De natuur kruipt hier ongemerkt je boek in

Struinend door het landschap spreekt Hans Marijnissen met de werkers in de natuur. Henk Visser bekommert zich in De Veenhoop over een arkje voor schrijvers.

Een blinkende Amerikaanse windmolen lokt ons over het dijkje richting De Veenhoop. Maar de Herkules uit 1926 is dan ook het enige baken in deze oude veenkolonie. Wat nu natuur is, met water en wallen, was ooit een gebied van afzien. Arbeiders schepten het veen uit de langgerekte petgaten, en droogden dat op de wallen daarnaast. De meeste gaten zijn later dichtgegooid en maken nu ongezien onderdeel uit van het boerenland, maar het water dat openbleef heeft nu een grote soortenrijkdom.

Aan de voet van de molen houden mannen met zeisen het gras van de dijk kort. "Welkom in het land van Domela Nieuwenhuis", zegt Henk Visser, die net even tegen het hek leunt, lachend. De socialistische voorman voorzag in de negentiende eeuw de landarbeiders in deze streken van vlammende betogen, en die gingen erin als koek. De arbeidsomstandigheden waren dan ook abominabel.

"Dat kun je allemaal teruglezen in het werk van Rink van der Velde", zegt Visser. "De meest gelezen schrijver van Friesland. Zijn verhalen gaan over het leven op dit land. Hard werken, anarchie, drank: het was er allemaal. Hij is in 2001 overleden, maar verderop ligt zijn arkje nog. We zorgen er goed voor."

Visser wil dat bootje wel even laten zien, maar daarvoor is een flinke slinger door het landschap nodig. We klimmen over het hek en verstoren twee zonnende zwanen. Intussen vertelt Visser over zijn contact met Van der Velde. "Mijn vrouw Joukje studeerde destijds Fries, en verkocht Friese literatuur op de markt van Drachten. In die tijd gebeurde dat nog vanuit kruiwagens. Later heeft ze literaire themaweken georganiseerd, met een markt als afsluiting. In die periode, het zal zo'n vijftig jaar geleden zijn, hebben we Van der Velde ook leren kennen. Een mooie vent."

Van der Velde hield van het buitenleven, al zal hij het woord biodiversiteit niet snel in de mond hebben genomen. Maar hij vond het heerlijk om weg te zijn van iedereen, een hengel uit te gooien. Uiteindelijk kocht hij in dit gebied een eigen petgat, gaat Visser verder, met het plan er een huisje naast te zetten. "Dat mocht aanvankelijk niet van de gemeente, maar een arkje was wel toegestaan."

Hij zal er best in geschreven hebben, daar gaat Visser van uit, "maar de verwaarloosde ark was vooral het middelpunt van enorme feesten. We kwamen er graag!" In 1990 kocht Van der Velde een nieuwe woonboot en legde deze neer op de plek van de oude. Deze heeft hij net voor zijn dood overgedragen aan natuurorganisatie It Fryske Gea. "Sindsdien is de ark van Van der Velde een schrijversark, de Skriuwersarke zeggen we hier in Friesland. Schrijvers die rust en inspiratie in de natuur zoeken, mogen hier zes weken verblijven. En mijn vrouw en ik beheren de ark. We zien toe op het onderhoud, en selecteren de schrijvers."

We zijn intussen aangekomen bij het petgat van Van der Velde. Tussen de jonge bomen verstopt ligt daar het groen gelakte arkje, met echte pannen op het dak. Daar wordt goed voor gezorgd, dat zie je zo. Een sloep met de naam Foekje ligt aan de korte kant afgemeerd.

Vanuit het huiskamertje is er een prachtig zicht op het water. Visdiefjes tippen het oppervlak aan, een meerkoet scharrelt bij het inmiddels verlaten nest. Als dit niet inspireert. De Friese kinderboekenschrijfster Elske Schotanus is deze weken de gelukkige die de ark van Van der Velde mag bewonen. "Het is vooral de rust, de stilte die stimuleert", zegt ze. "Maar de natuur kruipt ongemerkt je boek in. Vaak merk je dat pas als je weer thuis bent." Visser glundert. Zo moet het zijn.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden