De Nederlandse Opera / Die ene kans

Die ene kans, die ene doorbraak, daarvan droomt de assistent-dirigent. De voorbereidingen voor de seizoensopening volgende week bij De Nederlandse Opera -een reprise van de succesvolle enscenering van Richard Wagners 'Siegfried'- zijn in volle gang.

Tussen de honderden medewerkers die voor het welslagen van zo'n operatie nodig zijn, loopt ook de assistent-dirigent rond. Voor deze productie is dat de jonge Argentijn José Miguel Esandi (36). Hij is deze dagen de rechterhand van hoofddirigent Hartmut Haenchen, loopt als het ware een soort stage bij hem en leert de partituur van 'Siegfried' van maat tot maat kennen. ,,Goed voor het opbouwen van je repertoire, omdat je thuis eigenlijk nooit zomaar een partituur als deze gaat zitten bestuderen'', zegt Esandi.

Na de generale repetitie zit Esandi's werk erop, al zal hij -net als elke assistent-dirigent met aspiraties- stilletjes de hoop koesteren dat Haenchen gedurende de voorstellingen zwak, ziek of misselijk wordt. Want als Haenchen op een avond om de een of andere reden verstek moet laten gaan, dan zal Esandi voor een volle zaal Wagners opera dirigeren. Een intimiderend vooruitzicht voorwaar, maar zo'n onverwacht en plots optreden in de spotlights kan wel voor de zo vurig verlangde doorbraak zorgen.

Esandi glundert besmuikt als we het over die mogelijkheid hebben. Natuurlijk wenst hij Haenchen niets toe, maar ja, die ene kans om in het Muziektheater te dirigeren is toch ook wel erg aanlokkelijk. Esandi beweegt duim en wijsvinger naar elkaar totdat er tussenin slechts een klein spleetje overblijft. ,,Eenmaal ben ik er echt zo dicht bij geweest. Ik assisteerde ergens in een operahuis en de artistieke leiding daar was absoluut niet tevreden over de verrichtingen van de door hen aangetrokken dirigent. Mij werd gevraagd om me gereed te houden. Tot echt het allerlaatste moment was het onzeker of hij de voorstellingen zou mogen dirigeren. Uiteindelijk kwam het er niet van, helaas.''

Aan het begin van de repetitie-periode -die tussen de vier en zes weken in beslag neemt- nemen dirigent en assistent-dirigent de partituur door. De dirigent legt uit hoe hij bepaalde dingen wil hebben en vertrekt dan in die beginperiode om met het orkest te gaan repeteren. De assistent-dirigent zorgt gedurende die tijd voor de muzikale directie van de regierepetities met de zangers.

,,Een assistent-dirigent bij de opera heeft eigenlijk twee belangrijke hoofdtaken'', legt Esandi uit. ,,Tijdens de regie-repetities moet jij ervoor zorgen dat je het tempo dat de dirigent wil hebben, strak aanhoudt. Als de repetities met zangers en orkest onder leiding van Haenchen beginnen, dan is het jouw taak om de klankbalans in de zaal in de gaten te houden. Je houdt ook een lijst bij met wat er fout gaat in het orkest of bij de zangers. Na afloop van de repetitie praat ik met Haenchen die lijst door.''

José Miguel Esandi werd als hoornist opgeleid in Buenos Aires. Als kind stond hij al dirigenten na te doen en hij werd verliefd op de klank van een orkest. Hij wilde die klank zelf gaan maken. Met een beurs kwam hij in Miami terecht, waar hij zijn Nederlandse partner ontmoette, en werd vervolgens toegelaten tot de dirigentenopleiding in Wenen. Op het Haags conservatorium moest hij vijf jaar geleden voor een concert met Bruckners Derde symfonie en Wagners 'Wesendonck-Lieder' plots invallen voor Alexander Lieb reich. Twee dagen voor de eerste repetitie kreeg hij het verzoek. Esandi zag zijn kans, deed een leugentje over zijn kennis van de partituren, sliep vervolgens twee nachten niet om ze in te studeren en was succesvol. Zijn succes in Den Haag leidde tot zijn opdrachten bij de Nieuwe Opera Academie en inmiddels geeft hij ook les daar.

Peter de Caluwe, hoofd artistieke zaken bij De Nederlandse Opera, hoorde Esandi toen die bij de Nieuwe Opera Academie in Den Haag de opera 'Twee weduwen' van Smetana dirigeerde. De Caluwe was onder de indruk en nodigde Esandi uit bij DNO voor 'Siegfried' en later in het seizoen voor Wagners 'Das Rheingold'. ,,Ik wilde zó graag een keer assisteren bij De Nederlandse Opera. Zoals ik al zei is het een perfecte manier om het repertoire te leren kennen, maar vooral het werken bij zo'n belangrijk huis is heerlijk. Het contact met Haenchen loopt goed; hij gaf mij aan het begin zijn boek 'Twijfel als wapen' cadeau. Ik vraag hem van alles over het vak van dirigeren en hij vindt het leuk om daarover te vertellen. We hebben het veel over zijn dirigeerstokje gehad. Omdat 'Siegfried' in het aardedonker begint, zit er aan het uiteinde van dat stokje een lichtje dat gaat branden op de energie die een warme hand eraan geeft.''

Maar vooralsnog gaf Haenchen dat lichtgevende stokje nog niet uit handen. Esandi begrijpt het. ,,Ik ben een heel ander mens dan Haenchen; de klank van het orkest zou acuut veranderen. Misschien volgende keer bij 'Das Rheingold', als hij mij wat beter kent.''

Esandi, die eerder al assisteerde bij de Vlaamse Opera, bij de Nationale Reisopera en bij de ZaterdagMatinee, vindt dat hij absoluut niet mag klagen over hoe het nu met hem gaat. ,,Natuurlijk zijn er leeftijdgenoten die sneller dan ik carrière hebben gemaakt. Je hebt ook de goeie kruiwagens nodig. Maar ik heb hier in Nederland echt iets geleerd. Als je snel carrière maakt, kun je lang zo veel niet studeren.'' Esandi is er klaar voor. Voor die doorbraak, die kans, die gelegenheid waarop hij zich echt kan bewijzen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden