De mens, het land en de bloemen

Leeg en eenzaam oogt het Noord-Friese land. Daar waar Duitsland onverbiddellijk de grens met Denemarken afhekt, stulpen nietige terpen boven een zee van grijsgroen uit, als laatste getuigenissen van menselijke beschaving. Eigenlijk is het onvoorstelbaar dat de Duitse schilder Emil Nolde (1867-1956) uitgerekend deze streek koos om zich te laten inspireren voor wat zijn allermooiste werken werden. Werken die ook hangen op de expositie in het Haags Gemeentemuseum waar Nolde vooral als pionier van het expressionisme wordt getoond.

Dichtbij zijn voormalige geboorteplaats -niet meer dan een boerenhoeve die door een ongelukkige grenscorrectie buiten Duitsland kwam te liggen- bouwde Nolde na jaren van omzwervingen in 1927 naar eigen ontwerp een magnifiek atelier annex woonhuis op een kunstmatig opgeworpen landbult. De eerste gemeente die hij in deze streek zou kunnen aandoen was Seebüll. Het plaatsje ligt tegenwoordig zo dichtbij dat je er makkelijk met een wandeling kan komen. Maar toen Nolde zich er vestigde, moest hij er met een bootje naar toe, dwars over de zee die het land regelmatig overspoelde.

Het Noord-Duitse landschap, plaatselijk die Halligenwelt genoemd, was voor Nolde een nimmer opdrogende inspiratiebron. Dat sloot niet uit dat hij op en rond zijn terp een paradijsje schiep dat evenzeer als inspiratiebron diende. In Nolde's oeuvre nemen de nog altijd stralende bloemstillevens die hij in zijn tuin arrangeerde, een belangrijke plaats in. Nolde raakte hier zozeer verankerd dat hij er tenslotte ook is begraven: in de achtertuin die die deel ging uitmaken van het museum dat als de Stiftung Seebüll Ada und Emil Nolde direct na zijn dood is opgericht, staat een voor het publiek niet toegankelijk mausoleum.

Wie zichzelf in een zo'n ontoegankelijk gebied opbergt, laadt al snel het odium van een onsociaal, weinig menslievend personage op zich. Zo niet Nolde. Zijn belangstelling voor de natuur weerhield hem er niet van ook naar zijn medemens te kijken. Hij kon de mensen haarscherp analyseren, zonder dat hij daar een vernietigend oordeel aan verbond. Bovendien had hij grote belangstelling voor uitheemse volkeren. Zo reisde hij vlak voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog met een wetenschappelijke expeditie naar het Verre Oosten en Nieuw Guinea.

Al die aspecten van zijn kunstenaarsschap vormden de aanleiding voor de tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum. Nolde hoeft in ons land niet meer te worden geintroduceerd: als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het Duitse expressionisme (Die Brücke, Berliner Sezession) heeft hij hier al eerder aandacht gekregen. Het Haags Gemeentemuseum laat nu veel werk zien dat afkomstig is uit de Nolde Stiftung in Seebüll. In samenhang daarmee zijn werken gezocht van tijdgenoten, voorgangers en navolgers van Nolde die een verrassende visie op de expressionist geven. Zo wordt de afdeling 'bloemen en tuinen' uitgebreid met de beroemde 'Tuin te Arles' van Vincent van Gogh uit 1888, waarnaast E.L. Kirchners 'Slotpark Dresden' hangt. Dat levert een spannend ensemble dat binnen een tijdsbestek van nog geen 18 jaar tot stand kwam en toch al een hele evolutie van het fijn gedetailleerde pointillisme naar het fauvisme te zien gaf. Nolde blijkt op veel meer terreinen de verbindende schakel te zijn tussen wat zich in Duitsland en elders in Europa afspeelde. Zijn afbeeldingen van groteske en fantastische wezens die zich in het Noord-Friese land ongetwijfeld als luchtspiegelingen hebben voorgedaan, grijpen terug op de beklemmende caprichos van Goya. En ze refereren evengoed aan de wonderlijke diertransformaties van James Ensor en ook maakten ze de weg vrij voor de droomwerelden van Paul Klee.

Nadrukkelijk komt in Den Haag niet het latere werk van Nolde in beeld, hoewel dat minstens even intrigerend is. Zo moet je om een indruk te krijgen van de Ungemahlte Bilder (die Nolde vanwege het feit dat hij entartet was verklaard niet mocht maken), nog altijd naar Seebüll. Daar is dit deel van het oeuvre vrijwel compleet te zien. Een bezoek aan het Noord-Duitse museum vormt zodoende een mooie aanvulling op de bepaald niet mager opgezette presentatie in Den Haag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden