De man die Napoleon was

Het filmische meesterwerk 'Napoleon' is binnenkort weer in Nederland te zien, 'live' muzikaal begeleid. Albert Dieudonné speelde daarin de hoofdrol, zijn hele leven lang.

PHILIP FRERIKS

Philip Freriks (1944) is voormalig correspondent in Parijs, ex-journaallezer en presentator van onder meer het Groot Dictee der Nederlandse taal.

In het najaar van 1971 neem ik de metro naar Boulogne-Billancourt voor een afspraak met Napoleon Bonaparte. Hij verwacht me bij hem thuis. De keizer heeft me uitgenodigd voor de lunch.

Ik begrijp wel dat dit een beetje onwaarschijnlijk klinkt. Gekkenhuizen hebben sinds zijn dood heel wat met gereïncarneerde Napoleons te stellen gehad. Bovendien was Boulogne-Billancourt niet de meest voor de hand liggende locatie om bij een keizer op bezoek te gaan. De Parijse voorstad had een bedenkelijke reputatie. Het horen van de naam alleen al leidde subiet tot collectieve koortsuitslag. Vanwege de Renaultfabriek en de arbeidsonrust die daar meestal begon. "Als Renault verkouden is, niest Frankrijk", werd er gezegd. Boulogne-Billancourt had niets van een keizersstad. Niets van een Cité Impériale zoals Compiègne of Fontainebleau.

Mijn gastheer kon zich niettemin beroepen op een zekere legitimiteit. Hij was de eerste acteur die Napoleon een gezicht had gegeven op het witte doek. In de periode nog van de stomme film.

De zwart-wit 'Napoléon' uit die tijd was een groots epos. Een technisch wonder zelfs. De regisseur Abel Gance had er een zogeheten triptiek van gemaakt, drie films die tegelijkertijd op drie aan elkaar geklonken doeken synchroon werden geprojecteerd. Om te beginnen in het wapperende blauw-wit-rood van de tricolore. In de orkestbak een luidruchtig ensemble met veel trompetten en cimbalen.

De rol van Napoleon was toebedeeld aan Albert Dieudonné. Niet een van God gegeven acteur maar zijn treffende gelijkenis met Bonaparte maakte veel goed. "Als Napoleon ooit terugkeert op aarde, kan dat alleen zijn in de gedaante van Albert Dieudonné", schreef een beroemd recensent. De acteur wist dat je het bij de stomme film van lichaamstaal moest hebben. Van pathos in de overtreffende trap. Napoleon Bonaparte werd in zijn gedaante een geexalteerde heerser met de gewenste overdaad aan mimiek en motoriek.

Het heldendicht mocht dan een stomme film zijn, om hem zo authentiek mogelijk te doen lijken dwong Abel Gance zijn acteurs om zich nauwkeurig aan de uitgeschreven tekst te houden. In het geval van de hoofdrolspeler aan de geheiligde woorden van de keizer zelf.

Voor hem, Albert Dieudonné, neem ik de metro naar dat rebelse Boulogne-Billancourt. Ik stap uit op Marcel Sembat, vernoemd naar een socialistische minister die iedereen vergeten is. De acteur had er zijn intrek genomen in een van de eerste nieuwbouwflats die in de plaats moesten komen van de bric-à-brac aan bouwvallige werkplaatsen en dito arbeiderswoningen. Links in het volkse Billancourt was de Renaultfabriek, rechts in het wat duurdere Boulogne het tennisstadion Roland Garros.

Op het afgesproken tijdstip bel ik aan en een dienster op leeftijd, gekleed in functioneel zwart met wit schortje en dito kapje, doet open. Ze gaat me voor naar een eenvoudig vertrek met vitrage voor de ramen en gesloten openslaande deuren aan de andere kant. Ruim is het er niet. Langs een muur met streepjesbehang staat een kleine ronde tafel met elegante fauteuils in, het ligt voor de hand, empirestijl.

Er is voor twee personen gedekt. Met uitgebreid bestek voor hors-d'oeuvre, entree, hoofdgerecht, kaas en dessert. En drie soorten glazen, voor water, witte en rode wijn.

Kristal, sierlijk.

Albert Dieudonné laat me een paar minuten antichambreren zoals dat in Frankrijk de gewoonte is bij personen die graag laten blijken dat ze niet van de straat zijn. Door de vitrage zie ik de resten van onttakelde fabriekjes en daarachter de hoge grijze muren van de Régie Renault.

Als hij als een wat al te gepresseerd iemand binnenvalt, barst hij meteen uit in excuses voor het 'o zo' lange wachten, heet me met bijpassende strijkages welkom alsof ik een heel gezelschap ben en nodigt me uit om plaats te nemen op een crapaud voor de aperitief.

"Vous prenez bien un verre de champagne."

Ik vind hem opvallend kwiek voor een 82-jarige. Vanuit zijn stoel heerst hij druk gebarend over het universum, vriendelijk en zich wel bewust van zijn waardigheid. Het is me snel duidelijk dat ik mijn plaats moet weten, ik ben op audiëntie. Ik krijg gaandeweg de indruk dat het dienstertje in werkelijkheid zijn echtgenote is.

We wisselen beleefdheden uit en ik vertel hem over Rotterdam waar hij is uitgenodigd voor het filmfestival. Er zal een gerestaureerde versie van 'Napoléon' met geluid worden vertoond. Dankzij de vooruitziende blik van Abel Gance had Albert Dieudonné zijn teksten perfect lipsinc kunnen inspreken. De acteur zelf wil vooral weten hoeveel duizenden hem bij het Rotterdamse evenement zullen toejuichen.

Aan tafel en met behulp van een uitstekende Viognier wordt het gesprek allengs geanimeerder. Albert Dieudonné vertelt me over de film, de opnamen, de veldslagen en hoe hij zich Napoleon had eigen gemaakt. Hij spreekt in steeds grotere gebaren en laat voor mijn ogen de Grande Armée defileren en manoeuvreren.

Plotseling stijgt hij op, gooit zijn servet op tafel en grist vanachter de deur een kledingstuk. In een snelle beweging trekt hij een grijs-blauwe jas aan, plant een zwarte steek met cocarde op zijn hoofd en steekt zijn hand karakteristiek tussen de jaspanden. Hij kijkt over me heen in een oneindige verte, de kaken strak op elkaar.

En plotseling klinkt een martiaal:

'Soldats!'

Op hetzelfde moment zwaait de deur open en komt het dienstertje met het hoofdgerecht binnen.

"Pas maintenant", sist de keizer geërgerd en het dienstertje maakt geschrokken rechts omkeert.

Mijn gastheer herneemt zich.

"Soldats!", loeit hij weer.

"Ik zal u naar de vruchtbaarste landerijen van de wereld brengen. Ge zult de macht hebben over rijke provincies en grote steden. Ge zult er eer, roem en rijkdom vinden."

"Soldats, manqueriez-vous de courage et de constance?" Mankeert het u aan moed en strijdbaarheid?

Het is de eeuwigheid van enkele seconden doodstil. Geen massaal 'Vive l'empéreur' zoals dat gebruikelijk was als de keizer gesproken had. Ik hoor een klok tikken. Buiten klinkt de sirene van een passerend politiebusje.

Verder niets.

Bruusk draait de keizer zich om alsof hij zijn paard wendt en verdwijnt via de deur uit beeld. Weg van de camera die alleen zichtbaar voor hem midden in de kamer moet hebben gestaan.

Mijn gastheer was precies een eeuw na de Franse Revolutie geboren. In 1889, een jubileumjaar dat werd gevierd met de inwijding van de Eiffeltoren. Vanaf 1908 was hij filmacteur. 'Napoléon' werd twintig jaar later zijn grote doorbraak. De rol van zijn leven. Naar men zegt had hij zich zo in de keizer ingeleefd dat ontsnapping aan zijn personage onmogelijk was geworden. Aanvankelijk had hij nog geprobeerd om het over een andere boeg te gooien. Hij had een gezellige komedie geschreven, een boulevardstuk waarin hij zelf de hoofdrol speelde.

Maar het was te laat. Napoleon had geheel en al bezit van hem genomen. Voortaan leefde hij voor hem en door hem, schreef over hem en gaf lezingen in het hele land waarbij hij steeds meer de gedaante van de keizer aannam. Na verloop van tijd wás hij Napoleon. Ook al werden de zaaltjes steeds kleiner, voor Albert Dieudonné gaf de Grande Armée altijd present, parade na parade. Altijd op weg naar de volgende veldslag, de volgende heroïsche zege. En elke keer sprak hij de manschappen toe. Zijn 'kinderen', zoals Napoleon zei. "Soldats, uw veroveringen zijn van onschatbare waarde voor de beschaving en het wel en wee in de wereld."

Toen Albert Dieudonné in 1976 stierf, vijf jaar na onze ontmoeting, liet hij zich begraven in de kleren van zijn alter ego. Hij werd met bescheiden ceremonieel ter aarde besteld in het dorpje Courçay aan de oevers van de Indre, zoals zijn grote voorbeeld overeenkomstig zijn laatste wil in een graf op steenworpafstand van de Seineoevers was bijgezet.

Ik zit er wat verloren bij als de keizer het slagveld voor de vestibule heeft verruild. Ook het Grote Leger is ineens verdwenen. Ik neem nog maar een slokje wijn. Groot heerser, klein pensioen, bedenk ik. De keizerlijke behuizing is niet meer dan een bescheiden tweekamerwoning.

Na enkele minuten komt Albert Dieudonné terug in burgerkleding en zijgt neer op zijn stoel. "Dat was tijdens de campagne in Italië", zegt hij zuchtend. Het kwieke is er ineens af. Hij klinkt weemoedig, droevig bijna. Uit zijn hele wezen spreekt een diep verlangen naar kruit en glorie, camera en sterrendom, naar zijn verloren jeugd. Ik zie dat zijn ogen vochtig zijn. Op dat moment begrijp ik dat Boulogne-Billancourt zijn Sint-Helena is.

'Soldaten, uw veroveringen zijn van onschatbare waarde voor de beschaving en het wel en wee in de wereld!'

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden