Column

De moeder van de porseleinkast regeert, blijkt uit de duur van deze formatie

null Beeld Trouw
Beeld Trouw

De dominee kon er niet over uit. De politicus, een voormalige koopman, was in de verkiezingscampagne 'een geschenk van God' genoemd, maar nu presenteerde hij een kabinet 'waarin tarwe en onkruid tezamen opgroeien'.

Deze woorden, gesproken in de Tweede Kamer, sloegen niet op het aanstaande derde kabinet-Rutte, maar op het tweede kabinet-Colijn, waarin de drie christelijke partijen voor het eerst samenwerkten met liberalen en vrijzinnig-democraten. Als je Rutte III in historisch perspectief wilt plaatsen, staat het in een meer dan tachtig jaar oude en tamelijk vruchtbare traditie.

In 1933 betekende het gemengde 'crisiskabinet' een doorbraak in de politieke verhoudingen, die tot dan toe werden bepaald en getekend door een tweedeling tussen christelijke en seculiere partijen - tarwe en onkruid, in de ongenadige beeldspraak van dominee Lingbeek. Deze predikant was het enige Kamerlid van een kleine orthodox-protestantse en antiroomse partij, die vond dat Nederland geregeerd moest worden op basis van de Tien Geboden. Lingbeek was teleurgesteld dat Colijn de 'wortel des geloofs op sterk water had gezet' en niet, zoals gewoonlijk, een exclusief christelijk kabinet had gevormd.

Tegenstellingen

Getalsmatig was dat met 52 van de (toen nog) 100 zetels mogelijk, maar geconfronteerd met de zware economische depressie wilde Colijn een bredere basis voor zijn ingrijpende 'politiek van aanpassing'. In de eerste ontmoeting met het parlement vroeg hij dan ook de politieke geschilpunten terzijde te verschuiven en niet toe te spitsen. "Bij het reddingswerk moeten de grotere tegenstellingen blijven rusten."

De echo van deze bezwering is klaar en helder terug te horen in de tonen waarmee VVD, D66, CDA en ChristenUnie deze week hun coalitieakkoord presenteerden. "In Nederland trekken we samen op als het erop aan komt en gaan we niet tegenover elkaar staan. We zijn vóór verschillen, maar tegen tegenstellingen."

Het heeft wat tijd gekost deze formule staatkundig vorm te geven: geen kabinet met een extraparlementair karakter, dus zonder regeerakkoord, zoals Colijn II, maar een constructie waarbij, met een breed uitgewerkt en met kruideniershand uitgewogen regeerakkoord, de politieke leiders van drie van de vier coalitiepartijen 'een beetje afstand' houden, zoals PvdA-voorman Asscher het trefzeker uitdrukte. Het electorale echec van diens partij, die onder Rutte II haar eigen gezicht ondergeschikt maakte aan het voortbestaan van het kabinet, heeft tot behoedzaamheid geleid. Als de recordduur van de kabinetsformatie íéts duidelijk heeft gemaakt, is het dat in politiek Den Haag de moeder van de porseleinkast regeert.

Colijn schiep in 1933 (het jaar waarin in ons buurland Hitler aan de macht kwam) een midden in de Nederlandse politiek, een novum na een eeuw van hevige cultuurstrijd tussen de belijdende en niet-belijdende partijen, die afwisselend regeerden. Twee dwingende redenen: de zware economische crisis en opkomende radicale partijen zowel links (communisten en andere revolutionairen) als rechts (autoritair nationalisme).

Zo was er William Westerman van het Verbond voor Nationaal herstel die, net als Baudet nu, pleitte voor 'een kabinet van nationale figuren, hoogstaande mannen die van alle politieke smetten vrij zijn'. Er is niets nieuws onder de zon.

Moeizaam

Het midden van Colijn werd vanuit het christelijke kamp aanvankelijk gepresenteerd als een tijdelijk bestand, een godsvrede ingegeven door de nood der tijden, maar het groeide uit tot het draai- en aandrijfpunt in ons politieke leven. Na de oorlog verdedigde de katholiek Beel de samenwerking met de PvdA als het 'Nieuwe bestand', terwijl in de jaren negentig het midden zich manifesteerde in een derde gedaante, die van de paarse coalitie van sociaal-democraten, liberalen en vrijzinnigen.

Rutte III-in-trage-wording laat zien hoe moeizaam het is in deze tijd van grote veranderingen, met opnieuw een oplaaiende cultuuroorlog, het midden tot politieke werkzaamheid te brengen. Maar niet onmogelijk, nadat de krampachtige poging in 2010 radicaal-rechts in te kapselen op een mislukking uitdraaide. Rutte II was geforceerd, maar ook praktisch en inventief; uit het oogpunt van hervorming van beleid en continuïteit in de bestuurbaarheid van de natie een succes. Des te wranger de politieke afstraffing (37 zetels verlies) en des te begrijpelijker dat nu de moeder van de porseleinkast de lakens uitdeelt.

De aantredende coalitiepartijen bezetten niet het midden, ze staan eromheen en geven, een beetje op afstand, Rutte als premier de zegen, zoals de katholieke leider Aalberse in 1933 met de groet van de bijbelse Jozef aan zijn broers Colijn het beste wenste: "Gaat, en wordt niet toornig onderweg."

Lees hier meer columns van Hans Goslinga en lees hier meer over Rutte III.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden