De les voor al die voetballers die met zichzelf bezig zijn

Je lacht", zei Tom Egbers aan het eind van zijn vraaggesprekje met Gregory van der Wiel. "Godzijdank."

Van der Wiel was reserve geweest bij Paris Saint-Germain en na het gewonnen gevecht met Chelsea had Egbers, geen man van de confrontatie, hem er met enige tegenzin naar gevraagd. De speler was door zijn trainer niet uitgelegd waarom hij niet had mogen meedoen. Desgevraagd zei hij afgemeten dat hij blij was voor zijn ploeggenoten, die een heroïsche zege hadden geboekt, maar zoals hij was gepasseerd, dat hoorde niet, vond Van der Wiel - 27 jaar alweer, en nog altijd geen onomstreden rechtsback.

Egbers zat ermee. "Misschien in de kwartfinale dan, Greg", zei hij - en toen lachte Greg. Hij vond het niet merkbaar vreemd dat de NOS-voorman daarvoor de Here dankzegde.

Vorige week dromden verslaggevers om Memphis Depay heen. Het grootste talent van Nederland had gescoord, tegen Go Ahead Eagles, en dat was alweer een tijdje geleden geweest. De aanvaller van PSV stelde zich mokkend op. De kritiek van de voorgaande weken deelde hij 'een klein beetje', zei hij, maar er had ook 'negativiteit' bijgezeten - negativiteit waar hij, zo liet de 21-jarige weten, niets mee kon.

Verslaggever Paul Post van Omroep Brabant wees Depay er 'als man op leeftijd' op dat hij de kritiek ook als een compliment kon zien: van hem wordt veel verwacht, en zo wordt hij beoordeeld. De spijker op zijn kop, en toch ook knielend: de speler werd alweer groter, de speler die tegen een degradatiekandidaat weer eens een doelpuntje had gemaakt.

Spelersinterviewtjes zijn er om de schouders over op te halen, maar niet die waaruit blijkt hoezeer voetballers, veel voetballers, steeds meer voetballers met zichzelf bezig zijn. Dat is natuurlijk niets nieuws meer. Het is de maatschappij, zeggen we dan. Kijk op de amateurvelden om u heen en zie hoe de teamsport al in de imiterende jeugd geweld wordt aangedaan, hoe weinig vanzelfsprekend samenspel nog is.

Ajacied Anwar El Ghazi zei zondag dat hij nu eenmaal altijd beslissend kan zijn. Hij had gescoord tegen Excelsior. Frank Snoeks vroeg of dat zelfvertrouwen is. "Nee", zei de 19-jarige, "dat is een instinct dat altijd bij mij in het pakket zit."

Hier schuurde niet alleen dat pakket. Frank Snoeks hoort niet te interviewen, hij hoort een tiener niet te vragen naar zijn zelfvertrouwen - om te moeten horen dat het dat helemaal niet is, maar een instinct.

Snoeks moet zeggen hoe het zit. Hoe goed hij dat kan, toonde hij woensdag, kalm uitblinkend op de hete avond van Chelsea-Paris Saint-Germain.

De commentator voelde aan hoe de verdedigers de macht grepen en eerde Thiago Silva en David Luiz daarvoor. Hier triomfeerden binnen de winnende ploeg teamgeest en onbreekbare vechtlust over onbeteugeld individualisme (de al vroeg weggestuurde Ibrahimovic) en Snoeks duidde de wending haarfijn ('Dit is geen avond voor dansers', over de Chelsea-pingelaar Hazard). Zijn commentaar was een les in de waarden van een teamsport - voor Van der Wiel, voor Depay, voor El Ghazi, voor al die anderen.

Trainers als Frank de Boer en Phillip Cocu kunnen niet meer zo streng zijn als ze ooit voor zichzelf waren. PSV-directeur Toon Gerbrands denkt met geforceerd ruime blik mee met de jeugd. De omstandigheden en trainingseisen zijn onvergelijkbaar, zegt hij - alsof de beste spelers van vroeger met de huidige methodieken én hun oog voor elkaar nu dan niet nog beter geweest zouden zijn.

Nee, dan is het maar aan ons oudere mannen om te blijven zeggen waar het op staat - en vooral de Here erbuiten te laten, als een rechtsback eens wordt gepasseerd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden