‘De Nederlandse vredesmissie in Mali leidde tot meer jihad’

Nederlandse militairen van de Minusma-missie in 2017 op hun basis in Gao. Beeld ANP

Ze valt maar meteen met de deur in huis. Die VN-vredesmissie in Mali, waar ook Nederlandse troepen aan hebben meegedaan, is faliekant mislukt. Het jihadisme is erdoor aan de winnende hand.

Zij is Mirjam de Bruijn, hoogleraar aan de Universiteit van Leiden en houdt zich al jaren bezig met onderzoeken naar nomaden in de Sahel. De Bruijn komt sinds 1987 vaak in Mali, maar de laatste jaren is het Noorden te gevaarlijk geworden.

De Nederlandse troepen, die sinds 2013 aanwezig waren, zijn per 1 mei vertrokken. “Ik heb met de bevelvoerende kolonels regelmatig open gesprekken gehad over hun missie, die ze vanuit standplaats Gao uitvoerden.” Haar lokale wetenschappelijk medewerkers praatten ook veel met de Nederlandse soldaten. “Veel militairen waren gefrustreerd. Ze konden niet veel doen. Ze zijn een onderdeel van een militaire strategie”, zegt De Bruijn.

Toeareg

Het begon in 2012 toen de Toeareg, een bedoeïenenstam uit de Sahel, met jihadistische groepen een groot deel van Mali innamen. De Fransen kwamen in actie in hun voormalige kolonie en heroverden grote delen, waaronder de stad Timboektoe.

De Verenigde Naties stapten er daarna in met de internationale troepenmacht Minusma, die bestond uit 15.000 soldaten, waaronder Nederlandse commando’s. De Bruijn kan zich er nog kwaad om maken. “Ze kwamen daar zonder enige kennis van het gebied, met alle verschillende etniciteiten en historische gegroeide kwesties. En zonder Frans te spreken. Hoe kun je dan weten wat je daar doet? Je weet nooit met wie je praat. Je kunt alle informatie die je opdoet nauwelijks interpreteren.”

Beeld Trouw

Zo moesten de Nederlanders informatie vergaren over op handen zijnde aanvallen. Volgens De Bruijn is het maar de vraag of verkregen informatie klopte en betrouwbaar was. En hadden de Nederlanders goede inlichtingen over jihadistische activiteiten in de regio, dan moesten ze die doorspelen en dan zouden andere Minusma-eenheden of het Malinese leger in actie komen. “Dat gebeurde vaker niet dan wel”, verklaart De Bruijn de frustratie van de Nederlandse militairen.

“De bevolking in Mali verwachtte bescherming en kreeg die onvoldoende.” Ze verwijst naar de slachtpartij in het dorp Ogossagou eind maart onder de Fulani, een herdersvolk. Daarbij vielen zeker 154 doden. De Da Nan Ambassagou-militie van het Dogon-volk, bestaande uit landbouwers, verrichtte de gruwelijke moordpartij. Sindsdien zijn er meer aanvallen geweest, ook op legerposten, waarbij veel Malinese soldaten omkwamen. De moordpartijen zijn er enkele in een heel lange reeks sinds 2013. 

Zelfverdediging

Al die jaren is bescherming uitgebleven. Het Malinese leger en de regering waren te zwak. Dus werden in dorpen, onder de vele volkeren in Mali, milities opgericht uit zelfverdediging, vaak met steun van de overheid die het zelf niet kon.

De Bruijn: “Het aantal milities is sinds 2013 enorm toegenomen. Ze begonnen steeds klein, maar er groeide een ketting van allerhande milities in het land.” Het werd een kweekvijver voor jihadistische groepen zoals de Islamic State of the Greater Sahel, die is gelieerd aan IS en de Jama’at Nasr al-Islam wal Muslimin ofwel JNIM, een aan Al-Qaida verbonden militie.

“Zelfverdediging werd radicalisering en inlijving bij islamitische terreurorganisaties. Dit vloeit voort uit de strategie van de VN-missie, waarbij de bescherming van burgers grotendeels werd vergeten en de militaire aanpak van jihadistische groepen verkeerd uitpakte.”

Inmiddels zijn grote delen van het noorden van Mali in handen van dergelijke milities, op enkele steden als Timboektoe na. De milities zijn daar de baas. De Bruijn ziet dat het probleem zich naar Zuid-Mali verplaatst en uitbreidt. “Hele Dogon-dorpen pakken hun boeltje op en vestigen zich in een nieuw dorp in het zuiden. De Fulani doen het in kleinere aantallen, maar wel met hun grote veekuddes.” 

Lees ook:

Niemand kan zeggen dat Nederland de Malinezen in de steek laat

De vooraf gevreesde klacht dat Nederland Mali in de steek zou laten, klinkt nauwelijks nu Defensie de missie per 1 mei stopt. De aanpak van Nederland werkte.

Jihadistische opstand rukt op naar West-Afrika.

Islamitische terreurgroepen gelieerd aan IS en Al-Qaida rukken op van de Westelijke Sahel naar West-Afrika. Burkina Faso, Ghana, Togo en Benin worden erdoor gedestabiliseerd.

Zonder strategie in broeinest Mali.

Aan de noordzijde van de Sahara staan voor Europa grote belangen op het spel. Daarom mag Mali niet in handen vallen van extremisten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden