De neus van de kameel is al in de vrijgemaakte tent

Volle kerken, goedbezochte scholen, en geen enkel teken van leerstellig verval. De gereformeerde kerken vrijgemaakt zijn binnen het orthodox protestantisme het mooiste meisje van de klas. De Vrijmaking in 1944 zal daarom in augustus ongetwijfeld met gepaste dankbaarheid worden herdacht. Toch wordt het vrijgemaakte erfgoed bedreigd, niet door een dogmatisch geschil dit keer maar door wereldgelijkvormigheid van de jeugd. Anderen worden steeds evangelischer, in reactie op de rationele geloofsbeleving in de eigen kerk. Dit alles tot verontrusting van de generatie die de Vrijmaking nog heeft meegemaakt. Dit is de tweede aflevering in een serie van vier over de gereformeerde kerken vrijgemaakt. De eerste verscheen op 1 juni.

De Amsterdamse ds. Henno Smit, die de reputatie heeft heilige huisjes niet te ontzien, past voor een interview in Trouw. Hij houdt zijn kruit liever droog voor de discussie in eigen kring. Net als prof. dr. M. te Velde, sinds kort hoofdredacteur van het officiële orgaan 'De Reformatie'. Hij wenst de vrijgemaakten niet vanuit Trouw toe te spreken. Maar achter de terughoudendheid voor publiciteit gaat nog iets anders schuil. Er heerst een klimaat van onveiligheid binnen de vrijgemaakte kerken, kun je in vele toonaarden horen.

De geschiedenis lijkt zich te herhalen in de vrijgemaakte kerken. De kerken die zich in 1944 vrijmaakten van het juk van de gereformeerde synode die een 'onschriftuurlijke' doopopvatting bindend had verklaard, schaarden zich aanvankelijk eensgezind achter het weekblad De Reformatie. Later kwam daar een tegenstem bij, het tijdschrift Opbouw. De bladen werden het podium van een pennestrijd die zo hoog opliep dat in 1967 de vrijgemaakte kerken uit elkaar barstten.

De overgebleven vrijgemaakten hielden het daarna weer bij één blad: de aloude Reformatie. Tot vier jaar geleden Reformanda werd opgericht, dat stem gaf aan de verontrusting over de groeiende roep om openstelling voor niet-vrijgemaakten van vrijgemaakte organisaties als het GPV en het Nederlands Dagblad. Vorig jaar volgde Bij de Tijd voor jonge, progressieve vrijgemaakten en in januari dit jaar Nader bekeken, dat zich rechts van het midden positioneert.

Bewaard gebleven

In '67 zijn de vrijgemaakte kerken bewaard gebleven voor 'independentisme en een zeker relativisme', vindt dr. W. G. de Vries, oud-voorzitter van de vrijgemaakte synode van 1990 en schoonzoon van Klaas Schilder. En dat is niet zonder zegen gebleven: “We hebben na '67 een enorme opbloei gehad: in evangelisatiewerk enzovoort”. Hij voorziet dat er spanningen ontstaan als er opnieuw 'gemorreld' gaat worden aan de visie dat de vrijgemaakte kerk de enig ware kerk is. En de kans daarop is niet denkbeeldig, gezien de openstelling van het GPV en andere gereformeerde organisaties voor niet-vrijgemaakten. “Juist omdat je kerkelijke eenheid wil, zijn we niet voor die algemene interkerkelijke organisaties. Dan blijft de belijdenis inzake de kerk in de aktentas, zoals de christelijke gereformeerde professor Van 't Spijker laatst nog schreef. We willen juist die lastige kwestie van kerkelijke eenheid centraal stellen om tot een oplossing te komen.”

Lang niet iedereen in vrijgemaakte kring deelt nog de kerkvisie van De Vries: de gereformeerde kerken vrijgemaakt zijn een ware kerk waar gereformeerde belijders zich bij te voegen hebben. Vooral de jongere garde denkt daar anders over. De theologiestudenten aan de vrijgemaakte universiteit in Kampen vinden stuk voor stuk de kerkelijke verdeeldheid in de gereformeerde gezindte niet kunnen. De christelijke gereformeerde kerken zijn voor hen even 'waar' als de vrijgemaakte. Ds. De Vries omschrijft de gereformeerde kerken vrijgemaakt met een bijbelwoord uit het Hooglied - dat al voorkomt op een Zwols kerkzegel uit de zeventiende eeuw - als: 'de lelie onder de distels'. “Ik ben wel zo vrij om te denken dat Christus de hervormde kerk niet zo ziet, met al die leervrijheid”, zegt hij. En het is ook niet alles goud wat er blinkt bij de christelijke gereformeerde broeders en zusters. Bij de zwarte-kousenflank daar zou De Vries niet willen kerken. “Bij zo'n dominee zou ik gillend de kerk uitrennen. Iemand zó op zijn ziel geven...”, zegt hij hoofdschuddend.

Kort door de bocht

In maart legde De Vries de pen neer als hoofdredacteur van De Reformatie. Zonder nadere toelichting meldde het Nederlands dagblad het op de voorpagina, en dan weet de Kremlinoloog genoeg: er is mot. De Vries noch De Reformatie wil iets over de affaire kwijt. De Vries schrijft ook brochures voor de vrijgemaakte stichting Woord en Wereld, die soms kritisch besproken werden in De Reformatie. Woord en Wereld (2 500 donateurs en zeer kapitaalkrachtig) geldt in vrijgemaakte kring als conservatief, zij het niet zo 'kort door de bocht' als Reformanda: ze is tegen de openstelling van vrijgemaakte organisaties voor andersgelovigen. Inmiddels geeft Woord en Wereld zelfs een maandblad uit, het al eerder genoemde Nader Bekeken. De Vries zou hebben geholpen bij het opzetten ervan, tot ongenoegen van de redactie van De Reformatie. Ook bestond er verschil van inzicht over de functie van De Reformatie. De Vries vond dat De Reformatie geestelijk leiding moest geven, de rest van de redactie meende dat in de kolommen verschillende meningen aan bod moeten kunnen komen.

Het gaat de laatste tijd al niet meer zo goed met De Reformatie. De progressieve concurrent Bij de Tijd is een doorslaand succes (3 400 abonnees) en lijkt hard op weg het drupsgewijs afkalvende abonneebestand van De Reformatie (6 000) te evenaren. De Reformatie zal binnenkort inhoudelijk en qua vormgeving gerestyled worden, meldt redactielid ds. B. Luiten. Hij vermoedt dat Bij de Tijd zo groeit, omdat het onderwerpen bij de horens vat die De Reformatie de afgelopen jaren heeft laten liggen uit angst voor discussies bij de achterban.

Hakblok

De aanstormende generatie van jonge dominees, zoals ds. Henno Smit en ds. Eric de Boer uit Krimpen aan den IJssel, heeft minder schroom. Maar geheel en al onbevangen zijn ze zeker niet. Toen De Boer enkele jaren geleden een boekje publiceerde over vrijgemaakte jongeren die de kerk de rug toekeren, had hij het idee dat hij “zijn hoofd op het hakblok neerlegde”. De reacties vielen hem alleszins mee. Niettemin blijft hij op zijn hoede, in een vraaggesprek met Trouw net zo goed als in de eigen kring. Hij ziet geen bijbelse beletsels voor de toelating van de vrouw tot het diakenambt. Maar hij heeft geen plannen het via zijn kerkeraad aan de orde te stellen op de de kerkelijke vergadering. Voor hem is het niet zo'n springend punt. En “voor mezelf heb ik toch een zekere huiver om het stempel van vernieuwer op mijn voorhoofd te krijgen”.

Uit dezelfde tactische overwegingen plaatste hij een pleidooi voor een andere, nieuwe vorm van de 'Wetslezing' niet in Bij de Tijd, maar in De Reformatie. “Het is in mijn kerken nog nooit voorgekomen dat iemand aan de Tien geboden 'kwam'. Ik doe het voorzichtig, ik doe het eerbiedig, maar ik doet het toch wèl.” Maar over het algemeen bestaat er in de vrijgemaakte kerken “een huiver om grotere zaken aan de orde te stellen”, beaamt hij.

Bij de Tijd, waar De Boer medewerker van is, is twee jaar geleden mede opgezet om meer aandacht te vragen voor persoonlijke geloofsbeleving. Veel vrijgemaakte jongeren voelen zich aangetrokken tot de evangelische beweging die via de Evangelische omroep meer emotie in huis brengt. Ze missen die in hun eigen kerk, waar de nadruk valt op het meewerken aan Gods handelen in de wereld - bijvoorbeeld via de gereformeerde organisaties - en op het onderschrijven van de gereformeerde dogma's.

Hun ouders gaan daar vaak in mee. Ze zijn al lang blij dat hun kinderen nog wat aan het geloof doen. Veel plaatselijke kerken beleggen tegenwoordig zangavonden waar uit de E & R-bundel gezongen wordt, een vrijgemaakte selectie van evangelische liedjes. En wilde de ouderling vroeger op huisbezoek weten of je wel het Nederlands Dagblad las en op het GPV stemde, tegenwoordig is de vraag: 'heb je wel een een persoonlijke band met de Heer?'.

De vrijgemaakte emeritus-predikant dr. P. van Gurp van Reformanda (1 200 veelal oudere abonnees) “wordt niet goed” van de roep om persoonlijke geloofsbeleving die nu alom in vrijgemaakte kring klinkt. “Men doet alsof de persoonlijke geloofsbeleving nu ineens zo'n hoge plaats krijgt”, schampert hij. “Wij hebben nooit anders gedaan.”

Hij staat niet alleen in zijn kritiek op de evangelische impuls. De vrijgemaakte kerkeraad in Amersfoort bijvoorbeeld sloot onverbiddelijk de vrijgemaakte koffiebar De Huifkar toen die naar haar zin teveel de Pinksterkant op ging. Tot instemming van ds. W. G. de Vries, die met lede ogen beziet hoe de 'serieuze' jongeren richting evangelische beweging zwenken. Op catechisatie houdt hij zijn jonge gehoor voor dat “je nooit meer kunt ervaren dan je gelooft”. Dat 'extatische' van het pinkstergeloof, hij griezelt ervan. “Mijn angst is dat men de naam Jezus als een mantra gaat gebruiken en daar high van wordt.” Hij neemt het Bij de Tijd kwalijk dat die zo positief staat tegenover de evangelische beweging.

Anti-vloekactie

De minder serieuze jongeren zwenken een andere kant op. Ze voeren een wereldse levensstijl. Ze gaan naar de kroeg, de disco of naar het 'Grefo-café' voor vrijgemaakte jongeren in Hoogland, hebben seks voor het huwelijk enzovoort. Op de gereformeerde scholengemeenschap Prof. dr. S. Greijdanus in Zwolle is onlangs een anti-vloekactie gestart. En het ergste is, vinden de critici, het vrijgemaakte jongerenblad Kivive (oplage: 7 000) verzuimt krachtig tegen deze wereldgelijkvormigheid te waarschuwen.

Niet voor niets schreef prof. dr. C. Graafland, zelf lid van de gereformeerde bond in de hervormde kerk, in het door orthodoxe dominees veelgelezen Theologia Reformata onlangs waarschuwende woorden bij zijn felicitatie aan de vrijgemaakte jubilaris. Hij bewondert de vrijgemaakten omdat ze, anders dan de zwarte-kousenkerken, de wereld niet mijden. Ze hebben televisie, meisjes mogen rustig spijkerbroeken dragen en make-up op, en de cultuur wordt veel positiever tegemoet getreden. Toch schuilt daarin een risico, aldus Graafland. Hij ontvangt de laatste tijd signalen dat de vrijgemaakte jeugd de weelde niet aankan.

'Waar gaan we heen?'

“Er zijn wel mensen die zich afvragen: waar gaan we heen?”, zegt ds. De Vries. “Er is verontrusting over bepaalde verschijnselen, kort en goed wereldgelijkvormigheid.” Overigens ziet ds. De Vries de ontwikkelingen niet louter somber in. Veel jongeren komen terug, als ze eenmaal tot de jaren van het verstand gekomen zijn.

Ds. van Gurp ergert zich wild aan Kivive. “Ze registreren alleen maar. Ze laten er allerlei jongeren aan het woord die allerlei puberaals zeggen.” Maar waarom zegt niemand er dan wat van? “Men is vreselijk bang om populariteit te verliezen en uitgekreten te worden voor een oude conservatieveling die niet meegaat met z'n tijd.” Zelf geeft Van Gurp overigens ook geen repliek meer. “Ik heb het een keer gedaan, maar kreeg toen zó veel over me heen dat ik dacht: laat maar.” Uit dezelfde angst voor populariteitsverlies, zegt hij, schrijven prominente vrijgemaakten niet in Reformanda hoewel ze achter haar streven staan.

In de gereformeerde kerken vrijgemaakt zwijgt dus kortom links uit angst een tuchtprocedure aan de broek te krijgen, terwijl rechts zich gedekt houdt om niet voor ouderwets versleten te worden. Met als resultaat dat de middengroep de dienst uitmaakt en kool en geit spaart, tot onvrede van zowel de vernieuwingsgezinde als verontruste vleugel.

Stevigheid

Ds. De Boer uit Krimpen is naar eigen zeggen “heel blij met de kerken, met de stevigheid ervan, met de ontwikkelingen. Ik hoop alleen dat er voldoende samenbindende visie is om stevige stappen te zetten: een handreiking te doen aan de kerken waar we van gescheiden zijn met name naar de Nederlands gereformeerden, liturgievernieuwing, en een betere ruimere gezangenbundel. Daar twijfel ik over. De kerken geven een tamelijk wazig beeld te zien.”

Voor zijn oordeel over de geestelijke staat van de vrijgemaakte kerken grijpt ds. Van Gurp naar het kerkblad van de Canadian Reformed Churches in Canada. De zusterkerk noemt het besluit van de laatste vrijgemaakte synode om vrouwen stemrecht te verlenen bij de verkiezing van ambtsdagers 'de neus van de kameel in de tent'. “Als de neus van de kameel in de tent is, moet je niet denken dat de rest uitblijft.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden