planetarium, er hebben een heleboel telescopen, kledingrekken en allerlei radio's op het toneel gestaan. Uiteindelijk hebben we gekozen voor een zekere abstractie, het is een uitgepuurd ontwerp geworden. De kunst van het weglaten. De tekst van Mulisch roept al zoveel op dat je dat niet hoeft te illustreren met allerlei rekwisieten of decorstukken. Wat mooi is: die ladder geeft een antenne-gevoel in het begin, en het is beeldtechnisch een mooie verticaal die daar staat naast de hoorn en al die stoeltjes. Aan het eind komt de ladder weer van pas als Quinten met de stenen tafelen op zijn rug naar de hemel gaat."

Suggestie

Wie het boek gelezen heeft, weet dat Mulisch zich voor zijn beeld van de hemel heeft laten inspireren door de beroemde gravures van Giovanni Piranesi, de 'Carceri d'invenzione'. Een doolhof van kerkers met trappen, bogen en gangen die nergens en tegelijkertijd overal naar toe lijken te gaan. Spookachtig, somber, bijna hel-achtig. Niet echt bruikbaar voor de toneelversie.

Cornelissen: "In dat opzicht werd Mulisch wel verweten dat hij al te moralistisch was in zijn boek en te bestraffend. Hij stelde het zo: kijk eens mensen, jullie hebben je vergaloppeerd in de wetenschap. Door de wetenschap heeft de mensheid zich een goddelijke status toegedicht en zijn de goden overbodig geworden, dus geef maar terug wat we jullie indertijd als morele leidraad hebben gegeven. Dat is een zeer naar mensbeeld.

"Wij leven, vind ik, in een samenleving waarin het gepermitteerd is dat iedereen zijn eigen hemelbeeld heeft. Vandaar dat we hebben gekozen voor een heel open beeld. Ik vind het tegelijkertijd een positief beeld. Het is een hemel die mij niet afschrikt in ieder geval."

Dat open beeld is een, wederom heel simpel, doek waarop slechts wolken te zien zijn. Van tevoren dacht ontwerper Kortekaas: de hemel verbeelden is erg lastig, ik denk niet dat dat kan. "Daarom is ook dat abstract geworden, ik wilde het zo min mogelijk invullen. Net zoals de hoorn die te zien is: de suggestie van wat dat ding oproept is beter dan te benoemen wat het precies is: we laten het in het midden.

Na boek en film nu het toneelstuk

Het boek van Harry Mulisch verscheen in 1992 en werd gezien, ook door Mulisch zelf, als zijn magnum opus. De roman is een raamvertelling. Twee engelen praten over een opdracht van De Chef (God). Hij wil graag de stenen tafelen terug van de mensen, en om dat te bereiken moet er iemand gecreëerd worden met een perfecte DNA-samenstelling. Het verhaal zelf gaat over de vriendschap tussen filoloog Onno Quist en sterrenkundige Max Delius, die vallen voor dezelfde vrouw: Ada Brons, een celliste. Als zij zwanger is, raakt ze door een auto-ongeluk in coma. Die heeft geen effect op de zwangerschap, het kind komt ter wereld via een keizersnee. Zoon Quinten blijkt een bijzondere jongen met een opdracht. In 2001 is het boek verfilmd door Jeroen Krabbé onder de titel 'Discovery of Heaven'. Nu is er een toneelbewerking, gemaakt en geregisseerd door Ignace Cornelissen, met Waldemar Torenstra als Onno en Sieger Sloot als Max. 'De ontdekking van de hemel' gaat morgen in première in de Stadsschouwburg Haarlem en is te zien t/m 15 februari. www.toptheater.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden