De magie van echte muziek is niet te verwoorden

INTERVIEW | Jan Willem Sligting koos 33 jaar de bands in Paradiso, een poptempel met nauwelijks subsidie.

Al op zijn twaalfde kon hij zijn ogen niet van die muzikanten afhouden. "Livemuziek. Die magie. Eerst is er niets. Dan lopen mensen een podium op, en is er iets. Nog steeds vind ik dat magisch." Nog steeds wil zeggen na 33 jaar trouwe dienst, als programmeur popmuziek bij het Amsterdamse poppodium Paradiso. Deze maand neemt Jan Willem Sligting (66) afscheid.

Sligting is een vriendelijke man, opgewekt. Belezen ook. Hij trekt zo Plato uit de kast om de podiumuitstraling van een popster te verklaren. En hij is nieuwsgierig. Regelmatig pareert hij de vraag met een wedervraag. Wat vind jij er eigenlijk van?

Met gloed vertelt Sligting van onder zijn volle grijze krullen over popconcerten. Aan het begin van het gesprek legt hij een boekje op tafel: alle bands, acts en artiesten die sinds 1968 in Paradiso speelden. Hij heeft geen idee hoeveel hij er boekte, zag, sprak. Meer dan duizend? Zeker. Hij bekeek ze vanaf zijn vaste plek in de zaal. Linksachter, net voor de geluidstafel. Alleen als het echt heel goed was, ging hij naar voren. Maar ondanks al die concerten kan hij nog altijd niet goed onder woorden brengen wat een goed concert tot een speciaal concert maakt. "Die magie zou ook geen magie zijn als je het met woorden kon omschrijven."

Toch was het dertig jaar uw baan om die magie in Paradiso tot leven te wekken.

"Je probeert voorwaarden te scheppen om dat gevoel te pakken te krijgen. Je probeert te zorgen dat er geen acts spelen die 'het' niet hebben. Je kunt verder weinig doen, maar wat je kunt doen kan heel belangrijk zijn. Je moet zorgen dat het voor de band het fijnste concert van hun tour wordt. Ook proberen we weinig zichtbare security te hebben in de zaal. En ik vind het prettig dat je bij ons niet overal op schermen ziet wat er de komende tijd gaat komen. Geef je een intiem concert, met weinig mensen, en is het podium te hoog: dat werkt niet. Zo simpel is het. Maar je moet er wel op letten."

Soms lukt het niet, dan mist een optreden iets. Wat precies, energie?

"Als band zeg je dan tegen elkaar: het ging niet, hè? Niet dat er fouten werden gemaakt, maar 'het' is er op zo'n avond niet. Dat is precies de magie. Neem alleen al het opkomen. Je kunt dat op zo veel verschillende manieren doen. Alex Turner van Arctic Monkeys bijvoorbeeld. Hij komt op, en kijkt de zaal in. Doodstil. En dat is het eigenlijk. Alsof je een date hebt met een meisje, met wie je gezellig gaat eten. Je kijkt haar een tijdje aan... BENG! Ineens begint het."

Jan Willem is ontzettend bescheiden, zeggen anderen. Hij zal nooit over zichzelf zeggen dat hij dertig jaar lang de gezichtsbepalende programmeur van Paradiso was. Er werken immers nog vier popprogrammeurs. Zonder hem vaart het schip heus wel door. Maar Jan Willem inspireert, zegt een collega. Hij zegt nooit zo maar iets, er is altijd over nagedacht. En hij stelt zijn collega's en zichzelf voortdurend de vraag: waarom doen we dit eigenlijk?

Wat is dan het meest gehoorde antwoord?

"Dat we iets boeken omdat we het goed vinden. Het tweede antwoord is: ik weet niet of ík het zo goed vind, maar ik ken wel vijftienhonderd fans die dat vinden. Je kunt die vijftienhonderd niet in de kou laten staan. Paradiso is van iedereen. Muziek moet echt zijn. Dat vind ik het mooiste criterium. Het is moeilijk te vangen. In de kunst kun je dingen niet objectief maken."

Wilt u het publiek iets bijbrengen?

Een knipoog. "Altijd. Ik wil liever iets organiseren wat er nog niet is."

Tegelijkertijd wil je zo vaak mogelijk uitverkopen. Bijt dat elkaar?

"Als je niet goed oppast zou dat elkaar kúnnen bijten. Maar stel je de inhoud voorop, dan komt het geld vanzelf. Je bent verkeerd bezig als je gaat boeken om een zaal vol te krijgen. Maar het is een moeilijke lijn. Je moet die inhoud wel koppelen aan financiële haalbaarheid. Wij hebben weinig subsidie, iets meer dan 4 procent. Dus bijna al het geld dat wij omzetten komt van bezoekers. Zolang we die weten te vinden, hebben we geen probleem."

Heeft Paradiso het als cultureel ondernemer makkelijker dan musea of culturele instellingen?

"Zo'n vergelijking gaat niet op. Het Nationale Ballet krijgt veel subsidie. Ik vraag me niet eens af óf dat terecht is - ik denk van wel - maar je kunt het niet vergelijken met een poppodium. Het ballet of het Concertgebouworkest kan alleen bestaan als er wordt bijbetaald. Die hadden veel meer last van de crisis. Bij ons werden niet minder kaartjes verkocht. Wel wordt in de popsector het meeste geld uit bar-omzet gehaald. Dat merkten wij wel - het is alleen weinig verheffend om te betreuren dat mensen minder drinken."

Toch die crisis. Zijn poppodia daardoor veiliger gaan programmeren?

"Ik wil niet voor anderen spreken. Wij hebben de mazzel dat hier veel bands komen waar we mee kunnen verdienen. Zoals fijne concerten van Blondie of Franz Ferdinand, die meteen uitverkopen. Daar kun je dan onveilige dingen mee blijven doen. Zo hou je het totale aanbod avontuurlijk."

Wat is er in die dertig jaar veranderd?

"Alles is professioneler geworden. Dat is zo'n versluierde term, maar het betekent dat meer mensen zich ermee zijn gaan bemoeien. Arbo. Brandveiligheid. Belastingen, dat soort dingen. Vroeger kon je het gewoon uit een schoenendoos doen, iedereen verdiende gewoon een tientje per uur. Nu moet je een brevet hebben om bij de deur te staan. Ik zeg niet dat dat slecht is..."

En zijn bezoekers tegenwoordig moeilijker te vermaken?

"Juist niet! Vroeger was het publiek veel terughoudender. Totdat ze dachten: dit is goed. Was vroeger de zaal halfvol, bleef iedereen achteraan staan. Dan speelde de band voor een gat. Nu gaat iedereen direct naar voren."

Voor Sligting begon het allemaal met jazz. En blues, in zijn band Barrelhouse die dit jaar veertig jaar bestaat. Hij speelt bas en accordeon. Met dat mini-orkestje op schoot maakt hij ook thuis muziek, voor zijn vrouw, of twee dochters, als die langskomen. En soms kan hij een dag lang genieten van de stilte, op de zeilboot. Even geen muziek. Nooit is hij bang geweest dan dat nieuwste bandje te missen.

"Je moet niet denken dat je alles in je eentje kunt ontdekken. Want die band uit Seattle of Manchester is al een tijdje bezig. Op een gegeven moment moet iemand mij dat vertellen. Nieuwsgierigheid brengt je heel ver."

Hoe gaat het straks verder?

"Ik heb mezelf voorgenomen dat ik na 33 1/3 jaar van mezelf drie maanden en dertien dagen krijg om helemaal niks te doen. En daarna? Er is heel veel te doen in de wereld. Ik ben een actief mens. En nieuwsgierig."

Dertig jaar zag u avond na avond bands. En straks?

"Ik blijf concerten bezoeken. Ik blijf muziek maken. Ik heb passie voor muziek, maar het is belangrijker dat je passie hébt, dan waarvoor je hem hebt. Had ik toevallig vrienden in de theaterwereld gehad, dan was ik misschien daar terechtgekomen. Wel ga ik dit soort gesprekken heel erg missen. Met de mensen hier in Paradiso, over muziek, over cultuur, om te bespreken wat het nu eigenlijk is dat we hier zien."

'Was vroeger de zaal halfvol, bleef iedereen achteraan staan. Dan speelde de band voor een gat. Nu gaat iedereen direct naar voren'

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden