DE LICHAAMSTAAL VAN FRITS BOLKESTEIN

“De Bolkestein-lach is een echte lach. Zijn ogen lachen mee, kraaienpootjes tekenen zich af. Een zenuwachtige lach had zich alleen in mondbewegingen geuit.” Frits Bolkestein krijgt voor zijn nonverbale gedrag een dikke voldoende van Aldert Vrij, psycholoog aan de Universiteit van Portsmouth.

De gulle lach van Bolkestein is oprecht, maar betrekkelijk zeldzaam - dat wil zeggen: hij laat hem maar weinig zien. “In het begin van zijn politieke loopbaan”, zegt sociaal psycholoog Akko Kalma van de Universiteit Utrecht, “ging het lachen hem moeizaam af. Hij deed me denken aan Richard Nixon. Als die lachte, dacht ik: jeetje, wat doet die man zichzelf een geweld aan. Bolkestein had dat ook. Maar ik moet zeggen: het trekt bij. Nu en dan toont hij die spontane lach.” Met wel steeds een abrupt einde, constateert psycholoog Cas Schaap van de Katholieke universiteit Nijmegen. “Zijn lach besterft heel snel, wat toch doet denken aan een beleefdheidslachje.”

Zijn glimlach is nog steeds gekunsteld. Kalma: “Dan lacht hij met de mondhoeken een beetje naar beneden. Zijn bovenlip trekt hij strak over zijn boventanden. Die komen dan ook nauwelijks bloot te liggen. Zijn ondertanden wél. Het maakt een vervaarlijke indruk: oppassen met mij, of ik bijt je.”

Bolkestein verdedigt niet, hij valt áán, zegt Dick Springorum, taalkundige in Nijmegen. “Hij poneert een stelling die hij kracht bijzet met die zware wenkbrauwen en die smalle, scherpe mond. De wenkbrauwen gaan omhoog, de lippen sluiten zich ferm na iedere uitspraak. 'Ik mag dit toch wel zeggen in dit land?' Dát straalt hij uit. Dat branie-achtige wordt nog versterkt door die geaffecteerde stem.”

Het is een vrij scherpe stem, zegt Kalma, die soms wat verongelijkt klinkt. En waarmee hij handig enkele gebreken maskeert. “Die stem leidt bijvoorbeeld de aandacht af van het verschijnsel dat hij 'kralen rijgt' als hij praat: aan het einde van zijn statements gaat de intonatie steeds omhoog. Hij zal vast van zijn mediatrainers te horen hebben gekregen dat dit niet prettig overkomt. Door de andere eigenschappen van zijn stem valt het echter niet zo erg op.”

Vrij: “Voor de oppervlakkige luisteraar klinken zijn zinnen goed. Maar wie goed oplet, merkt dat de zinnen grammaticaal niet kloppen. Curieus is overigens dat hij beter begint te formuleren naarmate hij bozer is. Als hij zich opwindt, komt hij beter uit zijn woorden. De meeste mensen beginnen dan juist te hakkelen.”

Is Bolkestein eenmaal op dreef, dan is er geen houden meer aan. Hem onderbreken is nauwelijks mogelijk. Wie het toch probeert, levert onvermijdelijk punten in. Vrij: “Anderen maken korte opmerkingen tegen hem, maar hij maakt ze niet terug. Hij laat zich niet opjutten. Dat duidt erop dat hij het gesprek domineert. Hij antwoordt óf heel kort in een bijzin, óf hij begint aan een zin met 'maar', alsof hij een tegenstelling wil aangeven. Maar die tegenstelling komt helemaal niet, hij gaat gewoon door met zijn verhaal totdat het af is. In ruil zal hij ook anderen zelden onderbreken. Bolkestein luistert, óf Bolkestein is aan het woord.”

Springorum: “Zijn discussie-gedrag is voorbeeldig. Hij kent de regels van het spel. Dat geeft hem automatisch gezag.”

Bolkestein is voor de duvel niet bang, oogt als één brok onverzettelijkheid. Zijn forse postuur helpt daarbij. Bolkestein zit kaarsrecht, de voeten naast elkaar op de vloer, de handen op de stoelleuning en soms zelfs plat op tafel, met de palmen naar beneden. Dat laatste zie je uiterst zelden, zegt Vrij. Friemelen aan hoofd of ledematen doet Bolkestein niet, gelukkig maar: 'auto-manipulatie' wordt als zeer negatief beoordeeld. Vrij: “Soms verschuift hij zijn benen, een teken van irritatie.” Kalma: “Regelmatig kijkt hij van onder zijn wenkbrauwen vandaan. Terwijl de tegengestelde houding - de kin niet ingetrokken maar juist vooruit - een teken van zelfvertrouwen is.”

Een Bolkestein die van zijn stuk wordt gebracht is een zeldzame attractie voor psychologen. Vrij beschrijft een momentopname in een televisie-interview: “Hij begon met zijn linkermondhoek te trekken. Ook met zijn wenkbrauwen deed hij iets. Hij begon te hakkelen, keek ietwat naar beneden, weg van zijn gesprekspartner. Met zijn rechterhand maakte hij een geïrriteerde beweging, daarna trok hij een denkbeeldige lijn op tafel. Alsof hij de woorden uit zichzelf wilde trekken.” Het incident deed zich voor toen Bolkestein in het nauw werd gedreven over het aantal politieagenten dat de VVD erbij wil. Duidelijk niet zijn favoriete thema. Vrij: “Als hij een onderwerp leuk vindt, gaat hij nóg meer rechtop zitten, keert de glimlach terug en wordt hij beweeglijker.”

En bewegen oogt relaxed. Maar: “Zijn hoofd beweegt niet los van zijn romp”, constateert Schaap. “Dat kan duiden op spanning. Zoals zijn gelaat ook betrekkelijk weinig expressie vertoont. Maar het is ook mogelijk dat hij een lage base-rate heeft: dat hij van nature een vrij rigide gezicht heeft. Om dat te kunnen beoordelen zou je hem eigenlijk in een onbewaakt moment in een voor hem ontspannen pose moeten zien.”

Bolkestein beweegt echter niet vaak. Dat is niet vreemd, zegt Kalma, want misschien kán hij het helemaal niet. “Het is te merken dat hij in het verleden, bijvoorbeeld in zijn tijd bij Shell, veelvuldig in hogere kringen heeft verkeerd. Als ondergeschikte, welteverstaan. Mensen van hoge status permitteren zich af te wijken van een symmetrische zithouding. Onderzoek laat zien dat secretaresses doorgaans kaarsrecht zitten, met de voeten keurig naast elkaar, terwijl de baas onderuit is gezakt. Het is mogelijk dat die rechte houding van Bolkestein een erfenis is uit zijn verleden, toen hij nog wat lager op de maatschappelijke ladder stond.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden