Opinie

De nieuwe oorlog tegen de horden vluchtelingen

Syrische vluchtelingen in een opvangkamp bij Arbil, in Iraaks Koerdistan. Beeld reuters

MIENT JAN FABER   Nederland stelt zich miezerig op tegen vluchtelingen uit Syrië. De geschiedenis heeft ons niets geleerd, verzucht Mient Jan Faber.

Een ongenode gast is zelden welkom. Dat geldt ook voor oorlogsvluchtelingen. De UNHCR, de VN-afdeling die zich bezighoudt met vluchtelingen, zet kampen op, net buiten het oorlogsgebied. Dat is niet toereikend. Opvang elders is ook nodig. Maar in Nederland is een vluchteling een ongenode gast. Hij moet vertrekken zodra dat kan.

Nieuw hoofdkenmerk
De oorlogen van deze tijd zijn anders dan vroeger. Toen vochten staande legers op het veld van eer en werd de burgerbevolking ontzien. De leer van de rechtvaardige oorlog maakte een scherp onderscheid tussen combattanten (soldaten) en non-combattanten (burgers). Soldaten waren bereid voor de goede zaak te sterven; burgers bleven buiten de gevechtshandelingen.

De hedendaagse oorlogen in Afrika, op de Balkan of in Syrië zijn niet 'rechtvaardig'. De burgerbevolking wordt niet ontzien, maar is doelwit geworden. Iemand die niet tot jouw etnische groep of religie behoort krijgt het etiket 'doodsvijand'. Vechten of vluchten, meer opties zijn er niet. De 'een' loopt het risico te worden gedood door de 'ander'. Vrouwen, kinderen en bejaarden proberen buiten de gevechtszone een veilige plek te vinden. Naast vechten is vluchten een hoofdkenmerk van de 'nieuwe' oorlog.

Vluchtelingen proberen in de buurlanden onderdak te vinden opdat zij snel naar huis kunnen zodra de situatie dat toelaat. Maar als de oorlog voortwoekert, raken de opvangcentra in de buurlanden overvol. Dus doet de UNHCR een dringend beroep op andere landen om vluchtelingen (uit Syrië) op te nemen.

Gênante vertoning
Nederland heeft de UNHCR beloofd jaarlijks vijfhonderd vluchtelingen op te nemen. De Tweede Kamer wil eenmalig 250 vluchtelingen extra uit Syrië opnemen, maar de regering is daartoe alleen bereid als deze vallen binnen het afgesproken aantal van vijfhonderd. Er is geen bereidheid iets extra's te doen. Een even schokkende als gênante vertoning, gezien de omvang van het probleem. Het aantal Syrische vluchtelingen dat inmiddels in het buitenland vertoeft, wordt geschat op meer dan een miljoen.

Nederland motiveert zijn miezerige opstelling met het argument dat vluchtelingen in de buurt van hun eigen land onderdak moeten vinden. Dan kunnen ze snel naar huis als de oorlog ten einde is. Het schijnt niet te zijn doorgedrongen in Den Haag dat de kampen in Jordanië, Irak, Iran, Turkije, Koeweit en Libanon tjokvol zitten. De UNHCR heeft de rest van de wereld te hulp geroepen. De Nederlandse reactie: 250 en niet meer, is beschamend.

Achter dit benepen aanbod gaat een ander argument schuil. We zijn bang dat vluchtelingen na een verblijf alhier niet meer teruggaan en illegaal in Nederland zullen blijven. Dat 'gevaar' moet worden gekeerd. Ons land mag geen vluchthaven voor vreemdelingen worden. Een argument dat eerder werd gebruikt in 1938 toen Joodse vluchtelingen teruggestuurd werden naar Duitsland en de regering in de Memorie van Toelichting bij de Rijksbegroting stelde: "Vermeden moet worden alles wat tot strekking heeft de duurzame vestiging in ons reeds dichtbevolkte land te bevorderen. (...) Want een verder binnendringen van vreemde elementen is schadelijk voor de handhaving van het karakter van de Nederlandse stam. (...) Ons beperkt territoir moet voor de eigen bevolking blijven gereserveerd." De geschiedenis heeft ons niets geleerd.

Safe areas
Toen de oorlog in Joegoslavië ontbrandde en mensen op de vlucht sloegen, werd geroepen: 'Zet er een hek omheen'. Het scheppen van safe areas was niet overal een succes. Het drama-Srebrenica betekende het failliet van de safe areas en een afkeer van grondoperaties. Maar luchtoperaties zijn niet altijd succesvol. In Kosovo (1999) kwam wel een democratie van de grond, in Libië (2011) niet.

In de wijde omgeving van Syrië worden we nu met een war against refugees geconfronteerd. Omdat we niet bereid zijn in Syrië te interveniëren, komen de 'problemen' (vluchtelingen) op ons af. De 250 Syrische vluchtelingen, die wij in onze benepenheid toelaten, zetten de deur op een kier. Dat zal op de proef worden gesteld. Want vluchtelingen hebben geen keus. Ze komen onze kant op!

Mient Jan Faber: emeritus hoogleraar VU en gasthoogleraar Houston University

 
Vluchtelingen hebben geen keus. Ze komen onze kant op!
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden