De Linge is ’s zomers onweerstaanbaar

Fort Asperen. (FOTO BERT VAN PANHUIS)

Met 108 kilometer is De Linge de langste puur Nederlandse rivier. En behalve een puntje bij Gorinchem slingert hij helemaal door Gelderland. Maar juist bij dat puntje is het prima fietsen.

Vraag liefhebbers van het Lingegebied waar en wanneer de rivier het mooist is en je zult steevast horen: overal en in elk seizoen. Want in het voorjaar wordt de rivier omzoomd door een pracht aan bloesem, die de opmaat geven naar de fruitoogst van de Betuwe. En in het najaar en de winter voeden flarden mist het Hollandse sentiment. Maar de Linge is vooral in de zomermaanden onweerstaanbaar voor de fietser. Zelfs al volg je hem maar voor een deel. En de Linge vanaf een van de rivierdijken overziend denk je bijna als vanzelfsprekend aan dichter Hendrik Marsman en zijn befaamde ’Herinnering aan Holland’.

Met zijn 108 kilometer lengte heet de Linge – we stellen het maar voorzichtig – de langste puur Nederlandse rivier te zijn. Op dat kleine puntje bij Gorinchem na is hij in elk geval heel Gelders. Beginnend in Doornenburg bij Nijmegen als uitlaat van het Pannerdensch Kanaal en in Gorinchem uitmondend in de Merwede. Daar aan de westkant is ook een van de weinige plekken waar vier provincies van Nederland elkaar helemaal of bijna raken. Hier, in het zuiden van de Zuid-Hollandse Alblasserwaard ligt in noordelijke richting Utrecht binnen oogbereik, in het oosten Gelderland en in het zuiden Noord-Brabant. Niet voor niks is het gebied eeuwenlang van groot strategisch belang geweest en een gewilde prooi in de strijd tussen Holland en Gelre.

Gorinchem bestaat als nederzetting al meer dan duizend jaar en het heeft sinds 1382 stadsrechten. Het is een handelsstad en een garnizoensstad en bovenal een vestingstad, die de wapenspreuk Fortes Creantur Fortubus draagt: sterken brengen sterken voort. Met zijn historische rijkdom is Gorinchem zeker een paar stadswandelingen waard, maar vandaag is het ’slechts’ fietsstartplaats. De eerste kilometers voeren wel langs water, maar de strakke uitvoering duidt op mensenhand; het is het Merwedekanaal. Wat verder naar rechts slingert de Linge zich naar Arkel. Daar aan de dijk staat een popperig protestants koepelkerkje. Op de plek is door een van de medewerkers van Willibrord in 641 al een kapel neergezet voor de net ontheidenste Germanen.

De brug over richting Rietveld en het echte zwerven langs de rivier kan beginnen. Hij ligt rechts onderaan de dijk te blinken in de zomerzon. Links aan de dijk hebben bemiddelde Arkelaren hun prachtige landhuizen neergezet. De dijk voert naar Kedichem, bij politiek geinteresseerden vooral bekend van de matpartij in de jaren tachtig tussen leden van de Centrumpartij van Hans Janmaat en hun tegenstanders. Dit deel van de Linge is vooral in trek bij spelevaarders. Op dat enkele binnenschip na, dat net vandaag passeert, zie je vooral plezierjachtjes en kano’s in het water dobberen.

Leerdam wordt in één adem genoemd met glas. Ook vandaag drommen de belangstellenden naar het glasmuseum. En even later doemen links langs de dijk de gebouwen op waar Royal Leerdam kristal vervaardigt.

Het laatste stukje Zuid-Holland voert langs mooi onderhouden boerderijen naar Schoonrewoerd. Hier ligt, acht meter diep, het Wiel van Bassa, een van de grootste kolken van Nederland. Het is ontstaan na een dijkdoorbraak in 1573 en fungeert in de zomermaanden vooral als recreatieplas. Op de Diefdijk naar het zuiden zitten we op de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Daar zijn ook Fort Asperen, een torenfort van 33 meter doorsnee en met muren van anderhalve meter dikte en het stadje Asperen zelf onderdeel van. Van ver wordt het beeld van Asperen al bepaald door de imposante Kempisch-gothische hervormde kerk. Eens was het een rijk gedecoreerde Sint Catharinakerk, maar beeldenstormers hebben de inhoud volledig gesloopt.

We rijden inmiddels door de Gelderse Tielerwaard naar de Waal. De rust wordt al snel verstoord door het geraas van de snelweg A15 en de evenwijdig benutte Betuwelijn, waar ook net een goederentrein richting Duitsland dendert. Maar al gauw is de bewondering terug, want aan de ene kant van de glinsterende Waal treffen we het verdedigingsfort Vuren en, warempel, daar aan de overkant is het robuuste Slot Loevestein. En de Noord-Brabantse vestingstad Woudrichem met zijn befaamde ’Mosterdpot’-toren. ’Marsman’ speelt weer door ons hoofd en terwijl we in het dijkdorp Dalem – Zuid-Holland alweer – een blik werpen op het piepkleine zaalkerkje zien we in de verte de geknakte Grote Toren tegen de lucht afsteken en weten we ons terug in Gorinchem.

(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden