De nieuwe Bijbelvertaling (1)

Een paar maanden geleden heb ik, heet van de naald, wat kanttekeningen geplaatst bij een proeve (in de hoop dat het inderdaad een proeve is) van de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) van het boekje Jona.

Deze zomer heb ik mij weer eens in deze parel van Hebreeuwse vertelkunst verdiept, en ik kan het niet laten er nog één keer, en nu wat zorgvuldiger, op terug te komen. Dat geeft mij dan meteen de gelegenheid even iets recht te zetten: ik ben geen product van de Amsterdamse School en mijn kritiek komt niet voort uit het hanteren van een ander vertaalprincipe. In de doelstelling van de NBV kan ik mij zeer wel vinden: de vertaling moet brontekstgetrouw zijn en doeltaalgericht.

Ook kan ik even kwijt dat ik het betreur dat bij mijn weten Prof. Karel Deurloo, ontegenzeggelijk een van de betere kenners van het boekje Jona en bovendien literair begaafd, niet alsnog is geraadpleegd. Ingewijden was het natuurlijk duidelijk dat ik op iemand als hij doelde toen ik in mijn column schreef: ,,Het kan anders, en ik kan zo een paar mensen opnoemen die daar graag bij willen helpen.'' Je kunt niet anders dan met verdriet en verbazing constateren dat zo'n NBV kennelijk tot stand kan komen zonder dat je het beste wat je in huis hebt raadpleegt.

En nog iets: zie ik het goed dat de NBV ernaar streeft een geheel nieuwe tekst te maken? Keer op keer ontdek ik dat mooie vondsten van vroegere bijbelvertalingen niet gevolgd worden. Waarom bij voortduring iets wat beter is door iets wat minder is vervangen? Waarom origineel willen zijn terwijl dat helemaal niet hoeft? Voor plagiaat hoef je niet bang te zijn, het gaat erom dat we het mooiste maken dat we met z'n allen in dit taalgebied kunnen maken. Je kunt de vertalers die je zijn voorgegaan niet beter eren dan door te putten uit de rijkdommen die zij vergaarden. Als ik in mijn Het verhaal gaat... een passage letterlijk wil weergeven, gap ik links en rechts, ik eet van alle wallen, van Statenvertaling tot en met de Groot Nieuws Bijbel (!), met maar één doel voor ogen: deze wereldliteratuur getrouw aan de brontekst in helder en welluidend Nederlands overzetten.

Ik vind het ook een goede gedachte er in een krant over te schrijven en niet in een theologisch tijdschrift. Dit moet geen theologendispuut worden, het gaat iedere krantenlezer aan. Die NBV is, net als de boeken die ik aan het schrijven ben, voor gewone krantenlezers bestemd.

Laten we Jona eens op de voet volgen. Ik zal mij tot de eerste twee hoofdstukken beperken. Eerst geef ik u cursief de NBV, vervolgens mijn gedachten erover.

Eens richtte de Heer zich tot Jona, de zoon van Amittai: 'Maak je gereed en ga naar Nineve, die grote stad, om haar aan te klagen.'

In mijn boek volg ik hier liever de vertaling van Deurloo: Het woord van de Heer geschiedde tot Jona, de zoon van Amittai: 'Sta op, ga naar Nineve, die grote stad, en roep tegen haar.'

Dat malle Eens ben je dan kwijt, evenals dat burgerlijke richtte zich tot. Ambtenarentaal. En waarom eigenmachtig de camera boven neergezet terwijl de verteller hem beneden plaatst, bij de man die een woord van de Heer opvangt? Ik hecht ook aan 'Het geschiedde', (vertaal je dat weg dan gaat straks bijvoorbeeld de structuur van het geboorteverhaal dat Lukas maakte verloren), maar goed, als dat de NBV te plechtig is, waarom dan niet gewoon gezegd dat het woord van de Heer tot Jona kwam. En wat is dat: 'maak je gereed'? Moet hij zijn koffers pakken? Om haar aan te klagen haalt drama uit het verhaal. Sta op! Ga! Roep!

Jona betekent Duif. Het is een heilige geestigheid (straks verdwijnt de kleine vogel, Gods eigen postduif, in een grote vis) die een kenner van het Hebreeuws onmiddellijk hoort en die de krantenlezer ontgaat. Ik zou er dan ook voor willen pleiten om steeds wanneer in een verhaal de betekenis van de naam voor het verstaan ervan relevant is, soms zelfs onmisbaar, de betekenis van die naam er cursief bij te vermelden.

En Jona maakte zich gereed. Nee hoor, dat deed hij niet. Hij stond op... en ging precies de andere kant op.

Weg van de Heer ging Jona. Waarom zo miezerig vertaald, waarom niet de beeldende taal laten staan die er staat: weg van voor het aangezicht van de Heer. Is er één lezer die dat niet kan volgen: mijnheer Duif die voor het aangezicht van de Heer zijn leven moet leven maar die 'm smeert, weg van voor dat aangezicht, weg van zijn roeping en zijn dienst? Als je echt vindt dat je het prachtige klassieke 'aangezicht' moet laten sneuvelen (ik vind dat barbarij, dan gaat ook de Aüronitische zegen naar de bliksem, om maar 's wat te noemen), doe dan in ieder geval recht aan de betekenis ervan en vertaal: weg van de dienst aan de Heer.

Hij ging naar Jafo. Weer zo'n platte vertaling, ook letterlijk plat, want er staat dat Jona afdaalde, en dat staat er niet voor niets. Straks daalt Jona af in het schip en wanneer het gaat stormen (en niet eerder!) daalt hij af in het ruim van het schip, steeds dieper weg van voor 's Heren aangezicht, en uiteindelijk daalt hij ook nog eens af in de diepte van de zee. De NBV heeft dat helaas niet in de gaten en zal straks melden dat Jona naar de diepte zinkt. De verteller is geraffineerd bezig en dat vraagt dus om een geraffineerde vertaling.

Maar de Heer wierp een hevige storm op de zee en de zee werd zo wild dat het schip dreigde te breken.

Fout is het niet, maar het origineel is veel aardiger: Maar de Heer gooide een grote wind naar de zee en een grote storm raasde over de zee, het schip dacht te breken.

God zet een grote wind en een grote storm in (en straks een grote vis) om een grote stad te sparen. Het woord storm als bijbels teken voor Gods toorn zou ik liever laten staan, opdat het verband met andere verhalen niet onnodig verloren gaat. Het personifiërende het schip dacht te breken is ook veel te mooi om overboord te gooien. Zo praten zeelui over hun schip: 'Zij dacht: ik ga eraan.'

De zeelieden werden bang en ieder begon tot zijn god te roepen. Geen schoolmeester kan dit fout rekenen, maar iemand die van taal houdt, maakt er iets mooiers van, bijvoorbeeld: De zeelieden, door vrees bevangen, schreeuwden het uit, een ieder tot zijn god.

Ook wierpen zij de lading in zee om het gevaar af te wenden. Letterlijk staat er: ...'om zich/het schip ervan te verlichten.' Ik zou voor het schip kiezen: 'om het schip lichter te maken.' Wat is daar mis mee? Het gevaar dat je niet brontekstgetrouw bent, kun je zo mooi afwenden.

slot volgt

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden