De mensenrechten zijn jarig

Stel je voor, mijnheer Pietersen werkt vijftig jaar bij de zaak. Op het feest, georganiseerd ter ere van zijn jubileum, staat een spreker op die vraagt: “Stel dat Pietersen vandaag bij onze zaak zou hebben gesolliciteerd, zouden we hem dan hebben aangenomen?” En dan volgt een uitvoerig exposé van de feilen van de heer Pietersen en de veranderde omstandigheden op de markt die ertoe nopen tegenwoordig heel andere werknemers aan te stellen dat de jubilaris.

Dat zou niet aardig zijn.

Een soortgelijk probleem hebben we met de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Over twee dagen zijn de mensenrechten jarig. Zij zijn dan vijftig jaar oud, want in 1948 werd de Universele Verklaring door de Verenigde Naties aangenomen.

Verschillende feestredenaars laten in de krant van zich horen en de een spreekt nog mooier dan de ander. Heel mooi sprak bijvoorbeeld Max van der Stoel in Trouw van 1 december (die grote bril, daarachter dat kleine hoofd met daarin die wereldveranderende gedachten, zoals W.F. Hermans eens over hem schreef).

Net als bij andere jubilea wil men van geen kwaad horen over de jubilaris. Als er iets mis is, ligt het aan de dictators die niet willen luisteren, nooit aan de verklaring zelf.

Nu zit daar natuurlijk veel in. Het is ook niet mijn bedoeling om de feestvreugde te bederven.

Toch kan men bij de firma Mensenrechten & co wel een paar kanttekeningen maken, al was het alleen maar omdat bedrijven, en een bedrijf is de zorg voor de mensenrechten toch wel geworden, alleen kunnen floreren wanneer zij 'bij de tijd' blijven.

Is de Universele Verklaring nog bij de tijd? Je hoort wel dat de verklaring te 'individualistisch' is. Vrouwen, homo's, gehandicapten, volkeren, ze hebben geen eigen rechten. Slechts individuele personen krijgen 'rechten' op basis van de verklaring. Naar mijn idee moet dat zo blijven, want het verlaten van de individualistische inslag van mensenrechten is in feite een terugkeer naar de standenmaatschappij. Je hoort ook wel dat de universele verklaring een universalistische pretentie heeft; de rechten gelden voor alle mensen in alle tijden op alle plaatsen. Daartegen heeft dat malle postmodernisme bezwaren. Maar die bezwaren zijn zo zwak dat men ze niet erg serieus behoeft te nemen. Het postmodernisme is bovendien weer uit de mode.

Je hoort ook wel dat het denken in termen van 'rechten' een narcistische mentaliteit stimuleert: het versterkt de neiging alleen te denken in termen van eigen belangen en eigen preoccupaties. Naast rechten zouden ook plichten centraal moeten staan.

Hoewel de gehele traditionele mensenrechtenlobby te hoop loopt tegen de onlangs voorgestelde 'plichtenverklaring' zit daar toch wel iets in, zoals Carla Zoethout opmerkte in haar wijze artikel in Letter & Geest (5 december). Voorzover het de Westerse wereld betreft, zijn 'rechten' tegenwoordig inderdaad in het defensief gedrongen door 'plichten'.

De sterkste kritiek op de UV en andere mensenrechtenverklaringen lijkt mij echter dat het slechts verklaringen zijn voor mensen en dus dieren worden uitgesloten. Daarover heb ik nog geen enkele hoogleraar in de mensenrechten schande horen spreken.

En dat is een goed teken, want dan weet je zeker dat dit het thema zal zijn dat de toekomst zal bepalen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden